Sprinkhaan

Hoe vaak kan iets aanwaaimuziek zijn? De afgelopen winter wandelden de huisdichteres en ik via Penningsveer naar Spaarndam. Het vroor licht, maar het was zonnig en windstil.

We passeerden een boerderij toen uit een schuur ineens vinnige, punkachtige muziek knetterde. Daar was een bandje aan het repeteren. Inner city-muziek onder de hooiberg. Het klonk lekker. We rustten uit op een bruggetje vlakbij en aten een boterham. Er werd serieus gerepeteerd, af en toe deden ze een introotje meermalen of legden alles stil omdat het beter moest. Op een gegeven moment kwam er een mooi meisje aanfietsen met een gitaar op haar rug. Ze slenterde naar de schuur om het collectief te versterken. Zou het de zangeres zijn?

Misschien was het helemaal niet zo’n mooi meisje, maar ze werd dat in mijn herinnering wel.

.

punkboerderij

.

Vanmiddag liepen we de route in omgekeerde richting. “Weet je nog, van de winter…?” vroeg ik aan de huisdichteres. We schraapten onze herinneringen aan die dag bij elkaar (er was ook nog een eigenwijze reiger op het ijs van de sloot) en toen hadden we een déjà écouté. Er klonk een basloopje in de verte en daarna iets Joy Division-achtigs. Waarschijnlijk oefende de anonieme band daar iedere zondagmiddag (of elke dag), maar hoe dan ook, het is leuk als aanwaaimuziek nog een keer terugwaait.

En we hadden een tegenligger. Een forse sprinkhaan van een centimeter of vijf. In de verte naderden drie ruiters, maar daar had hij lak aan.

.

tegenligger

.

Zijn lichaamstaal verried geen angst. Zouden er nog 60 miljard vriendjes van hem in aantocht zijn, die nu nog bezig waren Spaarnwoude kaal te vreten?

.

kommaaropalsjedurft

.

Toen ik mijn tas op de grond had gelegd om een foto te maken ging hij onverhoeds in de aanval.

Hier is hij op iets meer dan ware grootte en dan zie je hoe zijn vleugels en lijf perfecte schutkleuren hebben; hij lijkt kunstig samengesteld uit boomblaadjes, tot de nervatuur aan toe.

sprinkhaan

.

Oh wacht… zojuist verdacht ik de sprinkhaan en zijn 60 miljard knaagmaatjes er nog van de hele polder te willen ontgroenen, maar als het een sabelsprinkhaan is, voedt hij zich met andere insecten.

Zo zie je maar weer, een mens is nooit te oud over leren. Waarover later meer, InHolland!

.

lerenisdurven

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *