The stones remain

Ooit plaatste ik hier een foto en de lezers mochten raden wat/waar het was. Geen Kunst heette dat stukje en het antwoord (vrijwel ogenblikkelijk geraden) was een marmerplaat bij Swaalf. De firma reageerde zelf ook, met de welkome aanvulling dat het rose marmer afkomstig was uit Vila Vicosa, in Portugal. 

Ik loop regelmatig over de Korte Verspronckweg. ‘Mijn steen’ staat er nog, maar deze week werd hij aan het oog onttrokken door een ander pronkstuk, eveneens met een link naar een oud RaDa-stukje, Stadsfossielen. Tot nu toe is het er niet van gekomen om navraag te doen naar de herkomst, maar jee… hij is zo intrigerend dat ik ‘m vast publiceer. De foto is niet je dat, want over het hek genomen.

fossielen

Dat rose is de steen van de prijsvraag, mijn nieuwe vondst staat er voor. Fossielenoorlog, fossielenballet – hoe noem je zoiets?

mikrofossiel

In Schotland (waar ik het eigenlijk niet meer over zou hebben, maar ja…) kwamen we aan de oever van de Annan langs een vervallen kerkhofje. De compromisloze zerken maakten ons eerst wat huiverig, maar er was een toegangshek, en een informatiebord. Daar lazen we dat de plaats sinds de zevende eeuw wordt geassocieerd met St. Kentigern of Munro. Er waren restanten zichtbaar van een dertiendeëeuws kerkje.

graveyard 

De meeste graven dateerden uit de 17e en 18e eeuw. We doolden wat rond over de groene zoden en mijmerden er op los. Om ons te helpen was er de tekst bij het info-bord: ‘THE STONES REMAIN.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Beste slotzin

Juist ja, natuurlijk bestaat het, een overzicht van beroemde slotzinnen. Hier staan er honderd, uit de Angelsaksische literatuur. Ik zou nooit naar zo’n lijst gezocht hebben als ik gisteren niet een zin was tegengekomen die ik mooier vind naarmate ik er langer op sabbel.

Hij stond in een kinderboek. Van Marjolijn Hof. Ik kreeg De regels van drie van haar omdat we bevriend zijn en ik sinds een paar jaar de Engelse vertalingen doe voor haar website. Ze is niet de minste, won al eens een Gouden Griffel en een Gouden Uil – ik wist al van haar vorige boeken dat ze veel kan.

Haar laatsteling gaat over Opi Kas, een Nederlandse grijsaard die in IJsland woont. Opi is een eigengereid sujet, dat er weinig voor voelt zijn laatste dagen te slijten op een muffe verpleegafdeling. Liever dan zich over te geven aan de familieleden die zich over hem willen ontfermen, zou hij de eer aan zichzelf houden. De bergen lonken…

Hier komt het slot, een  gesprekje tussen Twan en zijn tweelingzus Linde, die soms razendsnel communiceren.

Ik zei iets en Linde zei iets en het leek op gooien en vangen.
‘Weet jij wat het beste is?’ vroeg ik.
‘Weet jij het?’ vroeg Linde.
‘Ik denk dat het beste niet bestaat,’ zei ik.

Posted in Literaria | Leave a comment

Fotodumpen

We losvoeten wat door de stad en het leven heen, beste Raarlemmers, en komen van alles tegen waarover de RaDa-reda zich de afgelopen dagen heeft verwonderd.

Onverwachte apparaten, bijvoorbeeld. Aan de Jansweg viel mijn oog op deze wervende tekst: SPROEIBALLEN VOOR NATVILTEN. Textiele werkvormen was nooit mijn favoriete vak en dit was zo’n winkel waar ik als principieel hobbyloze niks te zoeken heb, maar…

sproeibal

De vriendelijke mensen van Meervilt konden het zó uitleggen dat ík het begreep en de huisdichteres serieus overwoog het diepe gat waarin zij dreigt te vallen na de bundelpresentatie te dempen met een cursus vilt. Natvilt, wel te verstaan. We hebben vast zo’n sproeibal aangeschaft, daar zijn nog wel meer toepassingen voor te bedenken.

Terug naar het mannendomein.

lanseerbasis

Dat veronderstel ik tenminste. Deze raketachtige heeft zijn lanceerbasis aan de Kampersingel. Er zit een deurtje in; we klopten aan, maar er werd niet opengedaan. Is het een silo met kunstmest voor het Rozenprieel? Graag zou ik het van jullie vernemen.

Nu we toch fallisch bezig zijn, kan deze betaalpaal er nog wel even achteraan.

betaalpaal

Zo compromisloos zie je ze maar zelden. Aan de Julianalaan. Steeds vaker voel ik me als otoloos burger een buitenstaander. Zo heb ik al drie keer opgezocht wat een ‘bijtelling’ inhoudt en bij elk reclameblok ben ik weer in de bonen. Een bordje als dit brengt mij danig in de war:

autostofzuiger

(Zoals bekend uit Vicieuze Files is de RaDa-reda voorstander van een stofzuiger die alle privé-auto’s opzuigt, maar hiermee zal wel iets anders worden bedoeld). De auto weg en het varken terug in de Nederlandse straat, dat spreekt mij meer aan. Deze dikzak staat ergens waar het RaDa in zijn prilste jaren ook een stenen neger fotografeerde. Iemand (behalve Harrie)?

dikzak 

Cannes is bedekt met rode lopers en Haarlem kent er ook een, maar in de Ruijghaverstraat zag ik deze witte. Bij een erkende aanplakplek in de buurt van het Patronaat, waar men plakt en plakt en overplakt, tot…flatsj… een dikke plak posters naar beneden komt, zo dik als de zaterdagkrant.

witte loper

Wandelend door Haarlem verbaasden wij ons gisteren weer eens over de kerktorens die op onvermoede plekken opduiken. Op zich bekende torens, zo is het ook wel weer, maar soms is het of ze een stoelendans doen. En toen we gisteren in de Van Marumstraat liepen, hadden we een prachtig zicht op de Nieuwe Bavo.

Ter voorbereiding op de bundelpresentatie waren we in het atelier van Steven de Jong. De zon ging nogal uitsloverig onder. Hé, welke kerk is dat daar in de verte? vroeg ik me af.

ontwerpraam

Ja, natuurlijk, het kon er maar één zijn, maar vanaf het Heiligland had ik ‘m nooit gezien. En die blauwe golfjes op het raam? Uh… dat is een toevallige spiegeling van het ontwerp dat Steven maakte voor Niet over het Spaarne! Het hing nog (groot!) bij hem aan de muur.

Nog één keer over die drukbezochte presentatie: één vrouw betrapte ik in eenzame afzondering. Lezend, waar anderen pretbabbelden en Jopenproefden. “Ha, de ware liefhebber!” papte ik aan.

poezieliefhebber

Ze heette Margerite Luitwieler, kunstenares én dichteres. Ik kocht een bundel van haar, Op hoge hakken de trap op, en die mag er zeker wezen. Gewapende onschuld, zo kan je die wel karakteriseren.

gewapende onschuld

Nou dat was het.

Posted in Uncategorized | 5 Comments

Onthullingen

Lingeriezaak Jolie verkoopt geen beha’s meer – berichtje in de Haarlems Weekblad in dezelfde week als Angelina’s ontboezeming in de New York Times. De zaak in de Anegang gaat dicht.

jolie lingerie

Waarmee de RaDa-reda na één Schotse week terug in Haarlem is. Haarlemser dan ooit! Ga maar na: onze Haarlemste Haarlemse staat sinds gisteren op een voetstuk op het Stationplein. Vanmiddag wordt de bronzen Kenau van Graziella Curreli officieel onthuld. Bronsgieterij De Kameleon is fluitjepoep/failliet (helaas, helaas!) maar leverde bij wijze van laatste snik het geruchtmakende omstreden controversiële verguisde veelgekraakte beeld. Het is er. Eindelijk!

curreli's kenau

Jammer dat niemand er door het gekrakeel meer onbevangen naar kan kijken. In het achterhoofd zit een dikke plaque van door de anti’s gebezigde termen als ‘Tiroler herderinnetje’, ‘edelkitsch’ en ‘etalagepop’. Nou…???????????????? Kijk zelf maar.

kenau en ripperda

Een manwijf is deze Kenau niet, maar van suikergoed is ze evenmin, dankzij het donkere patina van het beeld, de pose en de ernstige gezichtsuitdrukking .

Het beeld zal de gemoederen voorlopig nog wel even bezighouden. De komende dagen zullen alle über- en unterhaarlemmers er het hunne van zeggen. Ga maar na: wij stonden daar vanochtend rond een uur of half tien te koekeloeren en in een mum had zich rond de sokkel een instant schoonheidscommissie gevormd, bestaande uit griffier Ben Nijman, Gabriël Verheggen van het ABC Architectuurcentrum en cultuurambtenaar Patrick Vlegels (alledrie op de fiets onderweg naar het werk).

Zelf ben ik vooral blij voor de kunstenares, die de afgelopen jaren een karrenvracht stront over zich heen gekieperd kreeg en die lang geduld moest hebben voor het resultaat van haar arbeid zichtbaar werd. En nog iets, ik kan me erg goed voorstellen dat dit (mooi of lelijk, herderinnetje of Louise van Zetten die krulspelden indoet) zo’n beeld is waar je als Haarlemmer aan gehecht raakt. Dat mensen over vijf/vijftien/vijftig jaar terugkomen van vakantie, het station uitlopen en denken, ja, daar staat ze. Onze Kenau. De Kenau van Graziella Curreli.

niet_over_het_spaarne

Haarlem, Haarlemmer, Haarlemst: vanochtend in Compacte Broer het HD een interview met de huisdichteres, wier Haarlembundel morgen wordt gepresenteerd in het NH-Archief. Niet over het Spaarne!

Achtenzeventig stadsgedichten, zowel officiële (‘op bestelling’ van werkgever de gemeente), officieuze (geschreven voor speciale gelegenheden als de manifestatie Schreeuw om Cultuur, het 45-jarig jubileum van Amnesty International, enz.), ongevraagde (over de brand van het Radiomuseum, het bloemencorso) en persoonlijke (een bezoek aan verpleegtehuis De Houttuinen). En over haar publieke rol en wat die met haar deed:

Ik woonde. Ik was. De volle maan/ lichtte op boven mijn schedel.
Haarlem was het woord/ dat in mij zitting nam.

Het is een volle, rijpe bundel geworden. De presentatie wordt bijzonder, met door de gedichten geïnspireerde kunstwerken van Angela Boogaard (zie hieronder), Julia Henneman, Gerrie Hondius en Jolanda Prinsen en een optreden van Fredie Kuiper. Morgen in het NH-Archief, aanvang 17 uur. Zie ook HIER.

Angela Bogaard Jopenkerk (concept)

Posted in Uncategorized | 3 Comments

Burns redt

Zaterdag moesten we tweeënhalf uur overbruggen tussen het consult in The Dumfries Royal Infirmary en de trein naar Glasgow.

Ergens iets eten, daar waren we wel aan toe. We liepen met onze rugzakken door het centrum. Kebabpizzafishandchipstakeawaykebabpizzafishandchipstakeawaykebabpizzafishandchips. Zelfs een eenvoudig bar meal was teveel gevraagd. We vervloekten het uniforme aanbod – vatten het persoonlijk op. Het bestond niet dat de Schotten als ras overleefden op een dieet van junkfood. Er moest ergens, verborgen voor ons… Kebabpizzafishandchipstakeawaykebabpizzafishandchipstakeawaykebabpizzafishandchips.

Het chagrijn had al toegeslagen toen ik bij een onooglijk steegje het bord van The Globe Inn zag. Taveerne sinds 1610. Er stond iets bijgekrabbeld van Poet’s Chair. “Dit is een vingerwijzing”, zei ik tegen de huisdichteres en troonde haar mee. We kwamen uit op een binnenplaats en manoeuvreerden ons naar binnen. No such luck, geen pub grub. Wel een niet te versmaden local brew (‘The Grace’) en een aangename sfeer. Dan maar níet eten…

We hadden ons ternauwernood geïnstalleerd toen een van de regulars vroeg waar we vandaan kwamen. Holland? “Are you interested in poetry? Do you know Robert Burns…?” Rabbie Burns? We hapten toe en hij had weinig aanmoediging nodig om de sleutel van de bovenverdieping op te halen bij het barmeisje. Burns kwam hier een tijdlang regelmatig, vertelde hij terwijl aan het slot van het ‘holy of holies’ morrelde. Kijk, op dat raam! Daar had de grote bard met een diamanten ring een gedicht in het glas gekrast.

burnshandwriting

Burns was ‘a rock star’, vertelde onze vrijwillige gids, de ‘wenches’ smolten voor hem.

holy of holies

Dat standbeeld daar in de hoek was zijn echtgenote (goed voor negen kinderen) en daarnaast verwekte hij er te hooi en te gras nog een aantal. Kijk, een stukje huis- en drinkvlijt van de fans: Robbie’s beeltenis van bierdoppen. Kom daar bij Beets eens om!

burnstopper

Het hemelbed dat er stond was van later tijden, maar in die stoel, daar had hij echt in gezeten, ‘auld lang syne’. Zo’n kans liet de huisdichteres zich niet ontgaan – oogontsteking of niet!

poetschair

Gesticht daalden we af naar de gelagkamer. Na de tweede Grace gingen we weer buiten, nog steeds ongevoed. Kebabpizzafishandchipstakeawaykeb… Met een container ranzige friet bereikten we het station. Tevreden met Dumfries, tevreden met onszelf. Helemaal in de geest van de advertentie die we vlak daarvoor in een showroom hadden gezien: Summer is a state of mind.

cascada

Sterke tekst. Robert Burns zou er impromptu een gedichie of een liedje bij hebben geschreven. Met ganzenveer, diamanten ring of desnoods met vette friet.

Posted in Literaria | Leave a comment

Druppelen

We waren een weekje in Schotland. Beetje bijkomen en stukjes van de Annandale Way lopen, ten noorden van een gebied waaraan we goede herinneringen bewaren, the Solway Firth.

Op de eerste dag werd de huisdichteres wakker met een bloeddoorlopen oog. Vuiltje? Gesprongen adertje? Nou ja, zonnebril op en er ‘t beste van hopen. De tweede dag kon dat oog nog steeds niks velen en het traande. De apotheek in Annan verkocht druppeltjes – Optrex. We druppelden en het oog druppelde drie keer zo hard terug. We betten, depten, plakten af met Compeed en steriele gaasjes en maakten een compres met gebruikte zakjes kamillethee. Het oog traande en lekte en de Schotse heuvels bleven hazy, terwijl het niet mistte.

kamillia

De koeien vonden het raar, zo’n cycloop bij hun weiland.

bontekoe

Vrijdagnacht (in Lockerbie) traande het oog nog steeds en bovendien deed het gemeen pijn. De tijd van groothouden was voorbij. Op naar de dokter. De praktijk in Lockerbie was gesloten op zaterdag, maar na een telefonisch intakegesprek konden we terecht bij het Royal Infirmary in Dumfries, 30 km met de bus. In de kranten had ik net gelezen over een miljoeneninjectie om de A & E departments (accident en emergency) te reanimeren. De NHS? Waren we overgeleverd aan dat zieltogende Britse zorgstelsel? Ik herinnerde me knipsels over familieleden die (bosje bloemen in de hand) op het bezoekuur bij hun dierbaren niet alleen de dood constateerden, maar ook rigor mortis.

De wachtkamer was niet overvol, dat viel mee. We zagen behalve de gewone kneusjes en breukjes ook een langharige man met het figuur van een sumoworstelaar, geflankeerd door een frêle meisje. Geen van beiden had zichtbaar letsel. Even later voegde zich  een travestiet bij hen, zo op het oog ook ongeschonden.  Iedereen gedroeg zich rustig, op een ontredderde man in camouflagepak na. Die drentelde voortdurend naar de balie, wees op zijn hand, en keerde onverrichterzake terug. Hij was gelukkig snel aan de beurt.

Sylvia’s tranende oog werd eerst onder de microscoop gelegd door een geinige internist, die een ‘ulcer’ constateerde, op het hoornvlies naast de pupil. Hij wilde geen paniek zaaien, maar zo’n zweer kon de rest van het oog aantasten. Goed dat we gekomen waren, hij ging op zoek naar een oftalmoloog. Wij bleven in kamer G3, ingenomen met de behandeling tot dusver.

De oogspecialist had dezelfde prettige omgang: humor, ernst en empathie. ‘Haarlem?’ Dat kende hij. Daar had hij 30 jaar geleden rondgecrosst op zijn motor. Hij bestelde een bacterioloog, schraapte wat weefsel van het oog (‘If I took any more, I’d be scratching your brain’) en legde uit dat hij de resultaten van het kweekje morgen aan ons…

Morgen? Maar morgen vertrok onze vlucht om 15 uur. Uit Glasgow, niet uit Dumfries. Het hotel was al geboekt… Dan zou hij een collega opsnorren in Glasgow. Het duurde even, maar toen had hij de afspraak. Negen uur in het Gartnavel Hospital. Deze tablet eenmaal daags en dit spul elk half uur indruppelen. Misschien zien we u nog eens langsscheuren in Haarlem? “If you see a red Triumph…” Hij zwaaide en breezed out of the room.

infirmary

Vanmorgen (zondag). We lijken wel de enigen in het ziekenhuis. Julie Connolly trippelt de gang in, jong, fris, blozend als een sterappel na een Schots motregentje. Ook zij weet direct de goede toon te treffen, leest de brief van haar confrère, tuurt naar het inmiddels pijnvrije oog. Haar diagnose is dat het goed heeft gereageerd op de druppels. Thuis wél meteen naar de oogarts, zegt ze. Aan de medicatie wordt nog een derde druppelsoort toegevoegd. “Were you on duty anyway?” vraag ik. Nou, ja, in zoverre… ze had wel dienst vandaag maar is omdat wij dat vliegtuig moesten halen, wat eerder gekomen.

We wandelen een stukje, door een statige buitenwijk van Glasgow en gaan dan ergens zitten in een trendy koffietentje. We verbazen ons over het medische traject van de afgelopen twee dagen. Full marks to the NHS! Zoveel wellevendheid, betrokkenheid en persoonlijkheid bij de artsen. “Ik heb niks betaald en hoefde nergens mijn ID-kaart of verzekeringspasje te laten zien”, zegt Sylvia. “En ze waren stuk voor stuk zó vriendelijk!”

Er rolt een traan over haar wang, de 1287ste van deze week. Alleen deze is van ontroering.

Posted in Van A naar B | 1 Comment

Lelijke Schoonheid

De Fransen- het zal níet zo zijn – hebben een prachtige uitdrukking voor een vrouw die niet voldoet aan de gangbare schoonheidsidealen, maar die wél dat je ne sais quoi heeft dat mannenharten sneller doet slaan.

Une belle laide. Een lelijke schoonheid.

Oversized neus, hoektanden zonder richtingsgevoel, zwikkende benen, slordig opgemaakt en toch komen de mannen op haar af als vliegen op een ouderwetse Vaponastrip.

Une belle laide, dat denk ik ook altijd als ik bij IJmuiden bij de pont sta en aan de overkant van het Noordzeekanaal het skyscape boven Tata/voorheen Corus/voorheen Hoogovens bewonder. Schoorstenen hoesten en proesten daar hun slechte adem uit over de wijde omgeving. De rookmagiërs van Tata werken in continudienst en vooral ‘s nachts zijn de luchteffecten zinsbegoochelend. Voor mij zou het een soort milieuramp zijn als daar in plaats van het vertrouwde industrieel complex een natuurreservaat kwam met klaterende beekjes in plaats van sissende staalstromen en woudreuzen waar nu de gloeiovens staan.

Er werken daar 9000 mensen. Het is een van die plekken waar ‘de economie’ geen abstractie is – een somber percentage in de krant of een alarmerende grafiek in het Financieel Dagblad. Daar zijn er niet veel van in Nederland. Zware arbeid wordt veelal verricht op afgelegen bedrijventerreinen, achter hekwerk, schermen en schuttingen, alsof we ons ervoor schamen.

Voor de gluurders is er gelukkig de Fast Flying Ferry. De draagvleugelboot, in goed Nederlands. Die vliegvaart elke 40 minuten met een snelheid van 50 km/u van IJmuiden naar Amsterdam CS. Snel, frequent en comfortabel – de FFF heeft alles wat je verstaat onder die door bestuurders graag gebezigde term Hoogwaardig Openbaar Vervoer.

Naar het zich nu laat aanzien, verdwijnt de FFF echter in 2014. De provincie Noord-Holland trekt de stekker eruit, een besluit dat jaarlijks tienduizenden reizigers dupeert: forenzen, studenten en andere autoloze burgers. Zij zouden voortaan met bus 82 naar A’dam Sloterdijk moeten, en daar overstappen. De provincie rechtvaardigt deze daad van OV-vandalisme met de gebruikelijke laffe rekensommen, die aantonen dat rekensommen alles kunnen aantonen behalve een gebrek aan emotionele betrokkenheid en inventiviteit. Laat die boot een extra stop maken aan de Zaanse oever van het kanaal en reken dan opnieuw. Maak aansluitend een shuttle-service naar het puntje van de pier voor badgasten en zeevissers.

Of propageer het planologisch toerisme. Langs het hele traject van de FFF wordt aanschouwelijk hoeveel druk er op het Noord-Hollandse landschap staat. Er is een intensief scheepvaartverkeer en langs de oevers zie je zowel pittoreske vergezichten met kerktorentje als de zachtglooiende heuvels die worden opgeworpen door de afvalverwerkingsindustrie.

En dan zijn daar de locaties waar winstbejag/ondernemingszin happen uit het landschap dreigen te nemen. Diverse gemeenten schermutselen over het Landal vakantiepark dat al dan niet zal verrijzen bij Spaarndam en ook een ander project, Fun Village Velsen houdt de gemoederen bezig. Aan de zuidkant van het recreatiegebied zie je (vanuit een uniek perspectief) de Amsterdamse Haven – een gefrustreerd, slapend monster, dat als het ontwaakt liefst heel Spaarnwoude zou opschrokken om zich te kunnen meten met Rotterdam en Antwerpen.

Dit is zichtbare economie – Nederland zonder make-up.

Er wordt nog volop geprotesteerd tegen dat provinciebesluit, maar ik zou zeggen, neem geen risico. Go FFF! Maak er een dagje van met mooie schoonheid en lelijke schoonheid. Wandel eerst door de Kennemerduinen naar Velsen-Zuid. Stap dan op de boot (een enkeltje kost €5,30) en kijk onderweg uit je doppen. Stap uit aan het IJ, doe iets hips in Amsterdam-Noord of ga naar het Muziekgebouw. Neem tevreden de trein terug naar Haarlem.

Wie er dan nog steeds niet van overtuigd is dat de draagvleugelboot moet blijven, gelieve uit te stappen op Sloterdijk. Vervolg daarvandaan de reis met bus 82.

Gepubliceerd in het Straatjournaal van april 2013

Posted in Uncategorized | Leave a comment

NS-boete

Tussen Sloterdijk en CS hield de treins stil. Dodenherdenking, meldde de intercom, alleen drong dat niet door tot de belendende eerste klas, waar een groot Spaanssprekend gezelschap zijn luidruchtige vrolijkheid 2 minuten onverminderd voortzette. Ook de buitenlandse toeristen in mijn coupé babbelden onbekommerd door en zullen het hunne gedacht hebben van de norse Hollanders.

Om 20.20 uur vertrok mijn aansluitende trein. We waren net voorbij Amstel toen via de intercom een live concert werd aangekondigd van drie meisjes. “De dames hebben geen kaartje, maar wel héééle mooie stemmen…” Het soort melige ongein waarop Nederlandse conducteurs het patent hebben, maar dit ging tamelijk ver: ‘Jessica, Roos en Linda’ zetten het eerste couplet in van een ongetwijfeld bekend nummer met regels als ‘schatje wat doe je met me, ik voel me sooo goed’.

Tekstvast waren ze, en redelijk bij stem. Ik onderging het gelaten. Na vijf minuten meldde dezelfde NS-entertainment-manager zich: “Beste passagiers, we hebben nóg drie meisjes…” Hoe meer zoetgevooisde schonen zonder kaartje, hoe liever het hem was – zo klonk het. Ik nam het hem niet in dank af.

Even later vertoonde hij zich in onze coupé. Jaar of dertig, enigszins gedrongen, gesoigneerd, montuurloze bril. Van Turkse origine, zo te zien. Hij kwam niet ver. Een man schuin tegenover mij beet hem toe dat het ab-so-luut niet kon wat hij deed. ‘Respectloos!’ De conducteur pareerde de kritiek. Die meisjes moesten naar een optreden; straks in Utrecht zou hij met ze meelopen naar de automaat om ze in te laten checken – hij meende zelf juist een leuke ‘oplossing’ bedacht te hebben.
“Het is vandaag Dodenherdenking en u laat die meisjes hier blèren. Respectloos!”
De trein had om acht uur stilgestaan, de twee minuten stilte waren wel degelijk in acht genomen, dus…
“Op dit moment staan nog mensen op de Dam bijeen en worden er toespraken gehouden…”
De conducteur besefte dat het zijn tegenstander menens was en schakelde over naar ‘cursusmodus’. Omgaan met lastige reizigers, deel 2. Een sussende toon, die ik maar half vertrouwde. Hij pleitte welbespraakt, maar tevergeefs. Het eindigde ermee dat hij zijn verontschuldigingen aanbood. Voor iedereen hoorbaar, en die werden aanvaard – zij het niet van ganser harte.

Toen de trein vaart minderde stond ik samen met de bezwaarmaker op het balkon om uit te stappen. Voor de deuren open gingen, klonk nog eenmaal de intercom. “Dames en heren…” We keken elkaar aan. Had de conducteur nieuw zangtalent opgespoord?

“… bij dezen wil ik mijn excuses aanbieden aan degenen die zich hebben gestoord aan de zingende dames. Omdat het vandaag Dodenherdenking is, was dat misschien niet gepast. Mijn verontschuldigingen daarvoor.”

Het klonk alsof hij het oprecht meende.

Posted in Uncategorized | 1 Comment

Brood patch

Een decadente hang naar luxe? Is dat het? Je kroost het allerbeste willen geven? Hoog én droog willen zitten?

koetennest

Het is niet de eerste bootbroeder aan de Schotersingel, deze koet. Een nieuw gezinsdrama ligt in het verschiet. Een paar jaar geleden was ik er getuige van dat een soortgenote haar kleintjes voor het eerst te water liet vanaf de achterplecht. Er was geen weg terug naar het veilige nest, die sloep was voor die dobberende hummeltjes net zo hoog als een oceaanreus voor ons.

Een herhaling dreigt – tenzij ik een touwladdertje vervaardig en dat aan het nest bevestig. En dan nog… Wmhhum….

Stom beest, dacht ik, toen ik het zag. Gisteren las ik toevallig een stukje over broedende vogels, in Bird Sense van Tim Birkhead – gekocht in het Teylers Museum, waar hij recentelijk werd geïnterviewd. Die vogels ploppen niet zomaar met hun togus op die eieren, om pas weer op te staan als ze kleine snaveltjes voelen pikken.

Hadden jullie wel eens van een brood patch gehoord? In de aanloop naar het broedseizoen verliest het vrouwtje veren in het zitvlak. In de resulterende kale plek is de doorbloeding sterker. De grootte van het broedvlak/broedperk/de broedbasis (ik geef deze vertalingen graag voor betere!) bepaalt hoeveel eieren er worden gelegd (=warm gehouden kunnen worden). De eieren van de meeste soorten hebben een temperatuur tussen 30° en 38°C nodig. Zo nodig passen de vogels hun broedhouding aan. Maar ook fluctueert de doorbloeding van de brood patch afhankelijk van de temperatuur, zodat de verwarming een graadje hoger of lager gaat.

Zo zie je maar weer, there is more than meets the eye/ei

(Ai, ik kon ‘m niet inhouden! Ooit zal ik de honderd slechtste RaDa-woorspelingen apart publiceren. Iets anders, voor wie het niet wist, de Schotersingel heeft een eigen categorie )

Posted in schotersingel | 1 Comment

PR = oorlog

Dat Grote, nee Dikke… uh, Compacte Broer het HD me een primeur afsnoept is zeker niet de eerste keer in acht jaar. Alleen, nu het mijn eigenste eega betreft, lijdt mijn ego daar toch enigszins onder.

Het kwam voor mij heus niet als een verrassing, laat daar geen enkel misverstand over bestaan: de huisdichteres komt met een nieuwe bundel, de neerslag van haar vierjarige periode als stadsdichteres. Niet over het Spaarne!

Met officiële stadsgedichten (‘op bestelling’ van de gemeente geschreven), officieuze (n.a.v. actualiteit of plechtigheid) en daarnaast de ‘bijvangst’, gedichten over Haarlem, Haarlemmer, Haarlemst (de stad en zijn bewoners). Een vierde categorie gaat over de wrijving tussen een rol ‘in de schijnwerpers’ en het veilige, lichtschuwe bestaan vóór haar ambtstermijn.

Omdat de portemonnee hier thuis ook moet roken, toog ik vanmiddag naar de Kennemer Boekhandel met een affiche.

PR is oorlog, dat bleek eens te meer.

inferno

Toen ik binnenkwam, worstelden Rob en zijn vrouw net met een log bouwpakket dat de belangstelling voor de nieuwe Dan Brown moet aanwakkeren. INFERNO. Rob was ietwat uit zijn hum. “Dat dumpen ze allemaal ongevraagd in je winkel”, foeterde hij. “Kijk, het aftellen is begonnen!”

Er was een kalender meegeleverd. Nog 14 dagen tot Inferno verscheen – in het kader van de campagne werd hij geacht elke dag een blaadje af te scheuren. Schuchter bracht ik mijn eigen affiche ter sprake. Daar stond Rob gelukkig minder sceptisch tegenover.

14 dagen

P.S. De presentatie van Niet over het Spaarne! is op zaterdag 18 mei in het NH-Archief. Aanvang 17 uur. Zie ook hier.

Posted in Uncategorized | Leave a comment