Twee Bloemendalen

Soms zou ik een gesloten, alomvattend wereldbeeld willen hebben in plaats van het rommeltje aan feiten, vluchtige inzichten en verwaaiende conclusies waarmee ik me nu behelp.

Zodat ik tevergeefs poog twee Bloemendalen aan elkaar te lijmen. Ik die zelf zo makkelijk te lijmen ben. Eerst lees ik in het HD over de tentoonstelling in Museum Haarlem van het werk van Simon de Heer (1885-1970), de minst ‘entartete’ aller schilders, die in zijn broodwinning voorzag door de Bloemendaalse fine fleur te portretteren. Stapper noch schuinsmarcheerder – hoe kan je zo iemand serieus nemen als kunstenaar? Hoe dan ook een vakman. Kijk naar Mejuffrouw Annie op de canapé (1918). zeker een schilderij voor boven de bank, om met Piet Zwaanswijk te spreken. Als ik straks op die expositie rondloop sluit ik niet uit dat er een beetje weemoed in mij trekt of uit mij lekt (met weemoed weet je nooit welke kant hij uitgaat)

.

SH02000

.

In datzelfde Bloemendaal staat ook het klooster van de Zusters van de Goede Herder, die ooit de ‘liefdesgestichten’ runden. Met wasserijen en naaiateliers, waar tussen 1860 en 1970 naar schatting 15.000 meisjes (verwaarloosde kinderen, wezen of ‘gevallen vrouwen’) onvrijwillig te werk werden gesteld. Twee van hen reisden naar Bloemendaal, om erkenning te zoeken bij kloosterdirecteur Hubert Janssen. In Ierland kwam het tot een nationaal onderzoek, hier was onbetaalde dwangarbeid slechts een voetnoot in Deetmans rapport over seksueel misbruik door de kerk.

Janssen is bezig het inmiddels lege klooster op te doeken en verkopen. Hij betuigde weliswaar spijt, maar op enige financiële genoegdoening hoeven de vrouwen niet te rekenen (‘verjaard’). Bij het artikel in NRC staan recente foto’s van een achttal vrouwen, vergezeld van grimmige citaten: ‘Je mocht niet denken, niet praten. Je was niemand. Je was van hen. Niet meer van jezelf’, zegt Lies Visser (geb. 1953), opgesloten in Almelo en Bloemendaal van 1966 tot 1969.

De opdrachten kregen de werkplaatsen van de Kerk, ziekenhuizen, overheid, confectiewinkels en de lokale katholieke bourgeoisie. Mejuffrouw Annies, zeg maar, vanaf de canapé.  En dat 14 hectare grote landgoed van de nu vertrokken nonnen, Dennenheuvel, passeer ik regelmatig. Er komen woningen. De wervende leuze die ze hebben bedacht: ‘Landgoed met een missie’. ‘Omdat samen-leven beter is.’

 

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *