Roodenburgh

Voor een fikse duinwandeling was het te grillig, ons vaste antimufheidsommetje langs het Bolwerk stond blank en zo boemelden we duf de andere kant op, richting Stadskweektuin.

Tom&Ron van de blommenzaak probeerden ons met Glühwein en een walmend houtvuur te verleiden tot de aanschaf van een Kerstboom en andere seizoensgebonden evergreens, wat in zoverre lukte dat we tot onze eigen verbazing een maretak kochten voor €3,95 (moet zo’n druïde wel helemaal met zijn snoeimes voor de mareboom in, dus…).

Bij de Kleverlaan begonnen de ogen te wennen aan het daglicht. Op een gazon stond een gek standbeeldje – het staat er vermoedelijk al sinds 1921 en we zijn er al tientallen keren langs gekomen, maar ineens stond het er. Paddestoelen, met daaronder aan vier zijden een schuilende figuur: twee kabouterachtigen

.

kabouter2

.

en twee ontevreden kijkende nudistes

.

kabouter

.

Het beeld stond voor een huizengroep waarvan we de schoonheid voor het eerst echt op ons lieten inwerken. 

.

onderdak

.

We drentelden de poort in, bewonderden de luiken, het metselwerk, de sierlijke kozijnen en het gave schilderwerk. Een bewoner vertelde ons desgevraagd dat het buurtje was gebouwd voor onderwijzers, door Coöperatieve Woonvereeniging Onder Dak. De architect was J. Roodenburgh (1886-1972). Tegenwoordig worden de woningen ook te koop aangeboden, vertelde ze er zorgelijk achteraan – het was een beschermd stadsgezicht weliswaar, maar toch… Op de terugweg maakten we nogmaals een slinger door het wijkje, nu door de Dusartstraat. De zon scheen inmiddels en het werd er nóg mooier op. Nog iets: Ron&Tom bleken ons vakkundig te hebben geconditioneerd met hun kransen en ander commerciële kerstmeuk.

.

geenkerst2

.

Ja, soms hangt er ook gewoon écht iets aan een boom zonder dat er een elastiekje of touwtje uit China aan te pas komt.

P.S. Over die woningbouwvereniging Onder Dak kon ik op het Grote Boze Wereldwijde Web weinig vinden. Wel dit

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Vogelvoerverbod

‘Verdordening’ vertypte ik me toen ik de herkomst van ‘verordening’ wilde opzoeken. De zoektocht stelde teleur- zowel ‘verordonneren’ / ‘commanderen’  als ‘orde scheppen/rangschikken’ stammen af (zo concludeer ik na 90 seconden intensief onderzoek) van het Latijnse ordo.

Is Haarlem de stad met de hoogste verordeningsdichtheid? Ik vroeg het me af toen het HD vanochtend een gemeentelijke verordening aankondigde die het voeren van vogels verbiedt. De krant voert (ahum) de 68-jarige Sylvia de Mooy uit de Leidsebuurt op als een van de hoofdschuldigen aan de duivenoverlast aldaar. Berouwvol is ze niet:” Ik ben weduwe. Die duiven zijn alles wat ik heb.” Op haar beurt zou ze ook wel een paar verordeningen weten: een tegen trampolinespringen in de tuin, bijvoorbeeld, en voetballende kinderen. En haar invalideparkeerplaats wordt (in weerwil van de verordening) vaak ingepikt door fietsen.

Waar staat het RaDa in dezen? In het verleden heb ik me in besloten kring weleens positief positief uitgelaten over een jachtseizoen van 365 dagen voor meeuwen – alle wapens van katapult tot Kalasjnikov toegestaan en geen vergunning nodig. Anderzijds (er is altijd een anderzijds) wie is er niet vertederd als hij een opa met kleinkind brood aan de eendjes ziet voeren? En denk eens aan mijn buurman die dankzij zijn zonnebloempitten een kolonie puttertjes heeft weten te stichten? Wil je dat verbieden?

Van ver(d)ordeningen komen ver(d)ordeningen. Het zal wel eindigen met een ondoorgrondelijk systeem waarbij uitsluitend pasjeshouders op bepaalde plekken en tijden mogen voeren aan bepaalde hulpbehoevende soorten. Mensen van bewezen eenzaamheid eerst, die dan tevens de verplichting op zich nemen de omgeving van hun tuin of balkon vogelpoepvrij te houden. Of wellicht worden er speciale volières gebouwd waar liefhebbers zich kunnen uitleven. 2019 zal het leren.

.

kauw

.

Het brutale jonge kauwtje dat in september op het terras van het Dolhuys een fors stuk boterkoek van mijn schoteltje griste met een duikvlucht die grote routine verried.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Zest!

Voor Straatjournaal schreef ik een column over Kerstspreiding, waarin ik plechtig aankondigde op Stir-up Sunday (25 november) een traditionele Christmas pudding te zullen maken.

Dat kwam er niet van. De strekking van mijn stuk was dat je zo’n voorgekookte, gare pudding maar liefst 13 maanden kan bewaren. Het moment van opwarmen en opdienen kun je daarom naar eigen believen kiezen: op 25 december, maar net zo goed op Blue Monday of Goede Vrijdag. Leve de flexibele Kerst!

Maar zoals dat gaat, ik begon met ruim een week vertraging aan fase een van de bereiding. En er waren geen familieleden paraat om beurtelings te roeren, zoals het ritueel voorschrijft. En ik wilde het niervet weglaten (om vegetariërs niet in gewetensnood te brengen). Later vond ik ergens een heerlijk uitziende  glutenvrije variant – van dat recept zou de hele familie mee kunnen eten, op de geheelonthouders na, want de cognac was me heilig. En mooi meegenomen, alles kon in een etmaal gepiept zijn. Dus als de onderneming nu mislukte, was er niks aan de hand, dan maakte ik met Kerst iets anders.

Het begon met veel hak- en snijwerk: 2 ons gedroogd fruit (cranberry’s, rozijnen, dadels, pruimen, abrikozen). Kaneel en andere specerijen erbij, plus cognac en appelsap. En sinaasappelrasp. Orange zest! Ik leerde het woord ‘zest’ kennen (lang, lang geleden) in de uitdrukking zest for life (levenslust) en pas later als citroen- of sinaasappelschil. Het mengsel moest een nacht trekken in de koelkast, maar toen…

.

plumpudding

.

Toen ik het deksel van de schaal haalde, slaakte ik een genotskreet. En nog een zucht erachteraan. Zest!Zest!Zest!Zest!Zest!Zest! Ik weerstond de verleiding die schaal ter plekke leeg te lepelen. Dus na drie volle eetlepels hield ik op. Nadat ik de hele zwik met bloem tot een brij had gemengd, kon het stomen beginnen. Alles in een beboterde tulbandvorm en die twee uur afgedekt in een pan kokend water zetten. Het keren ging soepel en toen had ik dit.

.

plum3

.

Zeer presentabel, niet? En de smaak is (mag ik even snoeven?) onovertroffen. Ja, hij zou nog geflambeerd kunnen worden en er mag slagroom over. Maar jee, ook zo doet dat spul al wonderen voor mijn zest for life.

P.S. De column plaats ik hier over een week.

P.S. Ik ben geen ervaren kok, het recept kan goed door amateurs geprobeerd worden.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Boerenhesjes

Het nabeeld van de gele hesjes is nog niet verdwenen van je netvlies of het volgende protest komt er al overheen: een boerenopstand bij het Provinciehuis.

Mijn aandacht werd getrokken door over een breed front fout geparkeerde landbouwtrekkers, met daaraan spandoeken. De spelling maakte her en der een geïmproviseerde indruk. WIJ ZEGGEN NEE TEGEN DIT WANIDEE (later was een ‘a’ toegevoegd, maar ‘wanidee’ heeft eigenlijk wel iets).

.

boerenprotest3

.

Uit de spandoeken maakte ik op dat de Provincie weidegebied wil omzetten in rietlanden: DE POLDERS ONDER WATER/KOEIEN NIET MEER IN HET LAND/DE PROVINCIE HEEFT DIT IN DE HAND. Er schoot me iets te binnen over voorgestelde maatregelen tegen bodemdaling. Juist ja, hier staat het.

.

boerenprotest4

.

Er stonden enkele boeren bij hun meegereisde frituurwagen – van café De Drie Zwanen uit Den Ilp (STADSFRIET VERTROUWEN WE NIET!) – maar het merendeel was op de thee bij Remkes, aan dit laarzenpark te zien. Hadden ze die uit beleefdheid buiten gelaten? Of was er een duistere symboliek? Laarzen die evenals het boerenbestaan binnenkort overbodig werden?

.

laarzem

.

Het is moeilijk geen sympathie voor de mannen te hebben. Een bodemdaling van 27 cm in veertig jaar? Veengebieden verantwoordelijk voor 2% van de CO2-uitstoot? Als je met je laarzen in de modder staat, ben je van zulke cijfers niet direct onder de indruk, kan ik me zo voorstellen.

.

boerenprotest2

.

P.S. Zoek de overeenkomst tussen plaatje 2 en een foto bij het Louwman Museum (RaDa van gisteren)

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Louwman Museum

Uit mijzelf zou ik, autoloos burger, nooit naar het Louwman Museum zijn gegaan, maar mijn Haagse broer en zijn vrouw vierden er hun verjaarspartijtje. Lunch met oldtimers toe, zeg maar.

Het bleek een gouden greep. We wandelden er ontspannen heen vanaf het station – een half uur door de herfstende parken langs de Bezuidenhoutseweg. Het stalinistisch aandoende beeld bij de entree wekte niet direct ons enthousiasme.

.

Louwmans1

.

Dit in tegenstelling tot de getoonde auto’s. Ook als je zoals ik nog nooit onder een motorkap hebt gekeken en geen accu van een krukas kan onderscheiden, kan je niet anders dan onder de indruk raken van de schoonheid en soliditeit van sommige ontwerpen. En verrast zijn dat de elektrische auto niet iets is van de laatste decennia.

.

louw3

.

Om een idee te geven van de variëteit aan merken, modellen en soorten jat ik even een pagina uit het collectieoverzicht.

.

collectielouwman

.

De Humber van Churchill staat er ook geparkeerd, met king size asbakken; een slee van Elvis; een taxi uit The Godfather en een bolide van James Bond. Het museum etaleert zowel het menselijk vernuft als de pronkzucht van de hele rijken. Als Maharadja van Nabha wil je niet gezien worden in een Daf.

.

swan car

.

Iets met een zwaan, zou dat niet leuk zijn? En dan voor de kleine ritjes op het landgoed nog een Mini erbij. Moeder uit 1910, ‘baby swan’ tien jaar jonger. Het is zo’n museum waar iedereen iets van zijn gading vindt en waar je rustig twee of drie keer terug kunt komen zonder je te vervelen. We reden in mijn moeders auto terug naar huis en bekeken de weggebruikers met nieuwe ogen. Ik bedoel, wat is er eigenlijk mis met meer geel op straat?

.

20181201_152259

.Pegaso-Z102 Cúpula (1952, Spaans)

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Kinderyoga

Vanavond rond zeven uur. Ik fietste door het duister (er was geen keus, er was geen licht) van Driehuis naar Haarlem. Een enkeling haalde mij in of kwam mij tegemoet. Slechts tweemaal ving ik langs de 10 km van mijn route een menselijke stem op. Beide malen luid telefonerende eenlingen.

Ergens bij Westerveld uitte een petdragende jongeling deze intrigerende tekst: “Da’s bij ons op het werk nationale snuifdag, ouwe!”

Hij articuleerde goed, dus daar lag het niet aan dat ik zijn mededeling niet kon plaatsen. Op het Zwarte Pad bij Santpoort-Zuid naderde een fel verlichte fiets. Terwijl ze mij passeerde, krijste de berijdster met een schelle uithaal tegen haar mobiel: “Kom op, het is maar fokking kinderyoga!”

Metrisch vond ik het sterk – had ik in het wild een jambische pentameter gevangen? Nah… bij nader inzien niet, maar voor een beetje rapper of tekstdichter moet er toch iets te doen zijn met “Kom op, het is maar fokking kinderyoga!”

Vervolgens voelde ik me een beetje mismoedig worden. Snuifdag? Kinderyoga? Fokking kinderyoga? Hoeveel (of hoe weinig?) begrijp ik nog van mijn medemensen? Overigens, ik wil van mijn twijfel niet die twee toevallige telefoneurs de schuld geven. Ik had het me vandaag al diverse malen eerder afgevraagd.

.

lighht

.

.propbouw2

.

P.S. Foto’s genomen langs bovengenoemde route: fel verlichte sportvelden en de Propbouw bij het Mendel/honkbalstadion die ras vordert.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Tata op Zee

Vooral dat vanadium sprak natuurlijk tot mijn verbeelding. Gisteravond was in de Moriaan in Wijk aan Zee een voorlichtingsbijeenkomst over de ‘grafietregens’ die het dorp sinds december 2016 vervuilen.

De vieze neerslag is afkomstig van slakverwerker Harsco op het Tata-industrieterrein. Op kozijnen en autolak blijft na zo’n bui een vies laagje achter. Omdat de officiële informatie van Tata en de RIVM weinig verhelderender was dan de rook- en stofwolken zelf, gaven verontruste bewoners op eigen initiatief opdracht tot een onderzoek. Volgens het laboratorium bevatte het stof (naast zand, grafiet en slak) ook metalen. Per kilo 450 mg zink, 310 mg chroom en kleinere hoeveelheden lood, barium, kobalt, tin en arseen. Maar trotse koploper was dat vanadium, met 940 mg.

Ik moet bekennen dat ik nog nooit van vanadium had gehoord; de naam – zo weet ik sinds tien minuten – komt van het Oud-Noorse Vanadis, een alias van de godin Freyja. Vanadis, omdat de V in 1831 nog vacant was in het periodiek systeem en de naamgevende scheikundige was een Zweed, Nils Selfström.

Het verslag in het HD begint met de mededeling dat het ‘grofstof’ geen acuut gezondheidsgevaar oplevert ‘zolang je er geen handenvol van opeet’ (en nu maar hopen dat niemand dat heeft gedaan, RaDa-reda). En natuurlijk is naar de langtermijneffecten meer onderzoek nodig – want de lange termijn is er nog niet.

.

grofstof2

Uitzicht op Wijk aan Zee op een zonnige dag

Tata-directeur Hans van der Berg ‘gaat diep door het stof’ staat er op de website van RTV-NH (humor?). Er wordt inmiddels gewerkt aan een reusachtige hal die de regen binnenskamers moet houden. Niettemin… Zouden jullie er gerust op zijn, beste Raarlemmers? Of moeten we groter denken in dit kleine, verontreinigde land?

Onlangs was er (wederom) sprake van om Schiphol-terminals op zee te bouwen. Maar als ze dan toch bezig zijn, kan Tata daar niet ook een plekje krijgen? En wat te denken van een racecircuit voor de Formule 1? En de verzamelde bio-industrie? Op die manier kunnen we veel milieuhinder wegnemen en klachten van omwonenden voorkomen.

Wel moeten we er aan denken een doorgang voor de boot naar Newcastle open te laten.

P.S. Voor meer Tata-stof tot nadenken, zie hier

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Media Park

Het zijn voor mij ‘ik-ben-de-man-van…’-dagen – het sociale leven draait tijdelijk om de huisdichteres en de geboorte van haar nieuwe boek.

Ik schik me zonder morren in mijn ondergeschikte rol, al brengt die de nodige praktische ongemakken met zich mee. Gisteravond vergezelde ik Sylvia naar de NPO-studio’s, waar zij werd geïnterviewd door het radioprogramma Nooit meer slapen

Dat ik meeging was geen luxe. Op de heenweg gingen we met de trein en stapten uit bij station Hilversum Mediapark. Na een steile trap betraden we deze tunnel. Mediageniek, dat zeker, maar geen plek waar je je vrouw ‘s nachts graag ongechaperonneerd in stuurt.

.

Media Park

.

Mediapark2

.

Media Park3

.

En toen moesten de kaartenbak van Pieter van der Wielen nog komen. Na ‘heb je een fobie?’ en ‘waarover voel je je schuldig?’ trok ze ‘als je jezelf een vraag mocht stellen, wat zou je dan vragen?’ Kans voor open doel, zou je denken: tijd voor schaamteloze zelfpromotie of een gepolijste anekdote. Of in dit geval 10 seconden radiostilte. Ach, een mediabeest ben je kennelijk of je bent het niet.

We kregen een taxi aangeboden voor de terugreis naar Haarlem. Om kwart over een luisterden we thuis het gesprek terug en waren best tevreden met het resultaat. En we keken terug op een boeiende avond, constateerde ik in bed; de sfeer bij die radiomakers is tegelijk professioneel, spannend en intiem (eerder dit jaar was Sylvia bij de Taalstaat). Jammer alleen dat ik om vier uur al weer wakker was. Klaarwakker. Nou ja, jullie danken er dit stukje aan.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Concealer

Er kwam een wanhopig mailtje langs van een 15-jarige leerling: Ik ben mijn make-up-tasje kwijt van XXX (kennelijk prestigieus merk), de naam staat op het ritsje. Inhoud: lipstick, lipliner, mascara, concealer, foundation, etc.

Van cosmetica weet ik evenveel als van astrofysica, kantklossen of olieworstelen. Ik ben al blij als ik ‘s ochtends de deo kan vinden en daarmee houdt het wel zo’n beetje op. Dat woord  ‘concealer’ zag ik voor het eerst en het intrigeerde me. Ik keek wantrouwig de klas in. Hoeveel werd er voor mij verborgen, aan onvolmaaktheden?

Op Youtube stonden talloze concealer-filmpjes. Je moet het deppen, niet uitsmeren, anders krijg je er juist rimpels en wallen van! Ik maakte een grapje waarvan ik al wist dat het meisje het niet leuk zou vinden: “Barbie (niet haar echte naam), de volgende keer dat je absent bent, zal ik me afvragen of je er echt niet bent of dat je een overdosis concealer hebt genomen.” (Een zelden genoemd voordeel van het leraarschap: je kan ook je flauwe grapjes kwijt bij zo’n weerloze klas).

.

CMRB - Hubers - 1

. 

Op dit moment wordt ook hier in huis hard gewerkt aan uiterlijke schijn/uiterlijk schoon. Zo meteen heeft de huisdichteres de presentatie van haar nieuwgeborene, Wat als we niet waren betoverd? De bijeenkomst belooft erg leuk te worden. Natuurlijk zijn we lichtelijk zenuwachtig. Maar jee, wat begon de dag goed! In het HD stond niet alleen een interview van Sylvia met Nuel Gieles (daar wisten we van, haha), maar bovendien een uiterst lovende recensie van Jaap Timmers, die blijk geeft van een scherp inzicht in de complexe zieleroerselen en drijfveren van de schrijfster.

Wat een fijne opsteker! Ik kan hier nu wel prijsgeven dat ik na verschijning van Hier moet ik ingrijpen bijna mijn abonnement op NRC had opgezegd (het is het enige abonnement dat ik kán opzeggen, anders had ik Trouw, Volkskrant en AD ook opgezegd) uit frustratie dat al die overbelezen dikdoeners van de officiële recensentatuur niet door de concealer heen keken en inzagen dat die korte stukjes veel meer zijn dan losse flodders. Hoogstaande literatuur is het!

Zo, dat moest er even uit! En wie weet tot vanmiddag.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Ruzieën

Zo vaak heb ik geen bonje, maar vandaag was het twee keer flink raak. Binnen anderhalf uur, met collega’s. Bij de eerste aanvaring was ik zelf de aanvallende partij – wat smeulend ongenoegen, een scheutje olie op het vuur en vwoesj! ik ontplofte. In het andere geval had ik zelf iets misdaan in de ogen van een ander.

Toen ik naar huis fietste, had ik het een en ander al overpeinsd. Bij ruzie nr. 1 was mijn standpunt onwrikbaar. De tweede was weinig verheffend, maar met wat goede wil werd die bijgelegd. En anders niet. Zwaar aangeslagen was ik dus niet toen ik naar huis fietste, maar om nou te zeggen dat ik uitpuilde van motivatie voor de dag van morgen…

Bij de stoplichten van de Westelijke Randweg wachtte ik samen met een stel andere fietsers. Een hummeltje had zich kennelijk bij haar moeder beklaagd over onheuse bejegening op school. Ik had niet naar de toedracht geluisterd, maar het antwoord klonk luid en duidelijk. “Ja, maar daar moet je nu niet al tegen opzien. Als het vandáág zo gebeurd is, wil dat niet zeggen dat het morgen óók weer zo gaat. Dan heb je straks misschien je hele avond voor niets verpest. Dat zou toch jammer zijn?”

Ik keek om naar de vrouw. “U hebt wijze woorden gesproken”, zei ik. “En dat meen ik.”

.

lichtendonker

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.