Opbouw

Deze week keek ik met een eerste klas de film Paddington, over het schattige beertje, en daarin is een bijrol voor Mr Curry, de glurende en zurende buurman – zo iemand als ik zelf soms vrees te worden.

Zo was daar donderdag ineens de opbouw. Vanaf de tweede etage kijken wij uit over de Bomenbuurt, de Planetenbuurt en dan immer geradeaus. Tot donderdag, toen stak daar ineens een houten staketsel boven de andere daken uit. Het was het begin van iets, de buurt mocht weten wat. Het zinde mij niet.

.

opbouw2

.

Toen ik later naar buiten moest, hield ik stil om een foto te maken. Onder het houten geraamte stond een man met een baard.

.

opbouwer

.

“Moet ik even glimlachen?” riep hij, niet overdreven vriendelijk.
“Nee maar als u die baard afscheert komt het de foto beslist ten goede” zei ik niet. [Ik liet voorzichtig doorschemeren dat zijn project voor mij als een verrassing kwam]
“Ik doe dit in opdracht,” riep de man.
“Gelukkig maar,” antwoordde ik niet. “Want anders zouden die mensen raar opkijken als ze thuiskwamen en hun huis ineens een opbouw had.”
[De bewoners van het pand ken ik overigens niet]
De bouwman vroeg waar ik woonde (d.w.z. vroeg zich af waar ik me mee bemoeide) en voegde er ongevraagd aan toe dat de tekeningen op het gemeentehuis lagen, met alle benodigde stempels.
“Wat onhandig nou,” zei ik niet. “Je zou denken dat uw opdrachtgevers zelf ook nog wel ergens een kopietje hadden. Overigens, het scheelt mij zo’n 5m x 2m x 7km = 70.000 m³ uitzicht.”

Voor die laatste som sta ik niet helemaal in. Niettemin, het zit me niet lekker. Later vroeg ik aan de Buurvrouw die mijn voornaamste bron is voor het ultralokale nieuws of zij weet had gehad van de bouwplannen. Die opbouw komt namelijk schuin boven haar tuin. Nee, Lieke?/Stientje?/Liedewijn? had niemand gekend in haar voornemen. Ze had stiekempjes de bouwvergunning aangevraagd en ineens stond die baard op het dak.

Ik vraag mij ondertussen af hoeveel Curry / Kerrie er in mij zit (en of het vroeger minder was).

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Bits and bobs

Oftewel ditjes en datjes. Zo werd ik heel attent geattendeerd op een stukje in Trouw over ‘internetsensatie’ Co de Roodt. Verantwoordelijk voor de ontregeling van het openbare leven begin deze week.

.

Coderoodt

.

Co de Roodt bestaat echt, staat er. Dit in tegenstelling tot mijn geesteskind Ko de Roo, door mij opgevoerd als aanstichter van al het sneeuwverwant onheil maandag. Nul reacties van de Verzamelde Raarlemmers, dus nah… Zeker een beetje flauw stukje, concludeerde ik (de lezer heeft altijd gelijk). Maar nu mijn Ko een zus blijkt te hebben, heb ik toch nog plezier van hem.

De humor ligt op straat, en schoonheid soms ook. In zo’n bussleuf tussen de perrons op station Haarlem zag ik een uitgewalst aluminium bakje voor afhaalvoer [even vergroten s.v.p.] Leve de pletterij!

,

afhaalkunst3

.

Het was een soort chip geworden, dankzij de banden van de superbussen. Zou het trouwens kunnen dat de chauffeurs hun rijstijl hebben aangepast aan de gestegen status? Of hebben ze nieuwe instructies? In IJmuiden waren drie ernstige ongevallen in korte tijd. Onze bestuurder van lijn 81 claxonneerde er driftig op los in de stad en toen hij de Zeeweg had bereikt, leek hij een poging te doen de geluidsbarrière te breken.

In het Kraansvlak verrichtten de elementen wonderen. Het mos fluoresceerde en de duinmeertjes hadden nieuw blauwsel. We zagen een regenboog en ik verblijdde de huisdichteres door een halve haiku van haar te citeren toen ik deze restsneeuw zag:

.

ijstijdhaiku

. 

Een klein stukje ijs
verscholen in het helmgras
liefs uit de ijstijd

Zagen we wisenten? Ja, in de verte, dankzij een tip van twee boswachters op een duintop. We maakten een praatje, loofden het gebied. Alleen die herrie van het circuit… Hadden wij nou domweg pech dat onze komst vaak samenviel met lawaaidagen? Lawaaidagen? Dit waren geen Lawaaidagen. Dit was alleen lawaai, zoals dagelijks te horen. (Voor mijn opvattingen over het circuit zie Tarzanbocht)

.

zonblauwgrijs

.

Toen barstte er een fikse regenbui los en gingen we verder richting Zandvoort. De wolken woelden herinneringen aan Orkney bij ons los (zie Regenschijn). Het strand was maar een meter of dertig breed en de branding zag er hongerig uit. Thalassa had verrukkelijke vissoep en… Voor een mini-vakantie van 3 uur hadden we ons niks beters kunnen wensen.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Gecryft!

Alle bezwaren van erkende über-Haarlemmers en klinkerknuffelaars tegen het asfalteren van de Dreef zijn verpulverd. Gecryft!

Ze mogen weliswaar nog even doorsikkemaren – de verantwoordelijk wethouder wil zo nodig nog wel ‘in gesprek’ met Haverkorn cum suis, maar daar zal toch meer een vorm van nazorg zijn dan een laatste kans om haar van mening te doen veranderen.

Heeft Cryfkes onverzettelijkheid te maken met de plotselinge verschijning van de superbus in het straatbeeld? We waren er misschien geestelijk beter op voorbereid geweest als we de Connexxion-posters (hier nog zonder Fred Teeven) serieus hadden genomen.

.

futureconnexxion2

.

‘Loop niet onder een bus was altijd al een behartenswaardig advies, maar de gevaartes van R-Net die sinds gisteren door de stad trekken nopen tot extra voorzichtigheid. Kijk dit is er een.

,

halvebus

.

Herstel, dit is een halve. De hele ziet er zo uit – let op het geknakte dak.

.

langconnexxion

.

Hoe de chauffeurs die in de enge uitsparing tussen de perrons manoeuvreren is een mirakel. De nieuwe bussen (die met een hoge frequentie naar de Bijlmer rijden zijn 21 meter. De voorste passagiers arriveren bij het Verwulft als de achterste nog op het vertrek wachten bij het station!

En omdat het uit de lengte of de hoogte moet komen, zijn er ineens ook dubbeldekkers. Strak, glimmend en waag het niet daar nog even voorlangs te glippen met een Twingo of een Fiat Panda. Je wordt verfrommeld als een kartonnen eierdoosje.

.

R-Netdubbeldekker

.

RNet

.

Het einde van de boemelbus lijkt nabij. Bij Connexxion mag je sinds 10 december niet meer contant betalen: ‘Dat is sneller, makkelijker en veiliger’, roepen ze om de vijf minuten behaagziek om. Geen teutende oude dametjes meer in de future! Overigens moet ik bekennen dat ik de afgelopen week dankbaar gebruik heb gemaakt van lijn 385, die mij zonder mankeren en glibberen naar mijn werk bracht. Ja, ik heb gemopperd over dat nieuwe traject (en daar heb ik geen spijt van), maar nu het er eenmaal ligt maak ik er dankbaar gebruik van.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Tarzanbocht

Straatjournaal december ‘17

Werd Max met de helm geboren? Het gerucht gaat, maar zeker is dat vader Jos de eerste kinderwagen van zijn zoon al voor de geboorte had uitgerust met regenbanden en een knalpijp. Zijn eerste knuffel was een pluchen pitpoes en de Bambix werd al vroeg aangelengd met Red Bull. Max’ eerste woordje? TAR-ZAN-BOCHT! En daarna is het hard gegaan – letterlijk en figuurlijk.

Aanvankelijk waren er diverse tegenslagen en teleurstellingen. In zijn geboorteplaats Maaseik (België) maakte Max als 3-jarige zijn racedebuut in een trapauto van Bart Smit, waarbij hij in de laatste bocht door een onbesuisde inhaalmanoeuvre in de strobalen belandde. Karakteristieke overmoed? Onervarenheid? Max keek met betraand gezicht toe hoe zijn grootste rivaal, Rogier de Gasgever het podium triomfantelijk met een magnum Jip en Janneke-champagne besproeide. “Hij moet leren tot de finish het koppie erbij te houden” grauwde vader Jos. “Hopelijk kan hij hiermee dealen. En vanavond geen Sesamstraat natuurlijk.”

Drie weken later, in het naburige Gapenhoven, ging het wederom mis met Max, ditmaal door materiaalpech. De crankspie van de linker trapper begaf het en de bejaarde mecanicien Ludo de Sleutelaere was door opspelende jicht niet snel genoeg ter plekke om het euvel te verhelpen. Verstappen père destijds, net niet overstemd door een onbedaarlijk snikkende Max (die Bert & Ernie wederom aan zich voorbij zag gaan): “We hebben ons team nog niet rond – kwestie van sponsorgeld. Kijk naar Max zijn kruippakje en je ziet plekken zonder reclame. Dat zegt genoeg…” Later dat seizoen vielen alle stukjes van de puzzel alsnog op hun plek. Grote concurrent Wannes Rousdou werd in de chicane brutaal voorbijgestoken, waarna Max de eerste positie niet meer uit handen gaf.

Karten was een logische volgende stap. “Max is er als zevenjarige rijp voor,” sprak Jos. Bij zijn eerste wedstrijd werd het knulletje door de jury nog gediskwalificeerd wegens duimzuigen. De volgende 356 kartraces won hij.

Waarna geschiedde wat de kenners al hadden zien aankomen: ook in de Formule 1 staat er geen maat op Max. Inmiddels heeft de 20-jarige drie Grand Prix-overwinningen op zak en elke Nederlander die weleens in de file heeft gestaan, volgt iedere wielomwenteling. Want is het niet prachtig om, als je zelf net een uur hebt staan kniezen bij knooppunt Rottepolderplein, via de boordcamera mee te beleven hoe onze nationale coureur in Brazilië in een soort onderwaterrace tussen zijn rivalen door slalomt en bij die waanzinnige inhaalrace niet wordt geflitst? Bij de fandagen in Zandvoort kwamen vorig jaar 100.000 Max-maniakken opdagen om hun idool toe te juichen. Wir leben Max!

Onlangs verscheen Bernhard van Oranje in het journaal, zoon van prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, ons nationale geweten als het gaat om risicomanagement en verkeersveiligheid. En die Bernhard (zelf snelheidsduivel) presenteerde glunderend een haalbaarheidsonderzoek naar de terugkeer van het Formule 1-circus naar Zandvoort. En jawel! Het kon!! Binnen een paar jaar!!! Mits er een slordige 30 miljoen wordt opgehoest door overheid en bedrijfsleven, staat het licht op groen. En gelukkig, burgemeester Nick Meijer kent in zijn dorp maar ‘vijf of tien mensen’ die tegen zijn.

Lees: zuurpruimen en azijnpissers. Vreugdeloze types als ik, die anderen het licht in de ogen niet gunnen en de teringherrie in hun oren. Die miepen als ze op ‘geluidsdagen’ door Middenduin of het Kraansvlak lopen en er kilometers verderop iemand met een zwart-wit geblokte vlag zwaait, waarna motorengebulder en -geknetter urenlang de stilte verdrijven. Die dan tegen elkaar zeggen, kan er niet eens een haalbaarheidsonderzoek komen? Wat zijn de kosten en de baten als we dat helse circuit teruggeven aan de natuur?

,

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Die Ko!

Ko de Roo! Ko de Roo! Ko de Roo was vandaag de held van de dag. Neem Ko de Roo op de schouders en rijd hem rond in een open landauer over de bevroren wegen!

Die Ko toch! Het gonsde door de school en even later kwam de rector het bevestigen: iedereen de laatste twee uur vrij. Overmacht. Ze konden niet anders. En het kwam door Ko de Roo! Geef Ko een lintje. Over de sneeuwpracht had niemand het meer. Het was Ko de Roo voor en Ko de Roo na. Vergeleken bij hem zijn Ko Dranje en Ko de Geel echt kansloze sukkels. Ko de Roo for president!

.

stalling

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Gewit

Noem mij een ontaarde Haarlemmer, maar het is mij nooit gelukt een hekel te krijgen aan Graziella Curreli’s standbeeld van Kenau & Ripperda (zie hier voor de voorgeschiedenis).

Vandaag in de sneeuw, de allestransformerende sneeuw, zag het bepoederde heldenpaar er net weer even anders uit. Bijna onverzettelijk!

,

ripperdawit

.

En een half uur later, nog steeds niet verzet, in het licht van de oliebollenkraam:

.

kenauwit

.

Het was of we lang op de sneeuw hadden gewacht. En dat gold zeker voor deze twee gretige geweldenaars op de Westelijke Randweg, die alleen buiten mogen spelen als het glad is. De rest van het jaar staan ze binnen te dromen van geïsoleerde dorpen, blizzards en een Nieuwe IJstijd.

.

sneeuwploeg1

.

sneeuwploeg2

.

Dat heeft ons mooie land allemaal paraat staan, ten dienste van degenen die tegen iedere prijs snel weer over willen tot de orde van de dag, zonder slipgevaar. En voor de anderen bleef er nog genoeg ongepekelds over.

.

witblad

.

En het RaDa zou het RaDa niet zijn als het niet afsloot met de onder alle omstandigheden fotogenieke Schotersingel.

schotersingel

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Voor De Mol

Een vriendenploeg wil ik het niet noemen. Het zijn drie goede vrienden van me en samen gingen we eerst naar Pyke Koch in het Centraal Museum in Utrecht en daarna was er een late lunch – visgerechten, witte wijn en genoeglijk bijpraten.

Het gesprek vlinderde van Koch naar Couperus, van privédomein naar publieke sector en van gedeelde pleziertjes naar geniepige ergernissen. Zo waren daar, in de keuken van een van ons, de wormstekige stoelen. De zwakste had het anderhalf jaar geleden begeven, zijn krakkemikkige kompanen stonden er nog, maar hadden al lang vervangen moeten zijn. Wij wezen onze vriend minzaam op het bestaan van antiquairs, interieurzaken, woonpaleizen en meubelboulevards. Wat lette hem?

De sta-in-de-weg bleek zijn vrouw, die niet kon kiezen. Een vrouw die niet kon kiezen???????????? Een eruptie van warm begrip en diepgevoelde herkenning deed de ruiten van het restaurant à la minute beslaan.

.

Pykeswijven

.

We hadden alledrie ook zo’n vrouw die leed aan acute verlamming zodra er een keuze gemaakt moest worden. Zullen we een keer met z’n achten gaan winkelen, riep ik jolig.

Het plan werd uitgewerkt. Misschien dat de eega’s in combinatie met een andere winkelpartner meer besluitvaardigheid / minder besluiteloosheid zouden tonen? Of dat de mannen bij een ander meer geduld en inlevingsvermogen opbrachten? Elk stel diende vooraf een verlanglijstje mee te nemen (keukenstoelen, winterjas, staande schemerlamp, kruidenrekje) en een notitieblaadje met het besteedbare bedrag, kwaliteitseisen en een foto van de entourage. Daarna werden er lootjes getrokken en dan…

Een gouden formule voor een reality show. John de Mol jr.! Doe er iets mee!

.

langenacker

.

P.S. Vandaag in het HD een interview van Annalaura Molducci met scheidend PvdA-wethouder Joyce Langenacker, die burgemeester van Ouder-Amstel wordt. Dat lijkt me nou een vrouw met wie het goed winkelen is: efficiënt, praktisch, nuchter, bereid de zaken ook van een andere kant te beschouwen. Voor Joyce geen impulsaankopen of onvervulbare dromen. Het RaDa wenst haar een goede loopbaan toe.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Lokgeld

Een kennis had een gokje gewaagd met een Bitcoinoïde betaalmiddel, vertrouwde hij me wat lacherig toe. Hij had één zo’n munt (een quickbuck, megadime, schijntje, goldex?) aangekocht voor €500 en in twee dagen was de koers met €150 gestegen. Het viel hem moeilijk om het grafiekje langer dan een kwartier te negeren en het niet door te trekken naar een aanstaand miljonairschap.

.

snelgeld

.

Laat de kerstpakketten eens zitten dit jaar, was ik van plan tegen mijn directeur te zeggen. Koop voor het hele personeel één lifechanger / winwin / skydiamond / plofpiek. Doet wonderen voor de saamhorigheid: met z’n allen volgen we onze investering; een dagelijkse dosis vitamine $ voor het hele team. En als de cryptoballon onverhoopt barst, vallen we ontgoocheld in elkaars armen. Smart, maar gedeelde smart.

.

begeergeld

.

Alleen, mijn directeur is een prudent man. En vandaag las ik dat virtuele zakkenrollers sluw hebben toegeslagen. De site van Nicehash is gehackt en er is voor €50.000.000 aan bitcoins verdonkeremaand. Duimpje omhoog, dacht ik onwillekeurig, want de hackers staan hier thuis momenteel hoog in aanzien. De huisdichteres en ik (geen binge watchers/serieschransers) zitten vast aan Mr. Robot, met een sociaal gestoorde hoofdpersoon die al in seizoen 1 het kapitalistische systeem ontwricht. Ademloos kijken we toe als vloedgolven commando’s en data over het scherm van het eenzame genie spoelen.

.

Malekrami

.

Deze Eliot onderdrukt zijn angststoornissen en paniekaanvallen met de nodige drugs, drugs met de nodige bijwerkingen. Een capuchon beschermt zijn getroebleerde hoofd tegen de grote, boze, analoge buitenwereld. Vandaag was ik even in Amsterdam en ineens zag ik ze overal: rusteloze, schuwe gebruikers met wallen onder hun ogen, gevangen in hun eigen wereld. Of was de overstap van Downton Abbey voor mij te snel en begin ik nu zelf te hallucineren?

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Slipstreamen

De nacht was niet lang genoeg geweest om allerlei schoolmuizenissen uit mijn hoofd te verjagen; het kussen niet zacht genoeg om de door onmatige en dwangmatige correctiewerkzaamheden verkrampte schouderspieren weer los te masseren.

Bij het betreden van de huiskamer knipte ik de lamp aan. Knip. Knap! Kapot. Ik stond weer in het schemerduister. De dag/week/maand begon weer goed. Dat het niet regende was een regiefoutje. Wel was mijn versnelling in het ongerede geraakt – hij pakte de drie niet meer. Onderweg vond ik moeiteloos van alles om me sappel over te maken. Oude wrevel, chronische ergernissen, een veelbelovend jong conflictje en de tijdgeest zat ook niet mee de laatste tien jaar.

Op de Velserenderlaan liep ik, hoewel ik niet bepaald over het asfalt speerde, langzaam in op een onooglijk autootje. Met een stijf vaantje. Het maakte deel uit van een lijkstoet van maar vijf wagens, ongetwijfeld op weg naar Crematorium Westerveld. Ik kon er (met wat geluk) rechts langs en stevig doortrappen. Of anders, ambitieuzer, het hele filetje in een keer links inhalen. Of…

Ik toomde me in. Eerbied! Anderhalve kilometer volgde ik de rouwauto’s op korte afstand, alsof ik de enige niet gemotoriseerde nabestaande was. Slipstreamen achter de dood, dat zouden jullie ook eens moeten doen. Aan het eind van de Duin en Kruidbergerweg scheidden onze wegen, maar toen had ik me allang weer met het leven verzoend.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Vragen en regels

In het tentje hier in de buurt waar ik graag de dag tot leven wek met twee koppen sterke koffie, hebben een stewardess en een ex-stewardess elkaar gevonden. Hoewel, gevonden?

Ze staan op vijf meter van elkaar aan de balie. Over mijn hoofd vliegt een zure dialoog over passagiers die zich niet weten te gedragen en maling hebben aan ‘regels’ en voorschriften.

Ze hebben gelijk, ongetwijfeld, maar ondertussen lees ik een boek over andere geüniformeerden en andere reizigers. Tell me how it ends van Valeria Luiselli is ‘an essay in forty questions’. Het zijn de veertig standaardvragen die zij als tolk geacht wordt door te nemen met Spaanssprekende kinderen die zich moeten melden bij een New Yorks gerechtshof voor immigranten ‘zonder reisdocumenten’. ‘Vertel me hoe het afloopt‘ is een vraag die Luiselli’s dochter stelt als haar moeder iets loslaat over de geschiedenissen van die vluchtelingen.

.

valeria

.

Ik ben pas op de helft van de 117 pagina’s; het is zo’n boek dat zich niet snel laat lezen, omdat dat oneerbiedig zou voelen – tegenover de schrijfster met haar bedachtzame stijl en tegenover die kinderen, wier trieste verhalen over misbruik en mishandeling routineus worden vermalen door de instanties die zich met hen bezighouden.

Luiselli weet dat er geen simpele oplossingen zijn: The whole thing is a mess, a puzzle impossible to piece together using common sense and logic. But this much is clear: until all the governments involved – the American, Mexican, Salvadoran, Honduran and Guatamalan governments, at least – acknowledge their shared accountability in the roots and causes of the children’s exodus, solutions to the crisis will be impossible.

Het boek gaat over de stilzwijgende, hardvochtige aannames achter de ’40 vragen’ op het formulier en over de onmogelijkheid die te beantwoorden, tolk of geen tolk. Veel kinderen worden op de tocht uit Mexico begeleid door een zogenaamde coyote, een betaalde gids. Dat is een van de misverstanden in het gesprekje met deze vijf- en zevenjarige meisjes uit Guatemala (hun moeder mocht er niet bij aanwezig zijn).

Why did you come to the United States?
I don’t know.
How did you travel here?
A man brought us..
A coyote?
No, a man.
Was he nice to you?
Yes, he was nice, I think.
And where did you cross the border?
I don’t know.
Texas? Arizona?
Yes! Texas Arizona.

Hoeveel inlevingsvermogen kun je verwachten van beambtes in opvangcentra die jaarlijks duizenden kinderen zien langskomen, of van de mannen van de grenspatrouilles? Toch was ik geschokt toen ik las over rancuneuze begroetingen als ‘Speak English! You’re in America now.’

Dit was in 2014, nog ten tijde van Obama. Onder Trump zijn de omgangsvormen vast niet verbeterd. Als er al lichtpuntjes zijn, moeten die gezocht worden bij mensen als Valeria Luiselli, die het op kunnen brengen al die ellende op te tekenen.

P.S. Nieuwsgierig geworden naar Luiselli, keek ik naar haar andere werk. Ahum… The Story of my Teeth moet nog maar even wachten – het was voor mij een week van geboord, gevijld en gevuld worden, met nare napijn in de wortelkanalen en wijde omgeving. Als het voorbij is, komt er misschien een nieuwe RaDa-categorie ‘Bij de tandarts’ – hebben jullie vast iets om naar uit te kijken.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.