Loze lus?

De slimste dieren in de dierentuin pikken, poeren en pulken – uit nieuwsgierigheid en om de verveling te verdrijven. Ik ben niet zo’n dier.

Dat wil zeggen, ik word niet in een kooi gehouden, maar ook verder heb ik geen onderzoekende geest. Doorgaans heb ik vrede met de dingen zoals ze zijn. Zo zit ik al een aantal jaren (niet onafgebroken, maar toch) in een groene leren stoel, een ‘erfstuk’ van de vader van de huisdichteres. Hij ‘zit’ redelijk, die stoel, maar dankt zijn ereplaats voor de tv toch eerder aan de sentimentele waarde die wij eraan hechten dan aan zijn elegantie en comfort.

De afgelopen week – ik maakte er al eerder gewag van – werd hier in huis een kamer opgekalefaterd, onder de straffe leiding van onze klusjesman Jan. Bij het inruimen van de geschilderde kamer probeerde hij ook de fauteuil uit, zoals hij alles graag even uitprobeert of test. Zo ook de lus die tussen armleuning en zitting uitstak. Voor mij een loze lus, een dode lus.

.

lus

.

Een waarom-zou-je-eraan-trekken-lus. Nou ja, hierom dus.

.

luierlus

. 

De stoel bleek verstelbaar. Als die lus in een dierenverblijf in Artis had gehangen, had iedere ijsbeer, chimpansee of kea eraan getrokken. Gewoon, omdat het kan. In tegenstelling tot mijn geestverwanten de koe, de luiaard en de brilslang.

Het grappige is, ik heb een grenzeloze bewondering voor degenen die dingen demonteren om de werking ervan te doorgronden. Helaas, ik ben niet een van hen (tenzij noodgedwongen).

P.S. Ik lees momenteel Solar Bones van de Ierse schrijver Mike McCormack, een schitterend boek van 223 pagina’s, dat bestaat uit welgeteld één zin. Ik moet nog een halve zin. Ergens in de eerste halve zin denkt de hoofdpersoon, een ingenieur, terug aan zijn vader, die ook altijd alles uit elkaar haalde. Tot aan de nieuwe landbouwmachine toe; als het jongetje op een dag thuiskomt liggen er lange rijen bouten, moeren, zuigers, kleppen, kabels en leidingen op de grond. De vader mompelt een doorzichtige smoes – er zou iets aan de olietoevoer schorten, maar de zoon weet beter: once again my father had succumbed to the temptation to take something apart just to see how it was put together, to know intimately what it was he had put his faith in as (en dan gaat de zin nog 200 bladzijden door)…

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

6 gedachten over “Loze lus?

  • 18/08/2017 om 20:01
    Permalink

    Meester Marius, u gaat in zin drie al onderuit: ‘ik wordt’?

  • 18/08/2017 om 20:21
    Permalink

    @Thijs: De beste breister laat wel eens een steak vallen, zullen we maar denken. [Ik ga de spelling aanpassen]

  • 20/08/2017 om 18:30
    Permalink

    Ik ‘wordt’. Ben niet van de taalpolitie, toch stoorde dit me.
    Maar om ook iets positiefs te melden: als oud-Haarlemse lees ik met veel plezier de stukjes, vooral die over Haarlem.
    En, ironie, misschien heb ik zelf oud-Haarlemse ook wel foutief gespeld.

  • 22/08/2017 om 09:35
    Permalink

    Een roman bestaande uit één zin. Vaag herinner ik me dat dat al eens eerder gedaan is. Was het niet “De man die zijn haar kort liet knippen” van Johan Daisne? Ik meen eens gelezen te hebben dat de eerste druk uit één zin bestond, maar dat latere drukken “genormaliseerd” waren…

  • 22/08/2017 om 16:00
    Permalink

    Een beetje late reactie (vakantie!): Het boek ‘De herfst van de patriarch´ van Gabriel García Márquez (1975) bestaat ook uit één zin. Mijn uitgave van 1985 heeft 249 pagina´s.

  • 23/08/2017 om 07:58
    Permalink

    De bundel van Jules Deelder ‘Portret van Olivia de Haviland’ bestaat ook uit 1 zin. Wel een hoofdletter aan het begin van die 63 bladzijden, maar geen punt aan het eind.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *