Schoppers en Aaiers

Vandaag had de voltallige eenpersoons hoofdredactie weer eens tijd om wat te schrijven, maar vandaag is ook mijn deadline voor het Straatjournaal. Bij wijze van compensatieregeling plaats ik hier de maartcolumn voor hetzelfde Straatjournaal, over uitgaansgeweld (wel heb ik natuurlijk graag dat jullie die krant kopen, er staat veel lezenswaardigs in).

Schoppen is het nieuwe slaan. Schoppen met zijn zessen of achten tegelijk. In Eindhoven deden ze het (aangevoerd door de ‘hoofdkopschopper’ uit Turnhout) en kort daarna werd op de Kruisbrug in Haarlem een jongen van zijn fiets getrokken en met agressieve schoenpunten bewerkt.

Míjn ergste ervaring met ‘uitgaansgeweld’ dateert van 35 jaar geleden, in De Slok, een café (inmiddels terziele) waarvan ik wist dat ik er niet naar binnen moest gaan, maar ja… Een vriend en vriendin troonden me mee. Binnen wilden we eigenlijk meteen weer weg… Eéntje dan? Een potig, onguur heerschap morrelde wat aan een brandslang, de strakke straal spoot mijn vriend kletsnat en zijn verwensing was het signaal voor de kortste bokspartij in de geschiedenis. Met één klap werd hij over een tafel gebeukt. Ik deed niks. Er was geen tijd om bang te worden en laf te zijn – het ging te snel.

We hielpen hem overeind, stelpten zijn bloedneus met een zakdoek, grabbelden op de vloer naar zijn bril en maakten ons op voor een vernederende aftocht, zonder te merken dat een trawant van de vechtersbaas van achteren naderbijsloop en uithaalde voor een verwoestende kaakslag. De aangifte (twee afgebroken kiezen, kapotte bril) liep op niets uit; de kroegbaas ontkende zijn vaste klanten ooit eerder te hebben gezien, en daarmee was de kous af.

Ik was geschokt, maar kan me niet herinneren dat ik er conclusies aan verbond over moreel verval, verloedering, de noodzaak voor een ethisch réveil of hervorming van het strafrecht. De Slok zouden we voortaan mijden, maar aan gesomber over onze beschaving deed ik toen nog niet. Nu soms wel. Bijvoorbeeld als ik in de Smedestraat de posters Uit in Haarlem zie: ‘Geen ID bewijs = €85, Alcohol op straat = €85, Wildplassen = €120, Vechten = zitten, Wapenbezit = zitten, Vernieling = zitten.’ Voor de duidelijkheid: zitten = de cel in.

Na de mishandeling op de Kruisbrug meldde de politie tactloos dat de zaak geen prioriteit kreeg. Gevalletje zinloos geweld, meer niet. Het kwam ze op een publieke schrobbering van burgemeester Schneiders te staan, maar ook die klonk murw toen RTV-NH hem interviewde. Alle denkbare maatregelen ten spijt is het regelmatig hommeles in de binnenstad, erkende hij.

Maak mij alleenheerser en ik kondig een balansjaar af. Niet één lullige balansdag, nee, een jaar van bezinning waarin alle cafés om tien uur sluiten. Jaarmarkten, stadionfeesten en dance events verbied ik en ook het voetbal wordt geschrapt. Daar zal Nederland van opknappen!

In afwachting van zo’n mandaat zoek ik naar andere remedies tegen cultuurpessimisme. Soms helpt de wetenschap mij om de zaken in een breder perspectief te zien. Zo stelde bioloog Stephen Jay Gould ooit droogjes dat de mens niet tot de agressieve soorten behoort. Die vechten een à twee keer daags en dat gemiddelde halen wij lang niet, zelfs niet in discorijke zones.

En onlangs meldde de NRC dat muizen een speciale aaireceptor hebben. MRGPRB4 heet ie. De ontdekking daarvan betekent een nieuwe impuls voor het onderzoek naar aaineuronen. Bij de mens wordt optimaal aaigenot bereikt bij een streelsnelheid tussen 1 en 10 cm per seconde. Voor een kat ligt de maximumaaisnelheid aanmerkelijk hoger: 30 cm/sec. Gaat het sneller, houdt hij op met spinnen. De aaineuronen in onze huid reageren al op een druk van 0,22 gram – een korreltje hagelslag! Voor een doffe dreun zijn ze daarentegen compleet ongevoelig. Wáárom een subtiele aanraking bij mens en dier tot welbevinden leidt, hebben de geleerden tot dusver nog niet ontraadseld.

Je hebt er natuurlijk niets aan als je groggy op een brug ligt, maar ik kan opkikkeren van zo’n berichtje. De schoppers halen de krant, denk ik dan, maar laten we toch vooral de aaiers niet vergeten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *