Lijden met Ischa

Silicon-bedrijven die zich bezighouden met Kunstmatige Intelligentie vertrouwen het oplossen van grote maatschappelijke problemen toe aan slimme knulletjes zonder mensenkennis en levenservaring, die zelf geen enkel benul hebben wat het is om te lijden en te falen en die ieder ethisch besef ontberen.

Dat heb ik niet van mezelf; het is de opvatting van neuro-wetenschapper en ondernemer Vivienne Ming, die vreest dat Artificial Intelligence in de huidige toepassing maatschappelijke vooroordelen en misstanden alleen maar zal versterken (Guardian Weekly).

Toen ik het las moest ik direct denken aan De Interviewer van Ischa Meijer, een bundeling vraaggesprekken uit 1999. Vijftig interviews uit 25 jaar interviewen. Ik viste het boek van 400 pagina’s uit een bak met literaire afdankertjes van een serveerster in het Dolhuys en ik ben er al een week aan verslingerd. Deels doordat het een tijdreisje is. De grote namen uit mijn jeugd: schrijvers (Hugo Claus, W.F. Hermans, Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt, K. Schippers, Marga Minco), journalisten (Henk Hofland, W.L. Brugsma, Jan Blokker, Renate Rubinstein), kunstenaars en artiesten (Karel Appel, Wally Tax, Willem Breuker, Wim Sonneveld) en ga zo door. Drie interviews met Lou de Jong. De meesten hebben butsen en schrammen opgelopen in of door de oorlog en hebben veel moeten overwinnen om iets van het leven te maken. Naïef kun je hun wereldbeeld niet noemen (anders dan dat van die AI-knullen hierboven) en Ischa Meijer – laat dat maar aan hem over – vraagt natuurlijk door en door en door.

Het is geen toeval: het enige mijns inziens overbodige interview is dat voor de Nieuwe Linie met sixties ‘protestzanger’ Boudewijn de Groot, die bij hun ontmoeting in een ‘kasteelachtige’ Aerdenhoutse villa (waar hij logeert) door Meijer wordt neergezet als een volstrekte minkukel. Inderdaad, die woningnood, daar kan hij ‘charmant striemend’ over zingen. Het interview met Gert en Hermien lees je daarentegen ademloos.

Haarlems ereburger Harry Mulisch werd in 1970 onder handen genomen voor de Haagse Post. Uit de introductie: Voor velen een hansworst, een frivole kwast, de jongen die vanuit zijn sportkar voldaan het opstandig gepeupel bestudeert. De eigentijdse dandy, die kans ziet in de krappe actieradius Leidsebosje-Leidsestraat half vrouwelijk Amsterdam tussen de lakens te lokken. Voor vrienden: een moederloos veulen (Mies Bouhuys), de grootste schrijver van Nederland (Jan Hein Donner), een onwankelbaar trouwe vriend (W.L. Brugsma), iemand met een volkomen gesloten wereldbeeld (Cees Nooteboom).

Het boek (Prometheus) is volgens bol.com nog antiquarisch verkrijgbaar. Het is maar een tip.

P.S. Gisteren zocht de Pavohovaha schuchter toenadering tot de PvdA Zuid-Kennemerland op hun Nieuwjaarsreceptie. Voor opnamen van de toespraak die ik hield in mijn hoedanigheid van partijvoorzitter, secretaris, lijstduwer en lijsttrekker zie de site van Martien Brander: een bedaard, sloom en gemoedelijk 2019.

https://youtu.be/wO5qejrrKkk

IMG-20190113-WA0002.

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Boze buurman

Gisteren hadden de achterburen een tuinfeestje en ja, ik schrijf dit op het noordelijk halfrond op 13 januari.

Rond een uur of zes hingen ze enthousiast de feestverlichting op en twee uur later laaide de vuurkorf op. Het motregende af en toe, het waaide fiks, maar zij bivakkeerden daar op houten bankjes, met een m/v of vijftien, levenslustige dertigers zo op het oog.

Om een uur of tien begon de huisdichteres te sputteren, die wilde in alle rust kunnen schrijven en de achtertuinen werken als een soort klankkast; door een uniek akoestisch effect klinkt het inschenken van een glaasje ranja ‘s nachts als een klaterende waterval. Maar ja, tien uur…? We kennen die mensen niet, dus ik stelde voor de elementen hun werk te laten doen, het feest zou weldra een natuurlijke dood sterven doordat de partybeesten overleden aan longontsteking of natte pleuritis.

En zo geschiedde. Nee, niet. Om half twee gingen we naar bed. Ranja werd er daar beneden duidelijk niet geschonken en een van de dames had een irritant penetrante lach. We vermaakten ons nog even met fantasieën van een Supersoaker, waarmee ik vanaf de tweede verdieping dat vuur van ze krachtig uit zou pissen. Maar eigenlijk wilden we gewoon slapen. Ik besloot de rol van Boze Buurman op mij te nemen, deed het raam open, zette Caps Lock aan en brulde: ER WONEN HIER OOK NOG ANDERE MENSEN!! KUNNEN JULLIE DAAR REKENING MEE HOUDEN???

Ook mijn stem profiteerde van het akoestisch effect: het was of ik hem minutenlang door een lange Zwitserse bergvallei hoorde galmen. Het miste zijn uitwerking niet: “Ja, u hebt gelijk, we gaan al naar binnen.” Het klonk uiterst beschaafd en oprecht berouwvol. Een vrouw voegde eraan toe: “Dank u wel.”

Dank u wel? Er zat nog wat restagressie in mij. “Graag gedaan!” zei ik bars. Als overwinnaar keerde ik terug naar de echtelijke sponde. Buiten was het nu stil, maar ja, van dat harde schreeuwen word je klaarwakker. Wat dat betreft had ik het net zo goed kunnen laten.

schermopname

Artist’s impression of party lights by moonlight

No robot

De robot staat in de aandacht deze week, waarbij uitdrukkelijk gewezen wordt op zijn beperkingen.

Maar als je na twee weken ongedisciplineerd vakantie vieren weer moet werken, merk je pas hoe goed gedresseerd / gerobotiseerd de werkende mens is. Mijn gebruikelijke ochtendprogramma werkte ik in een stief halfuurtje af, van wekker tot voordeur.

Maar deze eerste werkdagen blijk ik totaal ontregeld. Slaapdronken en slap. Voorwerpen als fietssleuteltjes, broodzakjes, tandenborstel en lichtsetje deserteren of duiken slinks onder. In het schemerduister van mijn woning tast ik mis, mors, struikel, stuntel en bots. De CD blijft hangen, de WC trekt niet door. Is het een complot? Natuurlijk regende het al twee ochtenden, zodat ik terug naar binnen moest om me in een regenbroek te wurmen. Mijn 30 minuten liepen zo uit tot 40.

Was ik maar een robot… Op school was het daarna ook lastig wennen aan het opgevoerde ritme. Maar tussenin – tijdens mijn fietstocht, juist na zo’n sadistische regenbui – zijn er onverwachte momenten van glorie. Bij Santpoort-Noord, of de Ruïne van Brederode. Dan knijp ik in de remmen en trek de camera.

santpoordnoord2

.

Bij Santpoort-Noord (zoek het kerkspitsje)


zonnetakken

.

brederode2

.

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Boerenhesjes

Straatjournaal jan. 2019

Kom daar bij de gele hesjes eens om! De Noord-Hollandse boerenhesjes hadden hun eigen frituurwagen meegebracht naar hun protestdemonstratie bij het Provinciehuis in Haarlem. Tussen de lange rij met boze spandoeken opgetuigde landbouwtrekkers stond de mobiele snackbar van café De Drie Zwanen uit Den Ilp.

Symboliseerde die het wantrouwen tegen de stadse wereld? Voor ons boeren geen slappe industriële patat, vervaardigd uit geïmporteerde, inferieure aardappelrassen, in gedegenereerd vet gebakken door glazig kijkende, suf gegamede 16-jarigen, gespeend van motivatie en ruggegraat? Op het platteland snijden wij onze friet zelf. Leve de kruimige Goudpieper uit Spijkerboor of de befaamde Spanbroeker krieltjes!

Bij de ingang van het Provinciehuis trof ik een breed assortiment ontboerde rubberlaarzen. Hadden ze die voor de commissievergadering in Paviljoen Welgelegen keurig uitgetrokken, zoals ze dat thuis op de deel ook deden? Er ging tevens een duistere suggestie van uit: ons mooie beroep wordt bedreigd, het bestaan wordt ons onmogelijk gemaakt.

Directe aanleiding voor het ongenoegen van de ongeveer 150 boeren was de ‘Notitie voor richtinggevende uitspraken over bodemdaling in veenweidegebieden’. Minder sexy kan het haast niet, maar notitielezende boeren hadden eruit opgemaakt dat de beleidsmakers hun grasland op termijn liefst willen omzetten in moerasgebied. Zoals een spandoek het samenvatte: DE POLDERS ONDER WATER / DE KOEIEN NIET MEER OP HET LAND / DE PROVINCIE HEEFT DIT IN DE HAND.

Wat moest ik? Hesje of geen hesje? Solidair een boerenkiel aantrekken of geen boerenkiel? Volgens gedeputeerde Cees Loggen loopt het huidige systeem van drooghouden tegen zijn grenzen aan. Door het kunstmatig laag gehouden waterpeil verteert het veen en daalt de bodem, waardoor er weer meer gepompt moet worden, enzovoort. De aanhoudende stijging van de zeespiegel verergert de druk van het grondwater ook nog eens en oh ja, dat inklinkende veen zorgt voor een toename van de CO2-uitstoot. Hierover zijn alle politieke partijen het eens. Zonder extra maatregelen daalt de bodem tussen 2010 en 2050 met 27cm.

Dat is niet niks – het zou een hele schrik zijn als dat vanmiddag tussen 3 en 4 uur gebeurde – maar tegelijk kan ik me voorstellen dat je als melkveehouder denkt, dat is per jaar zoveel als één frietje van café De Drie Zwanen dik is. Moet ik me daarvoor laten omscholen tot lisdoddenkweker of gruttohoeder? Minder CO2? Pak eerst die viespeuken van Tata Steel eens hard aan, zodat de grafietregen boven Wijk aan Zee stopt.

En zo vergaat het me vaker. Ik weet niet hoe jullie in deze gepolariseerde wereld staan, maar ik kies graag partij. Alleen, in de praktijk eindig ik meestal in een half hesje; en de gehoopte principiële zwart-wit stellingname versmoezelt weldra tot vijftig tinten Tata-grijs. Wat is wijsheid in dit nieuwe jaar? Met zoveel abstracte en onbevattelijke problemen? Misschien moet ik daarvoor bij mijn vrouw te rade gaan, zoals wel vaker. Sylvia Hubers schreef onderstaand gedicht, We moeten iets kleins doen. Voor boeren, burgers en provincielui:

We moeten iets kleins doen.
Een klein wonder
moeten we verrichten.
Eén klein persoonlijk wonder,
één wonder moeten we verrichten
per persoon.

En dan, als iedereen dat gedaan heeft,
één klein wonder verrichten,
dan tellen we de wonderen
die ontstaan zijn bij elkaar op.
En dan, dan hebben we
een groot wonder.

Kijk: zo simpel zit nu eenmaal
een groot wonder in elkaar

Ik wens iedereen een 2019 met veel kleine wondertjes.

Hee, Google!

Onlangs bij de kerstdis vroeg mijn schoonzus Desirée met oogjes glinsterend van voorpret of wij ook al een ‘smart speaker’ hadden. Ze wees op een soort UFO’tje zo groot als een poederdoos, naast de fruitmand. Zij wél dus.

Wij zaten nog wat appelig te kijken toen de Google Assistant al de eerste demonstratie van zijn kunnen gaf. “Hee, Google!” riep Desirée. “Hoe is het weerbericht voor morgen?” Het bleef even stil – ik veronderstelde dat de werkweigering iets te maken had met haar slechte manieren. Hoezo ‘hee’? Wat is er mis met ‘als ik vragen mag’? Maar aan dit soort gevoeligheden lijdt Google allerminst: na een aantal seconden droeg hij (met mannenstem, dat kun je instellen) een begrijpelijke weersverwachting voor. Een nichtje dat filosofie studeert, liet hem uitleggen wie Aristoteles was.

Vervolgens begonnen allemaal nieuwe baasjes door elkaar heen commando’s te blaffen. Sommigen vonden het gadget interessant, anderen hoopten stiekem de speaker te ontregelen (wie is hier nou ‘smart’?). Onder de sceptici was, hoe kon het anders, mijn schoonmoeder van 87 jaar, die nog dagelijks terugverlangt naar de paardentram, de kolenstoof en 78-toerenplaatjes. “Je kan ook muziek aanvragen, doe maar!” maande Desirée haar. “Hij zit op Spotify.” Mijn schoonmoeder, die niet op Spotify zit, kauwde weerspannig op haar onderlip, maar zei ten slotte: “Hee Google! Albinoni. Adagio in G.” Er kwam niks. Tevreden wendde ze zich tot mij. “Hee Marius, mag ik stokbrood?” Alleen, dat adagio heeft even tijd nodig om aan te zwellen en zich hoorbaar te maken. “Wel verdomd!” zei mijn schoonmoeder toen de eerste klanken haar bereikten. “Wel verdomd!”

Zelf voelde ik een ongemak dat ik liever niet wilde voelen. Ik voelde me als de korzelige vader in Downton Abbey toen ze hem een telefoon wilde aansmeren. Het idee alleen al, dat hij dan zonder waarschuwing vooraf door jan en alleman lastig gevallen kon worden. Dat was in 1925. Zijn verzet was zinloos en zo zal het hiermee ook gaan.

De Google Assistant kost in de mini-versie maar €59 -. Thermostaat en lampen bedienen, boodschappenlijstjes dicteren, agenda bijhouden en wekker zetten kan al. Maar de mogelijkheden worden ongetwijfeld uitgebreid. Straks is zo’n ding onmisbaar. En voor je er erg in hebt, maakt de Assistent je tot zijn slaaf en moeten we ‘u’ tegen ‘m zeggen.

.

Naamloos

.RaDa-impressie van een smart speaker, met toegevoegde oortjes omdat het anders zo kaal was

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Populatiebeheer

Dit zijn de dagen in mijn maandcyclus dat ik naar een nieuw onderwerp speur voor mijn Straatjournaal-column over de Noord-Hollandse actualiteit tussen 1296 en nu. Nattevingerend door het HD kom ik vooral veel oude bekenden tegen.

Over de eeuwigdurende vete in bestuurlijk Bloemendaal schreef ik Bloemexdaal; de laatste (in de zin van ‘meest recente’) ontwikkeling is dat Marielys Roos het college heeft aangeklaagd wegens valsheid in geschrifte. Me dunkt, dat stukje uit 2015 kan nog even mee.

Het HD enquêteerde in de wijde omgeving over een eventuele Grand Prix in Zandvoort. Zie daarover Tarzanbocht, al geef ik de voorkeur aan het RaDa-stukje Toverformule n.a.v. een woest plan van Ton Hooijmaijers om de race in Den Helder (!) te houden.

Over het afschot van herten in de Waterleidingduinen schreef ik Hangherten. In het HD pleit Anita Reerink (ze heeft een prentenwinkel in de Schagchelstraat) nu voor anticonceptie als vorm van ‘diervriendelijk populatiebeheer’. Volgens haar en professor Tom Stout moet het kunnen.

Heb ik Tata al ‘gedaan’? In ieder geval wel in het RaDa (met eigen illustratie). Directeur Hans van den Berg wil om de effecten van de ‘grafietregen’ te onderzoeken aan de bewoners van Wijk aan Zee vragen urinemonsters in te leveren. Dat lijkt me een merkwaardige vorm van populatiebeheer. Heeft hij een stille hoop dat die grijze regen van hem beter blijkt voor hart en bloedvaten dan Becel, soepele gewrichten bevordert en astma geneest? Dat zijn grafiethoudende Wijk aan Zeeërs grafietarme Drenten en Amelanders ver achter zich laten qua creativiteit, levensgeluk, energie, sprongkracht, potentie en longcapaciteit? En dat zijn unieke gezondheidsformule van Tata-grofstof en Tata-fijnstof landelijke toepassing verdient?

.

zonnewjzer

Een zonnewijzer bij een Haarlems hofje, die zich zo langzamerhand overbodig moet voelen. herkent iemand ‘m?

Hé, Frank Hilterman staat ook in het HD. Zat ik op het Trini mee in klas vijf bèta. Door mij destijds bewonderd vanwege zijn droge smashes bij volleybal en de viezige natte sjekkies die hij tot de laatste brandbare millimeter oprookte (niet tijdens het volleybal). Nu stimuleert Frank het culturele leven in Schalkwijk. Zijn droom: een ‘huiskamer van Schalkwijk’ waar plaats is voor een breed spectrum aan activiteiten. Als ik even mee mag denken: Onbekend bemind in Schalkwijk – zou dat wat zijn?

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Denkkracht

De ene dag is je hoofd trager dan de andere. Of positiever benaderd: de ene dag is je hoofd sneller dan de andere –  dat zal iedereen met een hoofd kunnen bevestigen. Dat het ene hoofd sneller is dan het andere is ook voor niemand een verrassing.

Maar toch… gisteren werd ik er wel erg wreed mee geconfronteerd. Een van de beste snelschakers ter wereld is de Amerikaan Hikaru Nakamura. Nee, ik heb niet tegen hem gespeeld, ik kijk wel linker uit. Maar tegenwoordig is Hikaru een zogenaamde streamer, wat wil zeggen dat je hem op het scherm kunt volgen terwijl hij serieel tegenstanders slacht in 3-minutenpartijtjes, en ondertussen naar vreselijke muziek luistert (Creedence Clearwater Revival) en – als je pech hebt – een noedellunch naar binnen slobbert.

Ter afwisseling doet hij af en toe een zogenaamde puzzle rush (klik voor meer uitleg); hierbij moet de speler in 5 minuten zoveel mogelijk schaakopgaven oplossen, van opklimmende moeilijkheidsgraad. Het schokkende voor mij was dat hij bij de eerste (= makkelijkste) puzzeltjes de juiste zetten al had uitgevoerd voordat mijn ogen zich hadden scherpgesteld op het diagram. Ik heb het dus niet over de schaaktechnische analyse. Nee, mij ogen waren de koning nog aan het zoeken als GM Hikaru die al had matgezet. En dan floepte meteen de volgende stelling op het bord.

Het voelde alsof ik met een ezelwagentje terechtgekomen was in de linker rijbaan van een drukke snelweg. Natuurlijk, de ervaring van een achterblijvende processorsnelheid heb ik vaker: als mijn schoonmoeder (zij van de mooie sokken) en de huisdichteres samen een legpuzzel doen en hun ogen en handen in perfecte coördinatie zonder een moment te haperen de stukjes op de juiste plek leggen – als duiven die feilloos de broodkruimeltjes tussen het grind wegpikken. Of bij een pubquiz, als ik het goede antwoord nog te voorschijn moet pulken tussen allerlei viezigheid en aankoeksels, terwijl je medespelers het vlot oplepelen uit hun opgeruimde hersenpan.

Er zijn meer voorbeelden en het is niets om gefrustreerd over te zijn. Maar… nou ja, die puzzle rush moet mijn hoofd nog even verwerken (en hopelijk gaat dat proces wel snel).

Voor wie Nakamura in actie wil zien: https://www.reddit.com/r/chess/comments/9zmna0/nakamura_plays_puzzle_rush/

P.S. In het HD staat vandaag een portret van bavocentrist Henk Vijn, jarenlang onvermoeibaar als organisator en aanjager van Haarlem-verwante projecten. 84 jaar inmiddels, en zijn gezondheid noopt hem het kalm aan te doen. “Als ik vijftig meter kan lopen ben ik blij. Je wordt selectief in je gaan en staan.” Al heeft Vijn nog wel een of twee plannetjes. Een parkeergarage onder de Westergracht, bijvoorbeeld, zou dat de stad niet ten goede komen?

.

pop-up

.

Meer bavocentrisme: wie snel is kan in de Zijlstraat nog even kijken in de pop-up-shop van Michaela Bijlsma en Eric J. Coolen van Nieuwe Gracht Producties. Met in de etalage het podiumjasje van de bassist van Fox and the Mayors, oud-muggenmeester Schneiders.

.

ouwefox

.

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Tijdsbeeld

Er sijpelt natuurlijk heel wat Zeitgeist door in deze stukjes. Neem nou dat vuurwerk, dat er volgens velen plotsklaps niet meer mag zijn. Ik herinner me de tijd dat een beetje hulpverlener voetzoekers, granaten en allerhande homemade explosieven unverfroren terugkopte of terugschopte richting afzender. Onderwijl ging het bluswerk van de vuurtornado’s onverminderd door en kregen slachtoffers hun glazen ogen gewoon aan de lopende band ingezet. En geen hond die er naar kraaide!

Weer een mooie, oude volkstraditie die om zeep geholpen dreigt te worden.

Hier in de straat (de rest van het jaar niet de meest spetterende en fonkelende) lanceerden de bewoners met Oudjaar hun peperdure pijlen en raketten alsof ze vreesden dat het de/hun laatste keer was. En het was echt, echt mooi! Wij genoten gratis van de show, warm en veilig achter vensterglas. “Eigenlijk moeten we uit dankbaarheid een tientje uit het raam gooien,” suggereerde de huisdichteres, maar deze spontane vorm van subsidie zou waarschijnlijk niet begrepen zijn (of vlam hebben gevat in de vonkenregen).

Goed, hier komen de foto’s. Voor de kleinkinderen, zeg maar. Met mooi stil spel van de bomen.

.

knal1

.

knal2

.

knal4

.

knal5

.

knal8

P.S. Iamzero (ooit winnaar van de Blogparel) heeft de productie hervat en dat is goed nieuws voor alle liefhebbers van knisperig proza en tegendraadse meningen.

Paars PS: In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Houvast

Nu al de droevigste zin van 2019. Nee, niet zo voorbarig: gewoon een minder vrolijke zin op de valreep van 2018, vastberaden uitgesproken door een oudere medewerkster van de Dekamarkt: “Ik ben dan wel alleen vanavond, ik wil wél een oliebol.”

Het is trouwens wel  de reden dat ik graag bij die winkel kom – ze hebben er nog personeel dat de stemgerechtigde leeftijd al heeft bereikt en zelf ervaringsdeskundige is op het gebied van de dagelijkse boodschappen.

Ik ga zo meteen nostalgische bietensalade maken (de nostalgische bieten liggen te wachten tot ik mijn laatste RaDa-punt van het jaar heb gezet/gemaakt en de keuken in ga) en ik heb zin in de avond. De meeste mensen kijken uit naar de jaarwisseling, als ik de stemming bij Bacchus en Van Vessem goed peil. Anderzijds, zijn er nog denkende mensen die het Nieuwe Jaar geheel onbevangen kunnen verwelkomen? Zonder een gevoel van naderend onheil en vaag onbehagen?

.

neusje2

Rood dopje, al dan niet symbolisch

Hoewel ik er zelf ook niet geheel van verschoond blijf, vertrouw ik onze collectieve somberte niet helemaal. In deze door X-gangenmenu’s en losse afspraken versnipperde vakantie lees ik (hapsnap) Het tijdperk van de tovenaars van Wolfram Ellenberger. Een ook voor leken toegankelijk en fascinerend boek over denkers als Heidegger, Wittgenstein en Walter Benjamin, die tussen de brokstukken van de Eerste Wereldoorlog noodgedwongen trachtten de filosofie opnieuw in de steigers te zetten en een samenhangend wereldbeeld te fabrieken. Zet die generatie af tegen de mijne (plus alle volgende) en je kan niet anders concluderen dan dat wij papkindjes, zeurpieten en angsthazen zijn. Ach wat, laat ik jullie erbuiten laten en alleen voor mijzelf spreken.

En er is altijd hoop en onverwachte steun. Neem de stang. Een stang is een stang, was een stangpunt dat ik lange tijd huldigde (al weet ik niet of Heidegger het met me eens zou zijn – Stange ist Stange). Je grijpt je eraan vast en hopelijk is er plek voor jouw hand tussen die van je medereizigers. En anders pech. Maar een paar weken terug zag ik in metrolijn 50 deze briljante variant. De triple-stang!

.

paal3

.

Ook in 2019 zal het RaDa steun en houvast pogen te bieden aan Haarlemmers en niet-Haarlemmers. Een prettige avond, iedereen!

Ei-kel

Als ik even fecaal mag beginnen op deze Tweede Kerstdag: toen ik onlangs dat stukje schreef over die verdwenen scherf (nog steeds onvindbaar!) had ik daaraan aanvankelijk een filmscène willen verknopen uit een film die ik nooit heb gezien.

De naam weet ik niet, ik kreeg hem ooit als anekdote geserveerd door een vriend, veertig jaar geleden. Iets met een man (een wildpoeper, zouden we nu zeggen) die zijn behoefte doet in de struiken. Tijdens die bevalling verstopt een grappenmaker zich achter hem met een schepje en…uh… onderschept de bolus. Als de man zich omdraait om de vrucht van zijn inspanningen te bewonderen, ziet hij… nou, niks dus. Tot zijn niet geringe verbazing en frustratie.

Het omdraaien en inspecteren van je eigen legsel lijkt mij een instinct zo oud als de kringspier. En dat brengt mij (soepele overgang naar het culinaire gedeelte van dit stukje) bij de kwarteleitjes die de huisdichteres kocht bij de Marqt voor een salade. Die eitjes zijn klein en in de schaal zijn ze niet moeders mooiste. Alsof er gegierd werd op de boerderij en ze onder de flenters en kledders kwamen te zitten.

.

kwart3.

Het zijn scharrelkwarteleitjes, dus ik ga ervan uit dat de kwartelhoentjes hun kont kunnen keren. Zou de legster van dit exemplaar haar ‘peers’ erbij hebben geroepen om bezorgd te vragen wat ze mankeerde? Of anders triomfantelijk hebben gepiept/gekraaid/gejodeld?

.

kwart5

.

Qua tekening is het meer ‘eikel’ dan ei en esthetisch vind ik het een vooruitgang. Als het Marleen en JP uit Hoge Weide ook is opgevallen gaan ze zich misschien specialiseren in zulke eikeleieren en zien kwarteleitjes er over 15 jaar allemaal zo uit. Ergens zou dat ook wel weer jammer zijn – laten we er voor de zekerheid maar niet teveel ruchtbaarheid aan geven.

P.S. Voor een grappig kwartelstukje op het RaDa zie Multiculturele Komedie.

Paars PS: In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.