Ex-Olifant

Van een Olifant een dode Mug maken? Het Haarlems Dagblad is bedreven in het omgekeerde, zoveel was al bekend. Maar wat nu?!? Ze heffen – na 25 jaar – hun eigen Haarlemse Cultuurprijs op. De Olifant is niet meer.

Stoppen op het hoogtepunt, zo wordt het geframed, bij monde van hoofdredacteur Hugo Schneider. “De overweging om te stoppen is dat Haarlem en omgeving zich ook op andere terreinen dan alleen kunst en cultuur onderscheidt. Denk aan het bedrijfsleven en sport.”

[Denk aan rioleringswerken, massagesalons, bomenkap, hengelen in de Mooie Nel, spijkers op laag water zoeken, granaatdroppen, Bokbier-manifestaties, afval scheiden – ja er gebeurt van alles tussen Delftwijk en Meerwijk, RaDa-reda]

Armetieriger hoor je een onderbouwing van een besluit zelden. Hoe dan ook, Boudewijn de Groot, Igone de Jongh, Erik van Muiswinkel en Steef de Jong krijgen geen opvolger.

Iets anders: in de NRC-bijlage ‘Leven’ (lifestyle) gaat het onder meer over kombucha en andere fermentatieproducten. Help, we zijn hip! Wij hebben hier thuis zowel zeer vitale waterkefir als een ‘scoby’ (voor kombucha), die meer wordt vertroeteld dan menig schoothondje. Hij ziet er onappetijtelijk uit, maar de huisdichteres brouwt er een fris en (even wennen, maar toch) genietbaar drankje van.

Ja, scoby! Staat voor ‘symbiotic culture of bacteria and yeast’. “Weet je”, hield ik de stemming er in, “die Olifant zul je dus niet meer winnen met je literaire oeuvre. Maar dit valt onder ‘andere terreinen’. Ik geef je een goede kans voor die nieuwe prijs. Ik nomineer je voor je gistcultuur.”

.

kefkom

.

Kefir links, kombucha rechts

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Containerkunst

Ik had zelf nooit een zeecontainer gekocht voor onze overtollige kunst, dus even gekeken bij de vakhandel. Voor €2100 heb je een tweedehandsje met (volgens de leverancier, haha) ‘een zee van ruimte’. Dan hebben we het over 20ft = voet = 6 meter.

Volgens de ‘winkelmandopties’ van een andere leverancier heb je die dan na vier werkdagen in huis (bij wijze van spreken) en dan kan je er naar wens oude schilderijen en andere ontoonbare museummeuk in stouwen. Of deponeren, het is maar hoe je het noemt.

Het Frans Hals Museum heeft niet één maar 57 zeecontainers, bevattende 2100 schilderijen, etsen, keramiek en boeken. Raadslid Louise van Zetten, wier kunsthonger dermate groot is dat zij die niet met de reguliere collectie kan stillen, heeft nu verzocht de depots te mogen bezoeken.

Nee, de ware reden is dat zij gerede twijfel heeft over de klimaatbeheersing in de depots. Het stond vanochtend op de voorpagina van het HD in een leerzaam artikel. Het FH bezit in totaal 20.000 kunstwerken, die worden onderverdeeld in vier categorieën. D betekent dat ze mogen worden verkocht en in de C-containers zitten bijvoorbeeld Verwey’s en en Zwaanswijken die het daglicht niet mogen zien. Dat zijn er zo’n 700. Overigens schijnt ook het depot in het museum zelf veel te wensen over te laten.

Raar RaDa-ideetje: als de gemeente nou een beetje doorpakt met de verwerving van Hudson’s Bay, kunnen ze aan het Verwulft behalve een bibliotheek een tentoonstellingsruimte maken van zes verdiepingen. Vast niet ideaal, maar de Canadese klimaatbeheersing zal het nog wel doen en in de huidige situatie verloederen zowel het warenhuis als de kunst.

.

hudson'sbay1

.

hudson's bay1

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Blauwe maandag

Een humortje zit in een klein hoekje dus toen ik vanochtend de huisdichteres wilde verblijden met een anti-Blue-Monday-boeket, grapte & grolde ik tegen de bloe-mist (bluegeroep voor degene die de flauwe woordspeling nu nog niet voelt aankomen): “Laten we er een Bloem-Monday van maken!”

Ik kon het niet helpen, het floepte eruit eer ik er erg in had en er was geen weg terug. De man van de kiosk acteerde zonder veel talent een geamuseerd glimlachje. Was ik al de derde of vierde die ochtend? (Moest ik ‘m een bloemetje geven om het goed te maken?)

Google geeft bij ‘Bloem-Monday’ zonder blikken of blozen vijf verwijzingen. Origineel uit de hoek komen, dat valt om den drommel niet mee!

,

Bloemmonday

.

Blue P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Grenzen

Een dagmars was niet de bedoeling, het ging ons om de frisse neus. We stapten uit de trein bij stationnetje Halfweg en improviseerden een route in het gebied waar ‘s zomers Awakenings en andere festivals worden gehouden.

Een pijltje stuurde ons een voetpad op vol slijk en drek – het bleek de Spaarnwouderdijk – en we glibberden langs iets wat ik aarzel een natuurgebied te noemen, vanwege de snelwegen en havens die het omringen. Anderzijds, we zagen aalscholvers en wilgen en…

.

IMG_4293

.

de schapen op deze landstrook komen beter uit met de A5 op de achtergrond.

.

schapensnelweg

. 

En toen werden we (hoewel omsingeld door de moderne wereld) ineens herinnerd aan de lange geschiedenis van deze polder. Door deze ‘limietpaal’ uit 1624. Het RaDa heeft iets met Amsterdammertjes (in den vreemde), maar zo mooi als hier zie je de drie kruizen zelden.

.

grenspaal

.

‘Onbekende kunstenaar’ vermeldt een infoplaatje, maar dat lijkt me non-info. Maar een zelfbewuste markering van Amsterdams grondgebied is het zeker. Dat de Spanjaarden het maar wisten (of belegerden die toen allemaal Breda?), of onbekommerd banjerende Haarlemmers als wij.

.

grenspaal2

.

We kwamen nog langs meer interessante plekken, zoals het boezemgemaal Halfweg (met een vispassage voor forensende soorten als paling en spiering), het opslagterrein van Eurocircus en de vakantiehuisjes van Dromenpark. Al met al kostte het uitje ons twee uur en we hadden in die korte tijd veel bijzonders gezien.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Droste-effect

We staken de Zijlweg over vanaf de Duvenvoordestraat en zagen daar een Droste-effect; zonder verpleegster maar met een gebouw in mozaiek.

.

Rosehaghekleing

.

En met één groot cacaoblik erbij krijg je dit:

.

Rosehaghegroot

.

Rosehaghe is de naam van de woningbouwvereniging die het wijkje liet bouwen en terecht trots is op de eigen geschiedenis. Van de website citeer ik over de bouwopdracht: Twaalf huizenblokken met 138 woningen, waaronder drie winkels. Aan de Hoofmanstraat werd ook een gemeenschapshuis opgericht, met een beheerderswoning erboven, beide een noviteit en geheel in lijn met het gedachtengoed van Van Loghem. Het geheel lag aan twee doorgaande en twee dwarsstraten. In 1921 en 1922 werden de woningen opgeleverd en verhuurd voor ongeveer 8 gulden per week.

Je kunt het je nu lastig voorstellen, maar destijds was lang niet iedereen ingenomen met het ontwerp: sommigen gruwden van de platte daken en de ligging van keukens aan de straatkant druiste in tegen alle conventies.

Goh, wie weet zullen onze nazaten nog de loftrompet steken op de Haarlemse propbouw van nu en het Raaks-complex prijzen als een sieraad voor de stad.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Fake-natuur

Zolang het rustig is bij het Kraansvlak door de verbouwing van het circuit profiteren wij daarvan ( en 1 maart gaat het gebied weer dicht) en vandaag was een schitterende wandeldag.

In de aanlooproute door de stad deden we enkele bijzondere natuurwaarnemingen.

??????????????????

.

nietonbespoten

.

En dit was geen zilverberk.

.

nietonbespoten2

.

We waren dan ook in de buurt van de Garenkokerskade, bij het domein van de skaters en graffiti-spuiters. Je moet klein beginnen, alvorens je je aan een heel treinstel waagt. Goed, onze zintuigen stonden direct scherp afgesteld en dan zie je meer. Zeer stug gras, bijvoorbeeld. Of een vermagerd stekelvarkentje?

.

bezemgras1

.

Alleen zat er bij nadere inspectie een steel aan.

.

bezemgras

.

Maar na Kraantje Lek kregen we waar we op hoopten. Een kudde wisenten lag direct bij de ingang van het terrein bij Zandvoort te zonnen, alsof ze ons opwachtten. Dit waren geen neppers. Ze stonden loom op toen ze ons zagen, knipoogden en begonnen lui in de bodem te grasduinen.

.

wisenten

.

En ook verder was alles prachtig vandaag langs de gele route (die dwars door een meertje leidde).

.

geleroute

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Zuboff

De pas overleden conservatieve Britse filosoof Roger Scruton schuwde elektrische apparaten. Als hij kon kiezen tussen werktuigen met of zonder off/on-knopje aarzelde hij niet.

Ik las het vanochtend in NRC, maar raakte de krant vervolgens kwijt, zodat ik nu niet (zonder in te loggen) kan citeren uit de column waarin Maxim Februari niet voor het eerst waarschuwt tegen de digitale speeltjes die ons constant bespioneren, soms zelfs als ze uit lijken te staan. Ik probeerde me – niet voor het eerst deze week – een excentriek leven voor te stellen zonder wifi en 4G (het ‘internet of things’ heeft hier in huis zijn intrede nog niet gedaan).

Dat komt doordat ik (om en om met de 1000 pagina’s van Ducks, Newburyport) bezig ben in de 700 pagina’s van The Age of Surveillance Capitalism van Shoshana Zuboff. Ik ben pas op een kwart en weet niet of mijn uithoudingsvermogen voldoende zal zijn om het uit te lezen, maar voorlopig houden Zuboffs zendingsdrang en scherpzinnigheid mij stevig in de ban. Het boek doet je beseffen hoe snel en meedogenloos we in de afgelopen 20 jaar murw zijn gemaakt voor alle inbreuken op onze privacy – iemand die alle (juridisch geldige!) gebruikersvoorwaarden voor normaal internetgebruik serieus zou willen lezen, is daar 76 dagen per jaar aan kwijt. De Googlelikes willen ons doen geloven in ‘inevitabilism’ door de voor hen zo winstgevende ontwikkelingen aan te duiden als een nieuw tijdperk / ‘era’, waartegen verzet niet baat.

Op Youtube ( o ironie) staan interviews en lezingen van Zuboff, waarin zij uitlegt hoe de onverzadigbare commercie aast op onze ziel en waarom dat een gevaar is voor de democratie (en heus niet alleen vanwege Cambridge Analytica). Dus wie een indruk wil krijgen van haar grote geleerdheid en overtuigingskracht kan hier of hier terecht.

.

hotelfranshals

.

Gisteren stapte ik de lobby van hotel Frans Hals in de Damstraat in om een foto te maken van het glas-in-lood van Gerti Bierenbroodspot.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (tot maart nog) op Facebook

Rioolpers

Mag de RaDa-reda (in zijn berichtgeving altijd zuiver en helder als Spa Reine) één dagje riooljournalistiek bedrijven?

Een verheugend bericht gisteren in het HD: de afgelopen drie jaar is het Haarlemse riool op 50.000 plaatsen versterkt of hersteld, waarmee het onderhoudsproject is voltooid. Juicht allen! / Snuift allen!

De technische bijzonderheden intrigeren mij. Waar lekkages of scheuren zijn geconstateerd, wordt een kunststof ‘kous’ ingebracht, die wordt gevuld met warm water of hete lucht, zodat hij zich tegen de binnenwand van het betonnen riool aandrukt en uithardt. Klus geklaard!

Maar 50.000 reparaties? Als Haarlem 500 km riool had zou dat betekenen dat er om de 10 meter een lek zat. Is er een rioolrat/-kenner in de zaal? Een die de totale lengte van het stelsel kent? Leuke quizvraag! Zoiets als de totale lengte van alle Haarlemse straten en dan maal twee? Ik zou gokken op 2000 km. Overigens ging het niet om het zogenaamde ‘diepriool’, meldt het artikel; dat zijn de joekels van buizen met een doorsnede van anderhalve meter, die drie tot zes meter diep liggen. Die krijgen de komende jaren nieuwe steunkousen.

En omdat je niet alles moet geloven wat ze in de krant zetten, voerde ik zelf ook een flitsende camera-inspectie uit. Het riool hier in de straat ligt er prima bij, wees mijn steekproef bij twee putten uit. Zonder kousen, helaas, dat was een kleine tegenvaller.

.

riool1

.

riool2

.

Nog wat frisse lucht: vanmiddag liepen we op de Boulevard bij Zandvoort, daar waar sinds juni 2019 de reeks sculpturen van Marlène Sjerps staat. Erg mooi!

.

Marlènesjerps

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (in ieder geval de komende maanden) op Facebook

Geluk bestaat niet

Straatjournaal jan. 2020

Gelukkig Nieuwjaar!!! Gelukkig Nieuwjaar… Glukkig nieujaa (smak), Glakker Njaa (hug), Gwakkeninja (met mond vol oliebollen) en ammaal de beste mensen voor theeduizetwinnig!

Aan gelukwensen geen gebrek dezer dagen, geluk heeft een goede naam opgebouwd, met één uitzondering: de laatste jaren werd ‘gelukszoeker’ gekoppeld aan economische vluchtelingen. Geluk zoeken, dat doe je maar thuis, was de implicatie.

En zoeken doen we! In december zag ik bij DWDD het item over de documentaire Mijn seks is stuk. De maakster, Lize Korpershoek, bespeurde afnemende libido naarmate haar liefhebbende partner haar vertrouwder werd. Herkenbaar, toch? Maar ze keek bij haar uitleg alsof ze een nieuw elementair deeltje had ontdekt. Terwijl Lize ons deelgenoot maakte van haar queeste naar een spannender bedleven, varieerde ik op die titel – seks als een artikel, met garantie, een gebruiksaanwijzing en reserveonderdelen. ‘Mijn router is stuk’, ‘mijn rits is stuk’, enz. En zo kwam ik ook bij ‘Mijn geluk is stuk’.

Ik was zelf nogal met geluk bezig geweest en had er net een mislukte column over geschreven, te slecht voor deze plek. Dat kwam zo. Het toeval wilde dat ik in oktober rijkelijk werd bedeeld met geluk. Mijn pensioen was ingegaan en we hadden vakantie gevierd op barre Schotse eilanden, waar ik me in mijn element voelde. Ruig, regenachtig, dunbevolkt. Van geld zeggen socialisten en vakbondslieden tegenwoordig dat het tegen de plinten op klotst, maar ik had dat toen met geluk.

Er was één specifieke namiddag in een cottage met uitzicht over een baai dat ik… (vul verder maar iets in, met een zeehond, whisky, iemand van wie je houdt, een gloedvolle zonsondergang, dan komt het wel goed). Alleen, toen ik mijn moment van extase wilde beschrijven, kreeg ik jullie, lezers, niet uit mijn hoofd. Of preciezer, mijn ongelukkige lezers. Ik zag ze zitten, zij aan zij, rij na rij: sceptisch, berouwvol, eenzaam, misnoegd, ongezond, miskend, gedesillusioneerd. Tobbend over wereldvrede, smeltende ijskappen en ontlezing. Tandenknarsend over stikstofmaatregelen, teruggevorderde belastingtoeslagen en cultuurmarxisme. Ik kwam er niet uit, die column sloeg dood, als een vergeten kantinebiertje. Wie was ik om anderen lastig te vallen met mijn naïeve, aangewaaide, ongezochte geluk?

Dat ik er nu op terugkom heeft te maken met een boek dat ik cadeau kreeg van mijn 92-jarige moeder. De laatste jaren gaan haar gedachten steeds vaker terug naar haar jeugd, Ze was 17 toen Breda werd bevrijd door de Polen en in die dolzinnige dagen leerde ze een Poolse soldaat kennen. Het is een lang verhaal (hij werd uiteindelijk niet mijn vader), een moeilijk te vertellen verhaal ook. Dat boek van Miriam Guensberg kon daarbij helpen, want de overeenkomsten zijn groot. Held zonder vaderland, heet het, Mijn vader: Pools, Joods en bevrijder.

Guensberg (ook romanschrijfster) schetst teder het portret van haar Poolse vader, Dolek, die de hele, helse campagne van de Pantserdivisie als krijgsarts meemaakte – om er na de capitulatie achter te komen dat het IJzeren Gordijn de terugkeer naar zijn vaderland versperde en dat de joodse gemeenschap in zijn geboortedorp Nowy Targ volledig was uitgeroeid. Tegelijk was hij verliefd geworden op Milleke, bij wie hij in Brabant was ingekwartierd. Ze trouwden, stichtten een gezin en hij bouwde een bestaan op als anesthesist.

Het is een knap, meeslepend boek over een begaafd, beminnelijk mens, die gruwelijke herinneringen met zich meedraagt. Als zijn dochter zinspeelt op een boek over hem, zegt hij: ‘Als je boek echt over mij zou gaan, moet je schrijven dat geluk niet bestaat, maar dat ik wel vaak heel gelukkig ben geweest. Met die moeder. En met jullie.’

De wijsheid van die uitspraak trof mij. Geluk bestaat niet, maar gelukkig zijn kan. Af en toe, ondanks alles. Gelukkig nieuwjaar!

.

zonsopsanday

.

wolkenzon

.

Nog een paar (let me bore you with my slides) Orkney-foto’s

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (in ieder geval de komende maanden) op Facebook

Woord van 2020

Mag ik alvast een woord van het jaar nomineren voor 2020? Met dank aan de huisdichteres? Anders dan de meeste winnaars sinds 2014 (dagobertducktaks, sjoemelsoftware, treitervlogger, blokkeerfries en boomer) houdt het geen politieke stellingname of veroordeling in – daarom zou een uitverkiezing op zich al een verademing zijn.

Het begon ermee dat ik als vers gepensioneerde het voornemen opvatte de waan van de dag aan me voorbij te laten gaan en me meer te verdiepen in ‘deep time’ en andere onmodieuze onderwerpen: geologie, paleontologie, archeologie. Of korstmossen bijvoorbeeld. Tot op heden is er van driftige studie nog geen sprake, helaas. Want hoe gaan die dingen?

In oktober op Mull kocht ik voor £4,99 een gelamineerde brochure met korstmossen – je moet ergens beginnen. Er stonden afbeeldingen op van de 63 bekendste soorten. 63?!?! En dan te bedenken dat er 1700 soorten zijn in Groot Brittannië en Ierland… De meeste zo klein als gestampte muisjes; het blote oog is voor het determineren ontoereikend. Tot mijn schrik bleek je ‘lichen’ (korstmos) ook nog anders uit te spreken dan door mij al 45 jaar verondersteld: niet [liesjen] maar [laiken], zoals je bij Facebook een bericht kunt ‘liken’.

Vooralsnog blijft het er dus bij dat ik af en toe treuzel bij stenen en bomen en een foto maak van groene of gele aankoeksels. De afgelopen week waren we op het eiland Sanday in Orkney (vandaar de RaDa-stilte ook). Op de zerken leefden de korstmossen zich uit met onkarakteristieke uitbundigheid. Mijn motivatie was direct terug!

.

laiken2

.

Vanmiddag ontvluchtten we meteen na thuiskomst de stad en toen zagen we de ‘mosmuis’. Geen korstmos maar gewoon(?) mos, dat soms een tapijtje vormt, maar soms ook kleine kussentjes.

.

mosmuis2

.

Deze lag los op de grond, maar het mooiste is het als de ‘mosmuis’ op een muurtje groeit, of in een voeg. En heel soms zie je een mosmuis met staartje.

.

mosmuis3

.

Mocht de huisdichteres ooit nog in aanmerking komen voor de P. C. Hooft-prijs, hoop ik dat de jury deze taalvondst in zijn overwegingen betrekt. Zo, en dan nu eens kijken of Haarlem al iets aan actualiteit heeft gebaard dit jaar.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (in ieder geval de komende maanden) op Facebook