Rampstoet

Een jonge vrouw stapt  bij Postjesweg in de metro en komt naast me zitten. Haar mobieltje telt tot drie en zet de belmelodie in. Ik stel me in op een gesprek met het soortelijk gewicht van een suikerspin, maar vandaag gaat het anders. Het gebruikelijke verbale kwispelstaarten gaat vrijwel direct over in een luid, langgerekt 'néééééééé!'

'Néééé, toch? Nee, dat méééén je niet.  Oh, wat vréééselijk!'

Ik weiger me eerst zorgen te maken. Vergeten uit te checken met de OV-kaart? Gedumpt door vriendje? Hertentamen verknald? Ladder in nieuwe gele panty? Gossip Girl DVD-box niet uit voorraad leverbaar?

'Jaah… Jaaaaa… ja-ha…aja…'

Haar spraakvermogen is gereduceerd tot één woord. De ja's trekken voorbij in een trage file, die mij alle gelegenheid geeft er bijpassend onheil aan te koppelen. Losgeslagen tumoren, opzettelijke verminking, een bloedbad met tien doden, een derde miskraam, een gezonken continent… Wat is er veel keuze.

'Ja… j… Ja…'

Krachtig ja, gefluisterd ja, ja met gesmoorde stem, binnensmonds… Het zou een improvisatieopdracht van de toneelschool kunnen zijn: varieer twintig keer op het woord 'ja' en druk steeds intens medeleven uit. Alleen, waarmee?

'Ja…. (18) … jaaaa-m (19) … o jaaa (20!). Mmmn mmmn… dus volgende week krijgt ie dan loopgips?'

Op de valreep, vlak voordat ik eruit moest. Loopgips. Niet leuk, maar ik was toch opgelucht.

.

.

Eén gedachte over “Rampstoet

  • 04/06/2010 om 09:14
    Permalink

    Geniaal 🙂

    Voor wat betreft de Windows Live Writer…ieeeeeeeeeeeks, aaaaaaaaaaah, wat vréselijk nog steeds..maar tot besluit: Het komt wel goed schatje 🙂

    Wanneer, dat blijft de hamvraag.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *