Vingervlugheid

Op weg naar een feestje ergens boven het Noordzeekanaal wilde ik samen met een vriend nog een bos bloemen oppikken. We reden op goed geluk een buurt in. Het bord ‘Bloemist’ dekte de lading maar half: de winkel was grotendeels gevuld met een onwaarschijnlijke collectie plastic kitsch. Van tuinkabouters op ware grootte tot herderinnetjes, lammeren en Dobermann Pinchers op ware grootte.

We ginnegapten wat, obligaat, zoals mensen ginnegappen die moeten wachten. De eigenaar, een tanige, oudere man met een dusdanig gehavend gebit dat hij het ook beter door plastic kitsch had kunnen laten vervangen, ontdeed intussen de stengels van overbodige bladeren. Op een kruk naast hem wachtte zijn vrouw op sluitingstijd. Plomp, onderuitgezakt, alsof ze was opgebouwd uit versleten zitkussentjes.

Ik zei wat, de man mompelde iets, de vrouw zweeg. Mijn vriend deed een duit in het zakje, de man mompelde iets, zijn vrouw zweeg. Ik zei iets over de techniek van het ontbladeren, over de machines die daarvoor elders werden gebruikt. De man mompelde dat hij het liever gewoon met de hand deed.

Zijn gemompel was niet het goede soort gemompel en het zwijgen van zijn vrouw gaf mij ook het gevoel dat deze middenstanders ons als klant niet gaven wat ons toekwam. Misschien prikkelde hun ontoeschietelijkheid mij wel tot mijn ongepaste opmerking. “Daar moet je wel de goede handen voor hebben.” De handen deden vaardig hun werk, de man zweeg. “Dan bent u vast ook goed met de sluitinkjes van BH’s…”

De vrouw veerde op. “Ja!” Voor het eerst keek ze ons aan. “Dat vindt ie een van zijn leukste grapjes. Dan loopt ie achter je en…” Haar vingers demonstreerden hoe behendig hij dat kon. “En dan sta je daar…”

“Dus waar andere mannen minutenlang frunniken en alle romantiek killen…”

“Bij onze dochters deed hij het ook altijd. Voor de grap. Dan liep hij achter ze langs en ‘snap!'” De man bleef quasi-bescheiden die bloemen strippen. Maar er was meer. “En toen je pas die strings had…”

“Ik hoef niet álles te weten…” Welke geest had ik hier uit de fles gelaten?

“Dan wilde hij niet dat die meiden ze aan hadden in de winkel. En dan sniekte hij achterlangs en dan trok ie zo dat elastiek tussen hun billen omhoog, pletsj!” Ze demonstreerde de weergaloze vingervlugheid van haar grappenmaker, die als ik haar mocht geloven ook nog het gewenste opvoedkundige resultaat had opgeleverd. De string was in die zaak weldra uit het modebeeld verdwenen.

Hier legde de man de laatste hand aan het boeket, dus tot verdere inkijkjes in hun gezinsleven kwam het niet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *