Agressief riet

Ik wou het eens over riet hebben. Geen zachtwuivende rietkraag in een lauw junibriesje, aan een kabbelende vaart bij Stompetoren of Oudkarspel, zoals je zou verwachten in een column over Noord-Holland. Nee, dit gaat over agressief riet.

Dat riet bevindt zich buiten zijn natuurlijke biotoop, op een parkeerplaats bij de ingang van de Kennemerduinen, aan het begin van de Bloemendaalse Zeeweg. Iedere Haarlemmer kent die plek uit zijn prille jeugd – sinds mensenheugenis is spartelmeer ’t Wed een geliefde bestemming van schoolreisjes. Na afloop een waterijsje bij De Duinroos en dan tevreden de bus in, of terugwandelen naar school.

Hoor ik daar een kniesoor? ‘Sinds mensenheugenis’…? Nou vooruit, sinds de jaren vijftig dan: ’t Wed ontstond door graafwerkzaamheden voor de naoorlogse nieuwbouw. Schalkwijk en zo. Maar zonder overdrijving kan je stellen dat generaties dagjesmensen met die omgeving vergroeid zijn.

Daarom kwam het ook als zo’n schok voor mij toen ik onlangs zag dat ze bij de parkeerplaats een immense vliegtuighangar aan het bouwen waren. Toen ik mijn wtf-momentje had gehad (of misschien was het wel een what-the-fuck-minuut – zó perplex was ik) bestudeerde ik het infobord. Er verrijst daar een nieuw bezoekerscentrum, ter vervanging van De Zandwaaier aan de overkant van de Zeeweg.

Zandwaaier

Wat was PWN van plan??? Bij een bezoekerscentrum denk ik aan een plattegrondje met de gele, blauwe en groene wandelroutes en voor de liefhebbers leerzame plaatjes van de vale specht en de linksdragende hazelaar. Koffieautomaat, een besnorde boswachter ernaast en klaar is kees. Daar is geen power-building voor nodig. Dit enorme gebouw was een statement; en bovendien een investering die vroeg om een uitbater, die alles uit ging baten wat er uit te baten viel. Duinconferenties, duin-events, dunetainment, waanzinnige duinparty’s voor duinplayers en duindellen.

Uh… en jullie dan? vroeg ik even verderop bij kiosk De Duinroos. Juist ja, als ik het niet dacht: einde verhaal. Ze doen alleen dit jaar nog. In eerste instantie had PWN botweg het contract opgezegd. Met opgaaf van redenen: ze wilden de grond weer teruggeven aan de natuur (waar nu het terrasje ligt zouden zeldzame orchideeën bloeien en hagedissen vrolijk stoeien). Ton en Ilonka waren er zacht gezegd niet blij mee.

Hun familiebedrijf bestaat sinds 1956. Ilonka’s grootvader, Anton Westerman, begon met De Duinroos. Haar ouders namen de zaak over en draaiden 27 zomers, op hun beurt opgevolgd door Ilonka en haar man. Dat was 23 jaar geleden – over continuïteit gesproken! Maar PWN doet niet aan sentimentaliteit. De tegenstander was rijk, machtig en vastberaden; een slepend juridisch gevecht met ongewisse uitkomst zagen ze niet zitten en met pijn in het hart besloten Ilonka en Ton uiteindelijk zich te laten uitkopen.

Duinroos

De Duinroos (niet groter dan mijn achterkamer, opgetrokken uit geteerde boomstammen, dak van bitumen) zal wijken voor PWN-poen. PWN: de afkorting stond ooit voor Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland. Die oude afko hebben ze listig laten updaten tot Puur Water en Natuur.

Dus geen brak water en asfalt! Weldoeners zijn het en dat moet je uitdragen in dit imago-geteisterde tijdperk. Dat bezoekerscentrum wordt een wonder van eco-vernuft. Het gaat pas 10 juli open, maar ik voorspel: onbespoten serveersters brengen je, klossend op ambachtelijke, handgemaakte klompen, een kopje fair trade koffie geserveerd op een dienblad vervaardigd uit inheemse wilgentenen. Met elk klimaatneutraal slokje draag je bij aan een schonere wereld; en telkens als je de WC doortrekt, red je een bedreigde vissoort. Zoiets.

Achter de omheining zie ik de bouwvakkers met reusachtige zonnepanelen in de weer en het dak wordt geïsoleerd met riet. Nostalgisch, onschuldig riet. Symboolriet. Ik vrees dat het nog minstens een generatie duurt eer ik me heb verzoend met dat agressief milieuvriendelijke riet. Doe mij maar een puntdakje van bitumen.

Gepubliceerd in het juni-nummer van Straatjournaal.

Eén gedachte over “Agressief riet

  • 06/07/2013 om 23:13
    Permalink

    Zo, dat wordt een flinke schuur. Zou er ook voldoende ruimte zijn voor de schaapskudde?

    De huidige Zandwaaier krijgt horecaondersteuning van de Karmeliet net zoals het Teylersmusuem. Ik ben benieuwd of de nieuwe lokatie rendabel wordt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *