Ladelichters gezocht

Kan er niet een maandelijkse Haarlemse Ladelichtersdag komen?

Of anders kunnen gewiekste lokale ontwerpers misschien een zelflichtende lade bedenken, met een maandelijkse cyclus? Met een vernuftig mechaniekje dat periodiek de lade leegkiepert, zodat de eigenaar herinnerd wordt aan de vergeten of verdrongen inhoud?

Bij de gemeente Haarlem ging het om ambtenarenflat Koningstein. Wat lag daar in een lade met het stickertje ‘niet openen, s.v.p.’?

Een onderzoek uit 2010 (na Chr. – dat wel), met een waarschuwing over losse asbestdeeltjes boven plafondplaten. Pas bij een interne verhuizing kwam het rapport aan het licht, ónder de asbestdeeltjes! Alle ambtenaren zijn nu op stel en sprong verhuisd en de OR schreef een (ik citeer het HD) ‘brief met explosieve inhoud’.

Een bombrief? Hoe dan ook, de OR wil weten hoe het bestaat dat een van hun eigen laden deze veronachtzaamde waarschuwing bevatte en verlangt voor alle werknemers die dat willen een persoonlijke risico-inventarisatie. Hielenlikkers en kruiperige types op de verdiepingen direct boven de gevaarlijke plafonddelen lopen de grootste kans op nadelige effecten, denkt de RaDa-reda, die een flauwe Engelse graffito niet uit zijn hoofd kan krijgen: My uncle Fred died of asbestosis, it took six months to cremate the poor bugger.

Laden moet je lossen, dat staat buiten kijf. Toch kennen we (ambtenaar of geen ambtenaar) allemaal de verleiding om het soms niet te doen. Weinigen zullen het echter zo bont maken als Tony Roos. Bij de Tour des Troubadours van het Lennaert Nijgh Festival meldde Tony lakoniek dat hij voor deze speciale gelegenheid een voor hem persoonlijk geschreven tekst van Lennaert had afgestoft die al 27 of 37 of 47 jaar ‘in een la lag’ en die toch maar eens op muziek had gezet. Volgde een werkelijk schitterend lied over wachten op de eerste trein tijdens ‘de vroegste uren van de dag / dat dronken zijn nog even mag / die uren willen even nog niet meedoen / aan wat eigenlijk niet mag, etc. **

Nee, dan Peter Stufkens, die voerde een nog dampend lied uit dat hij onlangs in drie luttele uren in elkaar had geflanst met Jan Willem Reitsma (van de Marginalen): In hemelsnaam bewaar me / voor de traagheid van het Spaarne / Die bak vol regenwater / waar zo weinig in gebeurt.’

Ik plak er nog even een fotootje onder, beste Raarlemmers. Van het Spaarne, laat op op de zondagmiddag, toen de dooi net was ingevallen. Want voor je er erg in hebt, blijft het weer in een la liggen…

spaarne, dooi

** Het citaat is gebaseerd op mijn eigen onleesbare krabbels, dus wijkt misschien af van de werkelijke tekst

Eén gedachte over “Ladelichters gezocht

  • 31/01/2013 om 10:57
    Permalink

    Het eerste citaat moet zijn: die eerste uren van de dag / dat dronken zijn nog even mag / er zijn geen mensen die het zien. De tekst van “De eerste trein” uit 1968 is al eerder uit zijn laatje ontsnapt, want opgenomen in de royaal geannoteerde Lennaert Nijgh-verzamelbundel Ik doe wat ik doe (Nijgh [sic] & Van Ditmar, 2000). Tony Roos vertelde zondag dat hij zich door het festival gedwongen voelde er dan toch eindelijk muziek bij te schrijven. Het resultaat is een liedje dat een klassieker had kunnen zijn. Nu als de wiedeweerga opnemen en uitbrengen die handel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *