De stem van de schrijver

Van klassieke schrijvers ken je de stem niet en dan componeer je zelf maar een bijpassende, afgaand op hun stijl. Jonathan Swift klinkt afgemeten in A Modest Proposal, meedogenloos als een decoupeerzaag. Samuel Johnson geef je een stem die alle oppositie platwalst – sonoor, gezaghebbend.

Uit de eerste helft van de vorige eeuw valt al heel wat bij elkaar te samplen. Van James Joyce had ik ooit weleens een plaatopname gehoord. Die klinkt als een favoriete oom die voorleest aan een kind op schoot (voorleest uit Finnegans Wake, dat wel); Virginia Woolf praat als de keurige, stijve tante. De dictie van T.S. Eliot is klinisch, afgeknepen in deze plaatopname van The Waste Land, daarentegen olijk (met zeer expressieve wenkbrauwen) in de TV-recital van de The Love Song of J. Alfred Prufrock. Veranderende conventies spelen waarschijnlijk ook een rol bij onze waardering: W.B. Yeats waarschuwt terecht dat hij The lake Isle of Innisfree niet zal lezen als proza, de bij radioluisteraars zeer geliefde Dylan Thomas stelt zich aan (in mijn oren) bij ‘Do not go gentle into that good night’. 

Gisteren las ik dat George Orwell, die voor de BBC Eastern Service radio-uitzendingen verzorgde, ter discussie stond vanwege zijn ‘unattractive voice’ – eentonig en krachteloos, volgens de kritikasters. Het zal wel waar zijn (er bestaan gek genoeg geen opnames meer van Orwell!), maar wie had dat kunnen vermoeden na het lezen van zijn stevige, doorwrochte essays??

Van moderne Nederlandse auteurs voegt het stemgeluid in sommige gevallen iets toe. Misbaar (voor mij althans): Hermans, Mulisch en Wolkers. Blij dat ik ze wel heb gehoord: Carmiggelt (hier in Een Onthaal), Gerard Reve (uit De Avonden) en J.M.A. Biesheuvel ( getuige Herinnering aan Sjaan). 

.

13 gedachten over “De stem van de schrijver

  • 30/12/2009 om 16:46
    Permalink

    Nou…ik heb Mulisch onlangs geinterviewd en ik vond zijn vertelstem veel interessanter dan zijn boeken…Heel zangerig, en uitermate geschikt voor het zogenaamde vertelboek op cd…

  • 30/12/2009 om 17:01
    Permalink

    @interviewer: Ja, er spelen natuurlijk een heleboel factoren mee(waaronder veel oneigenlijke). Een foute das kan een goede stem verpesten, etc. Zo vroeg ik me bijv. ook af of de Haarlemse stemmen (Bomans, Wiener, Mulisch?) mij tamelijk onberoerd laten omdat ik er te vertrouwd mee ben. Terwijl (hoe afgezaagd) de Vlamingen een streepje voor krijgen.

  • 30/12/2009 om 17:13
    Permalink

    Haha!Mulisch moet je dan ook niet zien, alleen al vanwege die neus die echt een verschrikking is van dichtbij. Mijn ogen hadden moeite bij z’n ogen te blijven tijdens het interview, moet ik eerlijk toegeven..Ergo; Wel een mooi stemgeluid.

  • 31/12/2009 om 11:22
    Permalink

    Moet je die leuke stem eens horen van de auteur van ‘Mijn Kamp’!

  • 31/12/2009 om 14:31
    Permalink

    @Carel: Ja, Dolfke had een mooie voorleesstem. Dat is goed te horen in de zachtere, bezwerende passages vlak voordat hij crescendo ging in zijn redevoeringen. Zou hij in de bunker de kindertjes Goebbels voor het slapen gaan de sprookjes van Grimm voorgelezen hebben? Zo ja, jammer dat er geen opnamen zijn.

  • 01/01/2010 om 11:54
    Permalink

    Ben er net weer in aan het lezen, in zijn verzameld poza en hoor zijn unieke stem: Johnny van Doorn. Bulder even mee met zijn puberherinneringen:

    ‘Ik had nog nooit met een meisje gemaakt. een groenzoeter van vijftien die door zijn pluizig rood baardje er vier jaar ouder uitzag.
    Ik weet nog wat ik dacht toen ik begerig naar haar sensuele vormen keek die door de strakheid van haar kleren verleidelijk uitkwamen. Veronderstel dat ik zo’n artistiek meisje mee naar huis zou nemen. Dit was allicht sowieso uitgesloten. Ik stelde me voor dat ik gearmd met haar om de hoek van onze straat kwam zetten. Neenee, dat kon niet! Mijn ouders zouden de zenuwen krijgen. Ze was te geil… en ze zag er te opvallend uit. Het isolement van de provinciestad in die jaren was van veel penetranter omvang dat tegenwoordig.’
    (fragment uit: Mijn kleine hersentjes, 1972)

  • 01/01/2010 om 17:27
    Permalink

    @Richard: Grappig,Van Doorns stemgeluid werd hier thuis nog even genoemd toen we het over spraakmakende (sorry!) stemmen hadden.

  • 01/01/2010 om 18:26
    Permalink

    Ah, de bekakte Ernhmse toon van Johny van Doorn, ook ik hoor bij zijn proza die stem erbij. Datzelfde heb ik met die hele club van voordrachters die regelmatig te gast waren in De Avonden van de vpro-radio: J.P. Guépin, Joost Zwagerman die zijn gedichten leest, Adriaan Bontebal, Biesheuvel, en A.Moonen.

  • 01/01/2010 om 19:12
    Permalink

    Geen stem stemmiger dan Cees Budding.

  • 01/01/2010 om 20:31
    Permalink

    En wat ik me nou wel ‘ns heb afgevraagd: wat doet nou toch die apostrof in ’s mans achternaam: Buddingh’? Zoon van Budding?

  • 02/01/2010 om 13:16
    Permalink

    @Rigo; – De naam Buddingh’ zou vroeger geweest zijn: Boetrechtheer, Boetrecht zou verbasterd zijn tot Buddingh, de eer zou verloren zijn gegaan, en de apostrof er voor in de plaats gekomen. Het is dus in ieder geval een zogenaamde afkortingsapostrof.

  • 03/01/2010 om 15:05
    Permalink

    @sloos: Moet ik boetrecht dan opvatten als ‘beding’? En is dat dan Buddingh’ geworden? Trouwens, mijn buurvrouw heet ook Buddingh’, maar is geen familie.

  • 03/01/2010 om 17:14
    Permalink

    En dan het je Buddingh’ en dan zul je zien dat je dat niet zo vermeld kunt krijgen in bv een e-mailadres, website, of simpeler, gewoon op de enveloppen van de grotere instanties. De trema, nog zoiets.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *