30 antwoorden op de 30 problemen van het onderwijs

De Volkskrant en Thieme Meulenhoff – bijgestaan door een Panel van Wijzen – zwengelen momenteel een breed onderwijsdebat aan.

Voor het RaDa is er in dezen slechts één Wijze; lees de gastbijdrage van geschiedenisleraar Schulp

De dertig problemen die het onderwijs zou hebben zijn alle vrij makkelijk op te lossen. Ik heb denk ik niet meer dan acht regels per onderwerp nodig om de uitweg te wijzen. Het zou natuurlijk handiger zijn als de problemen wat beter geclusterd waren, maar ja.

  1. Arbeidsproductiviteit in het onderwijs zou gedaald zijn. Dat ligt voor de hand als de docent wordt ingezet voor andere taken dan lesgeven, corrigeren en voorbereiden van toetsen. Als de politiek vakken afschaft, functionele barrières slecht en vooral zoveel mogelijk diploma’s wil uitreiken, is dat slecht voor de productiviteit. Dat komt de effectiviteit – een veel helderder, zo u wilt transparanter, begrip ter zake onderwijs – niet ten goede. B. Bommeljé stelde al eens voor een premie te zetten op iedere scholier / student die wordt afgeserveerd. Dat zou de effectiviteit dienen. Maak plaatsen in de derde klas nog schaarser dan plaatsen in de tweede.
  2. Inhoudelijke kennis van docenten kan op peil blijven als ze elk jaar een tentamen doen over 4000 pagina’s literatuur, vakinhoud, pedagogiek of didactiek. Moet je natuurlijk niet omkomen in werk aan andere taken. Notarissen, advocaten en artsen moeten hun vak ook bijhouden. Certificeren die lui, met als criterium :’Kun je meekomen?’
  3. Die scholieren voelen alleen urgentie als het ‘menens’ is. Als er een serieuze academische oriëntatie is, een serieuze professionele, ambachtelijke toewijding aan vakmanschap.
  4. De onderhandelingscultuur mag vanuit sommige ouders een feit zijn, echt stuitend is hoe schooldirecties op vestigingsniveau hierin meegaan. Wie Koning Kind niet op zijn wenken bedient, zorgt voor ‘rare verhalen aan het schoolhek’. Van een leraar wordt een ruggengraat verwacht van een pantoffeldiertje. Sonny Bono zong het al ‘And Teeny Bopper is Our New Born King Aha ‘
  5. zie boven
  6. Docenten zijn door schooldirecties op slechte gronden teruggedrongen in de positie van educatief productiepersoneel. Bovendien worden de werkzaamheden van docenten tot op grote hoogte geagendeerd, gecoödineerd door het management. De leraar geeft zijn eigen beroep geen vorm meer. Van schilderen met olieverf op doek, is het kleuren op nummer geworden. Lijden aan het Stockholmsyndroom en andermans falen aan jezelf toeschrijven horen bij het standaardrepertoire van de moderne leraar.
  7. Een schoolklas moet vierentwintig leerlingen tellen. Niet veel meer, maar ook niet minder.
  8. Het monopolie van kennis bij de docent is helemaal niet verdwenen met internet. Zeker niet als het voorstel sub 2 wordt gehonoreerd. Informatie is breed te krijgen, ook voor de domste scholier, maar de focus, het facet, impact, zingeving en betekenis komen van de ervaren docent.
  9. Aanzien? Wie in het onderwijs werkt, hoeft niet in een duffe fleecetrui te eindigen.
  10. Achterstanden functioneren nu als bastions van waar uit prerogatieven worden opgeëist. Moeten we zo snel mogelijk mee ophouden.
  11. Lijkt wel op 9. De periode die men in zijn loopbaan als leraar heeft gewerkt, wordt toch heel vaak als erg mooi ervaren. Je moet het niet je hele leven doen misschien, niet vijf dagen per week. Regel dat maar. Eigenwijze niet al te domme mensen zijn echter elders niet erg welkom. Jabroers zijn courant, kijk maar naar de banken.
  12. Het zal eens wèl bij deze tijd passen zeg, God wat een gelul.
  13. Wat werkt bewezen? Aan het onderwijs zijn in de afgelopen dertig jaar hervormingen opgedrongen die bewezen niet werken. Met een aplomb en een kortzichtigheid die in het mooie marketingvak niet worden aangeraden.
  14. Ja, ongetwijfeld, maar toch ook niet. Flikker dat internet de school uit.
  15. Kinderen uit zwakke milieus hebben ouders uit zwakke milieus en daar zou eindelijk eens een hardhandig bewustmakingsprogramma op losgelaten moeten worden. Op al die koffieleutende Turken, theeleutende Marokkanen met hun gezellig uitkeringen, al die voedselbanktypes van de ADO, Ajax en Euroborg met hun honden, hun bier uit blik, hun overgewicht een hun onafscheidelijke kankerstokken.
  16. Leraren worden niet verantwoordelijk gehouden voor de resultaten van hun werk. Dat is tot op zekere hoogte waar. Nu kunnen wij leerlingen niet dwingen om te leren, huiswerk te maken. We kunnen ze wel van school sturen en geen vierde en vijfde kansonderwijs aanbieden op het ROC. Maar dat durven we niet, want daarvoor is ons geloof in de Verelendung te sterk. We geloven dat leerlingen die van school gestuurd worden, linea recta naar de verdommenis gaan. Dat is niet zo. Zie ook 6: het nemen van verantwoordelijkheden zonder bevoegdheden, dat ligt wat moeilijk. Meeste leerkrachten kunnen dat ook niet, staan niet erge sterk in hun schoenen. Lerarenopleidingen zijn de poezenboot van het postdoctoraal / hoger onderwijs. Het docentenbestand op die opleidingen bestaat voor een groot deel uit postmoderne halve zachten. Bindervoet en Henkes hebben daar boeiend over geschreven.
  17. Meer leerkrachten betekent meer leerlingen. Hoe meer leerlingen hoe lager het gemiddeld niveau. Klopt dus: goeie stelling.
  18. Ja
  19. Ja, niet het verdwijnen van de man trouwens, maar het verdwijnen van het onderwijs uit het onderwijs maakt dat jongens steeds slechter gaan presteren. Leraren openen geen venster meer op een wereld, ze bereiden je voor op een toets. Lekker makkelijk, heb je geen kennis of intellect voor nodig zelfs. (zie ook 2). Meisjesonderwijs volgt het gele klinkerpaadje, de sjablonenweg. We spelen het spelletje allemaal mee.”Ook onze school is een veilige school waar uw kostbaarste bezit, uw kind, op een veilige wijze naar succes begeleid wordt. Door ons uitgebreide programma van counseling en door een zorgvuldige afstemming van de toetsen op de leerstof en andersom, kunnen we bij regelmatig werken een positief resultaat garanderen.” Hoe zei Huizinga dat ook al weer? De motoren nog draaiende, de vlaggen nog wapperende, maar de geest geweken, was het niet zoiets?
  20. Zie boven: persoonlijke ontwikkeling is niet meetbaar, zelfs professor Sickbok stond machteloos bij de Grauwe Razer. Ga de productiviteit van het onderwijs maar eens meten onder het aspect van persoonlijke ontwikkeling. Gesteld dat persoonlijke ontwikkeling in tachtig procent van de gevallen een min of meer lineair en kenbaar proces is, dan al is het een hachelijke onderneming. En voor die twintig procent die wat grilliger is en wat meer brom en ruis vertoont, de twintig procent die een wat groter incasserings- en absorptievermogen van een schoolomgeving vergt / nodig heeft, is het helemaal een drama. (zie ook :poezenboot)
  21. Organisatorische rompslomp: Ja, als je scholen, platte organisaties par excellence, een reliëf wilt geven, dan moet je een middenkader in het leven roepen. Dat middenkader organiseert toetsweken en -dagen, waarvoor dan een rooster gemaakt kan worden, waarvoor proefwerken gecoördineerd kunnen worden, en daar moeten dan weer zeven weken van tevoren programma’s voor geschreven worden. Ja, dat komt de effectiviteit van gegeven lessen, het benutten van individuele capaciteiten van begaafde docenten niet ten goede. Want waarom zou collega A nog meer doen dan collega B? Maakt u zich geen illusies, collega B zal nooit zo goed worden als collega A (zie ook poezenboot). Dus de overwaarde van A gaat in de organisatorische mxc3xaalee van de lerende organisatie verloren. Naar, maar waar.
  22. Moeten ze eens mee ophouden, die leerkrachten, met opvoeden. Ze hebben zelf vaak strontvervelende kinderen.
  23. Scholen moeten maatschappen van leraren worden. Leraren met een goede track record moeten een onafhankelijke positie krijgen ten opzichte van de besturen. Medezeggenschap is niet genoeg om de individuele verantwoordelijkheid van de senior docent vorm en inhoud te geven.
  24. Begeleiding hoeft niet te lijden onder een klassenomvang van ca. 25 leerlingen. Als begeleiders hun vak verstaan en een dergelijke taak niet in hun maag gesplitst krijgen, (zie ook punt 2 en poezenboot), is er niets aan de hand. In een normale les zie ik alle leerlingen en kan ik alle absenten aan het einde van de dag opschrijven.
  25. Starre ouderwetse werkwijzen kunnen heel nuttig gereedschap zijn. Hamer en schroevendraaier zijn ondanks hun respectabele leeftijd nog helemaal van onze tijd.
  26. Ja
  27. Dat is maar goed ook. Ik wist niet dat er nog een markt bestond voor dit type postmarxistisch gelul.
  28. Ja, scholen moeten dan ook per se geen laagdrempelige buurtvoorzieningen worden. Ik vind het uitstekend om zo nu en dan eens de samenleving binnen te laten, maar rust om ideeën te ontwikkelen, te rijpen, te rotten, is ook brood- en broodnodig.
  29. Toetsen zijn een momentopname, wat u zegt juffrouw Laps. Het is een domme stoplap. Toetsen geven in tachtig procent van de gevallen een reëel niveau van beheersing van leerstof aan, niet meer (helaas zie ook 19), maar ook niet minder.
  30. Zie ook poezenboot. Taal- en rekenniveau zijn zo laag, dat ik binnen twintig jaar alleen nog foutloze sollicitatiebrieven verwacht van studenten Nederlands uit de Chinese Volksrepubliek en uit Vlaanderen

.

8 gedachten over “30 antwoorden op de 30 problemen van het onderwijs

  • 16/12/2009 om 14:28
    Permalink

    Je moet geschiedenisleraren niet vragen om een toekomstvisie.

  • 16/12/2009 om 21:15
    Permalink

    Schulp: wat bedoel je in dit specifieke geval met het Stockholmsyndroom? Of het is raadselachtig, of het is navrant en cynisch. Overigens een echte tekst van jou. Ik denk: voor het eerst: hulde.

  • 17/12/2009 om 11:49
    Permalink

    @sloos: wie wel?
    @van dijk: 21:15 en toch.
    Het Stockholmsyndroom verwijst naar een historische gijzeling in deze Zweedse stad, waarbij de vrouwelijke gegijzelden zich vergaand identificeerden met de positie van de gijzelnemer(s).

  • 18/12/2009 om 01:25
    Permalink

    @Schulp: dat weet ik ook wel, en de vraag was dus ook: wat doet die heftige term Stockholmsyndroom in jouw zesde punt? Is een leraar hedentendage gegijzeld door schooldirectie of wellicht letterlijker, door leerling en/of haar ouders? Explain!

  • 18/12/2009 om 17:35
    Permalink

    Nou, zal ik dan maar even? Een leraar is een duizenddingendoekje en het onderwijs een hondenuitlaatzone voor halfbakken ideetjes. Die halfbakken ideetjes zijn voor een groot deel afkomstig van mensen ( ja , die bestaan) met een bloedhekel aan onderwijs, kunst, literatuur, algemene ontwikkeling, kennis tout court, kortom : filistijnen. Zo is nu de zorgbreedte het onderwijs binnengedragen, waardoor je bij iedere leerling een zorgdossier te zien krijgt waar de rillingen van over je rug lopen: dysfatisch, boulemisch, anorectisch, de enige die zijn kennis moet bijschaven is de leraar, want die moet er ‘mee omgaan’ en je weet beste Kees, waar je mee omgaat, daar raak je mee besmet. Je moet, en begrijp me goed, dat willen mijn leerlingen niet, dat wil de zorgsector, schuitje varen, papje voeren, gat afvegen. De zorgapologeten vinden dat die ‘arrogante leraren’ niet zoveel kapsones moeten hebben. Die moeten hun zorgtaken opnemen. Was ik vroeger een Barmhartige Samaritaan omdat ik zoveel in de bijbel las, een vrome en oprechte christenjongen was, zeg maar uit vrije verkiezing, nu staat dat in mijn taakomschrijving: U bent voor deeltijdfactor 0,075 Barm. Sam. Leerlingen die niet aan al die hippe kwalen lijden, hebben daar niet veel aan. Maar wij moeten meehuilen met de wolven in het bos. Dit is slechts een van de vele voorbeelden die ik zou kunnen geven. Denk ook aan : de afschaffing van het literatuuronderwijs, de vervlakking van examens, opknippen van vakken, verwaarlozing van de moderne vreemde talen. Wij, leraren moeten alles maar mooi en leuk vinden, terwijl we diep in ons hart vinden dat we onze leuke leerlingen wel wat beter toegerust mogen afleveren.
    Tot slot: mijn dertig reacties zijn nogal p o l e m i s c h en dan vloeit zo’ boekesteijntje als Stockholmsyndroom je makkelijk uit de pen.

  • 18/12/2009 om 21:43
    Permalink

    Kijk! Dát wilde ik horen. Dat is nou Schulp; of des Schulps, zo men wil. Dat je je gecompromitteerd voelt door zo’n zorgdossier. Dat noem je dan een Stockholmsyndroom. Dat is gelijkertijd essentieel voor het werk: Theo Thijssen, grofweg. Kees de jongen, gekaapt door Jeugdzorg en Rouvoet in de overdrive is wat je bedoelt. Dank je hartelijk voor de verduidelijkende expansie van 17.35. Kerstvakantie.

  • 19/12/2009 om 13:16
    Permalink

    @Kees van Dijk: En niemand waagt het ook maar een heel klein vraagtekentje te zetten bij de breedte van de ‘zorgbreedte’. Ik noem maar wat: er wordt een gesprek van anderhalf uur gehouden met 1) de leerplichtambtenaar, 2) de psycholoog, 3) de orthopedagoog, 4) de zorgcoxc3xb6rdinator, 5) de mentor en 6) de moeder over een (1!) ‘zorgleerling’, een jongen die het vertikt in zijn kostbare ‘tussenuren’ (= zijn eigen tijd) naar zijn zorgafspraken te komen. Misschien een beetje veel eer? Maar het is een stroom waar je op gevaar van je eigen gezondheid tegenin zwemt.

  • 20/12/2009 om 13:11
    Permalink

    @sloos: zal ik die ook maar even meenemen, een toekomstvisie. Om te beginnen, ik weet niet veel van de toekomst, maar ik denk dat de toekomst veel meer op het verleden gaat lijken dan wij vaak denken. Dat zul je ook zien aan het onderwijs. Anderszijds, dertig uur is wat veel om in de klas te zitten met mensen die veel dommer / slimmer zijn dan jij. Laten we het aantal lesuren op vmbo /havo /vwo /gymnasium dus beperken tot vijftien. Drie uur per morgen in de vakken nederlands, frans, duits,engels wiskunde, natuurkunde, scheikunde, biologie, geschiedenis, aardrijkskunde, eceonomie en ‘wereldliteratuurgodsdienstenfilosofie’. Dan zit je op donderdag. Vrijdag, de laatste drie uur klassieke talen, techniek en aan de helaas verdwenen huishoudschool. Welbestede ochtenden die gevolgd worden door welbestede middagen aan de sport, de cultuur, de uren in je vier keuzevakken en uren in de vakken waar je niet zo goed in bent. Een vrije middag en zo min mogelijk huiswerk. En dat dan vijf jaar lang. Mag ook vier en dan kun je naar het mbo, mag vijf, kun je naar het hbo, mag zes, kun je naar de universiteit. Voor respectievelijk de gewone mensen die het hart en ziel van de samenleving uitmaken, de vluggerdjes en de bollebozen. Deze prachtindeling is van een van de weinige pedagogen met een beetje inzicht, Wilhelmina Bladergroen. Tevreden, Sloos??

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *