A-locatie

Het is mijn eerste interview op een A-locatie. Ervaren Haarlemmers hadden mij op het hart gebonden voor alle zekerheid zowel een koevoet als een zaklantaarn mee te nemen. 

In de praktijk valt het reuze mee. Ik nader probleemloos vanaf de Grote Markt, stap over een slapende zwerver heen en wrik enkele minuten vergeefs met de koevoet onder de draaideur – tot ik merk dat aan de andere kant iemand bezig is met zijn mouw de groenige aanslag van het plexiglas te poetsen. "Ik heb een afspraak!" schreeuw ik. "Bent u Geurt Uitsnik, de laatste winkelier van de Brinkmannpassage?" 

De ogen achter de schoongeveegde plek gloeien paniekerig op en verdwijnen schielijk. Na enige tijd klinkt het gerinkel van een dik hangslot. De draaideur schuift onwennig op een kier. In het schemerduister ontwaar ik een verwilderde, magere man in een stofjas, die mij argwanend opneemt. 

"Welkom," spreekt hij na enige aarzeling. "Let maar niet op de barricade. Soms ben ik een beetje paranoia." 

Ze hadden beter de sportverslaggever kunnen sturen, denk ik, terwijl ik moeizaam over de versperring klauter. Drie toonbanken, met daarop een rijk assortiment kassa’s van uiteenlopende herkomst en ouderdom. Een museum zou er blij mee zijn. Ik volg het rafelige silhouet van de winkelier. Halverwege de roltrap gaat Uitsnik zitten, ontvouwt een plastic boodschappentasje op een roestige trede en noodt mij naast zich. "Sorry, mijn winkel is vandaag gesloten. Wegens omstandigheden. En hier hebben we minder last van de ratten." 

Hij doet zijn relaas, aanvankelijk schoorvoetend, al spoedig struikelend over zijn woorden. Hoe hij zijn goedlopende zaak aan de Vergierdeweg had opgedoekt, omdat hij toe was aan iets nieuws. Dat hij iets kon huren in de Brinkmann, en tja… Berustend haalt hij zijn schouders op. 

"Lips Capital Group heeft me destijds van alles voorgespiegeld. Stom, zeg je met de kennis van nu, maar vergeet niet, destijds was het een heel andere Passage. In 2009 hadden we hier elektrisch licht en stromend water en de loop zat er goed in. Deurwaarders en gemeenteambtenaren, voornamelijk, maar toch… 

Ondernemen zit mij in het bloed. Je ruikt altijd kansen als ondernemer. En dan hoop je die €3000 per maand terug te verdienen. Ergens in je kop houd je als Haarlemmer die herinnering aan vroeger, toen hier nog een slager zat, een groenteman, en een warme bakker." 

Hij had een klapper willen maken met een restpartij warmwaterkruiken. 13.000 stuks. Cambodjaans rubber, topkwaliteit. "Eerst krijg ik die klotekredietcrisis voor mijn kiezen en de klimaatverwarming helpt ook niet als je in de kruiken zit. Dan is het een simpel optelsommetje. Die bioscoop nokte ermee, mijn huwelijk ging op de klippen, ik moest mijn huis verkopen. De winkels naast me gingen failliet en op een kwade dag besef je dat je hier als enige kampeert. Toen ik ook nog natte pleuris kreeg en mijn compagnon er met de kas vandoor ging, heb ik serieus overwogen er de brui aan te geven, dat mag je gerust weten, maar ja, opgeven zit niet in de aard van deze jongen." 

Ik huiver onwillekeurig. 

"Zullen we het eens wat behaaglijker maken hier? Dan gooi ik wat boeken van Plantage in een ton, daar stook ik al de hele winter van.” Als het goed fikt, neemt Geurt me in vertrouwen. Zijn ogen schitteren koortsachtig. “Op een dag komt het goed hier. Dit is en blijft een A-locatie. Een A-locatie, hoor je me? Ik wéét dat het goed komt." Hij vist een smoezelige brochure van Lips Capital Group uit zijn binnenzak. Uit 2009. 

A striking and creative architectural renovation of historic retail space is underway in the heart of Haarlem’s Grote Markt and busy town centre. Brinkmann Passage is strategic for the city and for Lips, and both are collaborating to shape a design that builds on the location’s prominence and value and advances its classic Dutch-urban architecture.’ 

"Begrijp jij wel wat hier staat, Geurt?" 

"Dat het een A-locatie is, toch?" 

"Ik zal het voor je vertalen… Luister goed. 

‘Lips Capital Group is een internationale projectontwikkelaar met een portefeuille van twee miljard euro. Lips kan wachten, Haarlem kan barsten! Lips heeft schijt aan de bewoners en draait die armlastige gemeente met plezier een poot uit’" 

Het blijft even stil. Dan slaakt Geurt een rauwe kreet en vlucht het duister in. 

 

Voorgelezen in de Radio 105 Broodkast op 11-2-’09 

.

6 gedachten over “A-locatie

  • 13/02/2009 om 10:21
    Permalink

    Al enige jaren kom ik zo af en toe graag naar de creatie van het Ampzing: de Broodkast, soms voor een onderwerp, meestal voor Jaspers. Het was vrijwel altijd genoeglijk. Goede interviews door prettige mensen en grappige interventies waar het de stiel van Ampzing betreft; de leenwoorden. Nu valt het niet mee om in het café van het Patronaat dezelfde sfeer en beleving te creëren dus kom ik minder vaak of vertrek direct na Jaspers. Uiteraard was ik er voor de bekendmaking van de Stadsdichter. Nu was ik erg gespannen want achtte de kans de verkiezing van het Ampzing te ontlopen klein; ik gun de aandacht liever aan iemand die nog moet komen dan aan mensen die er al zijn, op hun eigen vakgebied dan. Mijn humeur werd er niet beter op vanwege de muziek. Nadat Hennie, als voorzanger, het Ampzing had verlaten is de kwaliteit matig, zeer matig. Nu kan ik van Jaspers juist erg waarderen dat de spanning van hem af te lezen valt; dwars door zijn spanning/zenuwen heen weet hij hoge kwaliteit neer te zetten. Maar als ik Bies zie staan; wat verlegen en met een van de spanning omfloerste stem die nooit boven de middelmatigheid uit komt word ik narrig. Het geeft niet …maar doe het dan niet! Waarom die eeuwige 3 liedjes eindeloos herhalen; we kunnen ze allemaal uit ons hoofd meezingen! En dan moet het ergste nog komen; voor de 27ste keer de “Haarlemse Jongens”. Natuurlijk kan ik genieten van de blozende, bijna puberaal blije kop van Joost! Dat hij niet zingen kan geeft hier niet, zijn liedjes hebben dat niet per se nodig. Maar dat lied… . “Koffie!” roepen de mensen thuis bij de radio; Als het Ampzing wordt aangekondigd gaan de mensen even plassen en de koffie inschenken (wij moeten de plas nog even ophouden omdat het toilet erg ongelukkig geplaatst is tov het podium en publiek). Innoveert het Ampzing niet? Oefenen ze niet zodat ze gelijk beginnen, gelijk eindigen en solo’s op tijd inzetten? En waar is Henk? Zijn bijdragen op accordeon tilde het Ampzing nog wat op! Nu denk ik, als ik Bies mag persifleren: was het maar God Vergeten Stil!
    “Sylvia Hubers”, roept van Velzen. De avond is gered! (Maar de volgende dag wist ik het weer…)

  • 13/02/2009 om 15:23
    Permalink

    Toch wil ik nogmaals mijn plannetje om er een stadszwembad van te maken promoten!Hoe lekker moet het zijn om sóchtends vroeg naar de Grote Markt te wandelen met je zwemkleding en een handdoekje en dan even wat baantjes maken!En van de glijbaan gaan(die dus helemaal in de nok begint,je kunt dus gewoon met de roltrap!!!)Heerlijk.

  • 13/02/2009 om 22:28
    Permalink

    Beste Cees (achternaam?),

    Je kritiek op onze muzikale bijdrage is pijnlijk waar.
    Vanaf volgende maand andere liedjes.

    Overigens, Henny is nog steeds onze voorzanger! Bij vrijwel alle optredens is hij aanwezig. Bij de Broodkastoptredens is Henny helaas vaak verhinderd.

    Neemt niet weg dat wij zeer blij zijn met Joost, Bies en Ellen als zijn vervangers.

    Tijdens de Reve-avond 13 maart in de Janskerk een nieuw lied van Bies en mij.

    Haarlemse Jongen ga je de komende maanden nog heeeeeeeeeeeeeel vaak horen.

    Wen er maar vast aan.

  • 14/02/2009 om 11:01
    Permalink

    @Eric; Sportieve reactie, ben ik blij mee want ik vond dat het gezegd moest worden. Cees (niet van Hoore) Prinsen is de naam. Ik heb 6 jaar lang de muziek op het zondagpodium van de Waag geprogrammeerd. Bovendien was ik ooit(lichterlijk) betrokken bij “Woorden in de Waagschaal” en “de Haarlemse Dichtlijn”. Ik ben dus hobbyhalve erg geinterresseerd in muzikanten die een aandachtig publiek 2x 45 minuten kunnen boeien. Dat is meer dan eens gelukt mag ik zeggen. Het doet mij altijd pijn als muzikanten succes hebben ondanks gebrek aan kwaliteit, niet noodzakelijk het Ampzing bedoelend. Dat van ‘De Haarlemse Jongens’ vind ik ernstig, maar wennen hoeft niet meer, ik ga naar tropische oorden.
    Veel succes met het nieuwe repertoir!

    @Allen; Vermakelijk:….Nu ik toch even Cees van Hoore noemde; lees zijn bijdrage in het HD van vandaag: “Nathalie van Rhee van het Jeltes”, lees het antwoord op de eertse vraag. (Zou Cees Krijnen zijn broek geleend hebben?)

  • 14/02/2009 om 14:10
    Permalink

    Aha, die Cees.

    Muzikale kwaliteit is geen garantie voor succes. Hoogstens voor persoonlijke artistieke genoegdoening. Mindere muzikanten kunnen daarentegen wel degelijk prachtige liedjes maken. Het Ampzing Genootschap heeft minimaal tien wonderschone titels op haar naam staan.
    Daarnaast spelen wij zo’n dertig lol-liedjes. Je hoeft niet altijd muzikale hoogstandjes te bieden. Lol en spontaniteit op het podium kunnen ook heel aanstekelijk werken.
    Neemt niet weg dat we bij de Broodkast ondermaats presteerden.

    Overigens, de muziektak is slechts één van de vier onderdelen van het Ampzing Genootschap.

    Vanmiddag speelt de Ampzing AEX (twee gitaristen)vanaf 15.00 uur in de Kennemerboekhandel. Muziek om de muziek. Kom kijken!

    Veel geluk in de tropische oorden!
    Niet gedreven door een middenlevenscrisis, naar ik mag hopen?

    Allerhartelijks,
    Eric

  • 15/02/2009 om 00:53
    Permalink

    @Eric; toch nog even; uiteraard ken ik de symbiose van kwaliteit, voordracht en uitstraling. Soms mag dan de kwaliteit wat minder zijn: we zijn het eens. Ik was niet in boekhandel want de zaterdagmiddag is voor mijn oude moeder, zolang het nog kan en het werd de boulevard van Noordwijk in de zon! Na 40 jaar van 9 tot 5 zoek ik, met mijn Lief, een nieuwe uitdaging in haar 2de thuisland Curaxc3xa7ao. Wel ontvlucht ik (een beetje) onze kwakkelwinters, min 8 is heerlijk en van de sneeuw genieten is verworden tot jeugdromantiek. Maar ik kom nog eens luisteren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *