De Hollandse school

“Je moet topfit en in balans aantreden” vindt …….., ” anders heb je in ……….. niets te zoeken.”

Uit de Volkskrant van vanochtend (8 juli), maar wat stond er op de open plekken? Arjen Robben / Stefan de Vrij / Louis van Gaal? Niets te zoeken in Belo Horizonte? / São Paulo? Rio de Janeiro?

Nee, topfit en in balans (we missen nog ‘missie’ en ‘focus’), het werd opgetekend uit de mond van Jacob Lekkerkerker, die (het bavocentrisme heeft nu lang genoeg in de schaduw gestaan van het mondiale voetbal) binnenkort deelneemt aan het improvisatieconcours van het Orgelfestival Haarlem (inderdaad, ‘Haarlem’ stond op die andere open plek).

Zenuwslopender dan het nemen van een beslissende penalty in blessuretijd, zo’n orgelfinale. Precies een uur vóór het optreden wordt de kandidaat in een kamertje gezet waar behalve potlood en papier het thema klaarligt, dit jaar een deuntje van Louis Andriessen. Vluchten kan niet meer!

De improvisatiewereld kent een Hollandse school (geïntroduceerd door Rinus Michels in 1974 gekenmerkt door ‘speelse lijnen en puntige ritmes’) en een Argentijnse Franse: kleurrijk, symfonisch, een tikje traditioneel’. Overigens vervaagt de scheidslijn steeds meer, aldus juryvoorzitter Stephen Taylor.

Behalve op de technische uitvoering wordt door de jury gelet op fantasie, vindingrijkheid en creativiteit. Gelukkig lees ik nog niks over heatmaps, datagolven en datasets in de orgelwereld – die termen stonden een pagina eerder in dezelfde VK, in een artikel over statistici en andere beroepsturvers die er genoegen in scheppen de intuïtieve beweringen van doorgewinterde sportanalytici te ontkrachten. Het is waarschijnlijk een kwestie van tijd of zulke datatijgers voeren alle noten van een improvisatieconcours in en bepalen zonder dat er een menselijk  oor aan te pas komt of Jos van der Kooy moet winnen of toch Jacob Lekkerkerker.

Tot slot, ik schreef hier al eens dat de huisdichteres zich graag laat orgelen; afgelopen zondag vergezelde ik haar naar de Bavo. Ik had me niet ingelezen en kwam tot mijn schrik bij een kerkdienst terecht. Pfff, gelukkig alleen een vespertje, dacht ik eerst. Maar… de muziek was schitterend. De Oude Bavo Cantorij zong werken van de mij onbekende Noorse componist Knut Nystedt (geb. 1915). Het ‘Confitebor’ (psalm 138) met Suzanne Groot op viool was ontroerend mooi. Rillingen kreeg ik van het slot van ‘Resurrexit’, waar sopraan Marianne Schade het orgel overstemde en het uitgilde van vreugde.

Zoiets als onze extase in de slotminuut van Nederland Mexico, maar dan anders.

2 gedachten over “De Hollandse school

  • 09/07/2014 om 17:03
    Permalink

    Moet beroepsturver geen beroepsturfer worden? ’t Is maar een vraag hoor.

  • 09/07/2014 om 21:02
    Permalink

    @schulp: ??????????????; jammer dat ik niet eerder op ‘turfal’ ben gekomen naar analogie van durfal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *