Politieverleden

Ik stond voor mijn huis aan mijn fietsslot te morrelen. Een stevige man in een felrood windjack kwam zeer doelgericht aanrijden, kneep krachtig in de remmen en kwam direct ter zake.

‘Hebt u vroeger bij de politie gewerkt, bureau Zandvoort?’

Daar kon ik kort over zijn, maar mijn ontkenning bracht hem geenszins van zijn à propos.

‘Samen met Paul Noorderbankier en Henk Citroen, derde bataljon, mei 1988 tot november 1997, nachtdiensten drie keer op, twee keer af, na sluitingstijd met Kick van der Molen.’

OF misschien zei hij:

‘Samen met Berend Zuidas en Dwight Zonderkaas, bereden agenten zonder paard, april 1996 tot juni 1999, een rechts twee averechts, tumtummetjes eten bij de multiparades van brigadier Kopkramp.’

Alles staccato, staccato, staccato, snel, op vlakke toon, alsof hij al deze belangwekkende feiten uit mijn CV uit zijn hoofd had geleerd. En wat hij ook zei, hij keek me aan met ongewone intensiteit. Ontkennen zou niet baten. Ik spiedde om me heen naar een verborgen camera.

‘Max Rafel deed daar de leren laarzen en de gummiknuppels en Rokus Mens patrouilleerde in burger met Fransje Lamartine over de boulevard. Forse snelheidsovertredingen bij het circuit. Ja? Jaaa…?’

OF misschien zei hij iets anders. Mijn oren hielden hem niet bij. ‘Woont u hier in de buurt?’ probeerde ik het gesprek een begrijpelijker wending te geven.

‘Nee? Neeee…? Dat spijt me dan bijzonder. Dan eindigt hier dit contact, meneer. Voortzetting van het gesprek heeft voor mij op deze wijze geen zin.’

Na een formeel knikje en een laatste priemende blik fietste hij de straat uit, in hoog tempo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *