Soft Touch (1)

Ik ben niet altijd een ‘soft touch’. Er zijn dagen dat ik bietsers en andere smekelingen achteloos afpoeier.

Een paar jaar geleden wandelden we in een heidegebied in Overijssel. Van verre zagen we hoe een stel jongens en meisjes kleine denneboompjes uitrukte. Het leek niet echt van harte te gaan. Toen we passeerden, maakte een knul zich los uit de groep. Hij  bood een deerniswekkende aanblik, bezweet, beschramd.

“Mag ik iets vragen, heeft een van u misschien iets te eten voor me, een Mars of een mueslireepje, alles is goed. Of een appel?” Hij registreerde mijn bevreemde blik en hapte naar adem. “Wij zijn van een studentenvereniging en dit is onze ontgroening. We mogen 24 uur niets eten…”

Ah…OntGROENing, wat geestig, dáárom rukten ze aan die mini-boompjes.

“Dus je MAG niks eten?” vergewiste ik me. Hij knikte en bleef me smachtend aankijken, “Maar als iets niet MAG, dan moet je het toch niet doen? Dat zou toch slecht zijn?”

(Volgend jaar krijgt hij zelf feuten om te vernederen; hij mag er best iets voor over hebben, dacht ik streng.)

“Nee” zei ik. “Meteen al de statuten overtreden. Daar wil ik niet medeplichtig aan zijn. Doe eerst die boompjes maar.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *