Stedentwist

Afgelopen zaterdag, de Dag van de Architectuur, organiseerde de PvdA afdeling Haarlem een fietstocht met gelegenheid tot discussie, door Haarlem Centrum en Zuid-West. Uit hoofde van mijn combi-functie als hoofdredacteur/stadsverslaggever /erecolumnist van het Raarlems Dagklad vervoegde ik mij incognito op het Prinsenhof.

Met een pelotonnetje van zo’n twaalf (m/v) slipstreamden wij achter raadslid Jan de Ridder aan tot de eerste stop – honderd meter verderop bij het vernieuwde Concertgebouw, onlangs (waarom, weet íemand waarom?) omgedoopt tot de Philharmonie.

Hier kwamen reeds de eerste vragen uit de groep. Kritische vragen, zoals ik vooraf al vreesde en de vragenstellers keken grimmig, alsof ze op haatzaaicursus waren geweest bij Fré Meis. Ja, ja, zo’n renovatie… hoeveel miljoen kostte dat nou aan gemeenschapsgeld? (Gemeenschapsgeld is twee keer zoveel waard als gewoon geld, M.J.) Dik twintig? Zo zo! Nou, dat is geen pie-nuts! En dan te bedenken dat maar een klein percentage van de bevolking daarvan profiteerde. Een meefietsende amateurtoneelspeler vond dat zijn gezelschap af en toe ook op dat podium moest, in plaats van in het buurthuis…

De rest van de ochtend had ik ‘The world isn’t fair’ van Randy Newman in mijn hoofd: If Karl Marx were living today, he’d be turning around in his grave.

Het moet gezegd, na die eerste bange momenten viel het erg mee met de geharnaste opinies. Het werd een uiterst genoeglijke en leerzame ochtend, vooral dank zij gids Jan de Ridder en Henk Sloos, in zijn rol van gast-deskundige bij het te restaureren zwembad de Houtvaart. Bovenal werd bij haast elke etappeplaats duidelijk in hoeveel korsetten tegelijk beleidsmakers zitten vastgesnoerd.

Behalve bij een aantal mij bekende knel-, twist- en pijnpunten stopten we ook in de lieflijke Olieslagerslaan (bij de Wagenweg), waar enkele bewoners hun grieven over de nieuwbouwplannen eloquent toelichtten. Niet alleen te hoog, die appartementen, maar ook veel te luxe en dan kan je natuurlijk op je vingers natellen dat er [????????] komen te wonen.

(Kunnen júllie het natellen, Raarlemmers, met of zonder vingers? Voor mij was het nieuw. Een hint: afgaand op de denigrerende toon, hoorden deze algemeen verafschuwde en verguisde lieden thuis in dezelfde categorie als huurmoordenaars, serieverkrachters, witwassers en anderen wier achternaam door justitie wordt ingekort tot één hoofdletter.)

“Met die hoge prijzen trek je alleen maar Amsterdammers.”
Ah, …Amsterdammers! De Amsterdammer is volksvijand nummer één, daar in de Koninginnebuurt – minder populair dan de zwarte rat in tijden van builenpest. Plat pratende patsers zijn het, poenige blaaskaken, dat mogen we nu toch eindelijk wel eens hardop constateren?

Beste Raarlemmers, er broeit hier iets. Na eeuwen van ogenschijnlijke vrede dreigt een nieuwe stedentwist. Wanneer de strijd plotseling oplaait is het van het hoogste gewicht dat jullie je aan de goede zijde van de stadspoorten bevinden. Weest waakzaam! De vijand is heldhaftig, onbarmhartig en vastberaden en of onze deugd groot genoeg is om te zegevieren over hun macht moet nog maar blijken. Misschien dat het in vroeger tijden zo was. Gij zijt in elck geval gewaarschuwd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *