Gleisberen

Daar stonden we dan op het door Unwetter treinloze Hamburg Hauptbahnhof***. Op de Deutsche Bahn-app hadden de drie eerstvolgende treinen naar Osnabrück in de dienstregeling rode kruizen. Pas om 16.45 uur stond er een zonder. Voor wat het waard was.

Honderden gestrande reizigers hadden zich opgesteld in een rij die eindigde in het Reisezentrum. Wij doolden wat door het station en vonden een plekje in een cafetaria. Toen moest de huisdichteres door naar Wedel voor haar optreden; dat kon met de S-Bahn (de ondergrondse had geen last van omgevallen bomen). Ik moest de volgende dag werken en zou blijven hopen op een trein richting Nederland.

Hoe lang kan je hopen? Ik vond het woord Gleisberen uit voor mijn gedreutel langs de perrons. En ik wou bestimmt niet in die zinloze rij. Het werd killer. Ik besloot een rondje om het station te lopen, maar met zo’n rolkoffer is fijn flaneren er niet bij. En bovendien moet je ook niet een al te argeloze eenzame bezoeker lijken in zo’n grote stad. Een fascinerende grote stad die ik niet ken. En zo kwam ik op het idee. Ik verpopte me tot de toeristtoerist (zie Woordverdubbelaars) die ik normaal niet ben; voor €17,50 kocht ik een kaartje voor een Busrundfahrt.

Dat bleek een gouden ingeving. De vrouwelijke gids hield een geestige én informatieve conférence en die stad (opdrogend van het noodweer en de daarmee samenhangende overstroming) toonde zijn vitaliteit en branie. Fotograferen valt niet mee in een wiebelige dubbeldekker en met laagstaande zon, maar ik onthoud jullie een kleine impressie toch niet.

.

tegenlichtopname

.

Eerste poging, maar het wende…

.

hamburg

.

Hamburg2

.

IMG_5231

 

Toen ik om half vijf terug was, was de rij bij het Reisezentrum nog even lang; ook de trein van 16.45 uur was nu gemarkeerd met een bloedrood kruis en ik wist dat Nederland voor mij onbereikbaar zou blijven die dag. Frustrerend, maar ik kon voor logies terecht in Wedel en die rondrit was een behoorlijke opsteker. Ik ga (als Deutsche Bahn meewerkt) nog een keer terug.

*** Dit is het vervolg op Redder

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Redder

De afgelopen vakantieweek waren we een paar dagen in Flensburg, bij de Deense grens. Gisterochtend stond de terugreis gepland, die mij via Hamburg en Osnabrück naar Haarlem moest brengen. De huisdichteres had nog een optreden met de Vorlesebühne in het verschiet in Wedel, een voorstad van Hamburg.

’s Ochtends werden we door vrienden per sms gewaarschuwd dat het hommeles was met het spoor, door Unwetter waar wij finaal doorheen hadden geslapen. Dus rolkofferden we eerder naar het station, voor de zekerheid. Ze  waren snel met ons klaar bij de informatiebalie. Er reed niets, zoveel wisten ze en verder wisten ze niets. Rond het middaguur kans op boemeltreintjes, maar het Fernverkehr? Misschien in de Nachmittag. Die storm, Herwart geheten, had fiks huisgehouden.

Berustend nam de huisdichteres plaats op een niet omgewaaide bank in de stationshal. Ik liep vastberaden naar de kiosk voor koffie en noodvoorraden. Bij terugkomst werd ik gemaand snel mee te komen. We konden mee met een taxi naar Hamburg. Uh…? Een man die voor zijn werk dringend die kant uit moest, had gevraagd of er nog liefhebbers waren. Hij had immers twee vrije plekken beschikbaar. Nee, het kostte ons niks…

Het was een rijzige, wat hoekige Duitser van een jaar of vijftig. Ons gejubel (‘ein kleines Wunder’ / ‘Retter’) vond hij zwaar overtrokken – hij had immers een Gutschein van zijn baas. We begonnen aan onze rit door het lege landschap van Schleswig-Holstein. Aanvankelijk serveerde ik hem beleefdheidshalve wat eenvoudige vraagjes, maar op sociaal gebabbel zat hij duidelijk niet te wachten. De enige keer dat hij uit zichzelf het woord tot ons richtte tijdens die rit van 200 km was om te vragen of hij zijn stoel één tandje naar achteren mocht zetten, voor wat extra beenruimte. Nou, vooruit dan maar…

In Hamburg dirigeerde hij de chauffeur naar een geschikte stopplek, rekende efficiënt af, nam zijn koffer in ontvangst en beende weg. Zonder boe of ba, terwijl wij nog stonden te dubben over de juiste naamvallen van onze dankbetuigingen… Even later zagen we hem weer, telefonerend over het vervolg van zijn reis; want Deutsche Bahn had de gestrande reizigers niets anders te bieden dan een volkomen leeg vertrekbord met Bitte Ansage beachten!

.

ansage2

.

Het had iets komisch; we hadden onze weldoener een biertje aan kunnen bieden, maar wat zeg je tegen iemand met wie je net 200 km hebt zitten zwijgen?

Over de verdere reis later meer.

.

gleisberen

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Andere landen

EU-commissarissen, zou het voor een beter onderling Europees begrip geen goed idee zijn alle continentale vluchten te verbieden en vervangen door treinreizen?

Vorige week reisde ik via Berlijn naar het schitterende Poznan, waar we twee dagen doorbrachten.

.

poznan

.

Daarna reisden we nog eens een hele dag door Polen, eerst naar Krakau en verder met een boemeltje naar Zakopane, aan de zuidgrens. Het landschap was tamelijk eentonig, en ze hadden er erg veel van. Polen is uitgestrekt – in theorie wist ik het al, maar het ondervinden is iets anders. Onderweg las ik in Norman Davies’ Heart of Europe over het lijden van het Poolse volk in de oorlog: zes miljoen doden (op 35 miljoen inwoners, het hoogste percentage van alle strijdende naties), een opoffering waar na de Duitse capitulatie geen beloning tegenover stond; geen ‘bevrijding’ of democratie, wel nieuwe vernederingen onder de Sovjet-knoet; niet de kans te rouwen om je eigen verzetshelden en ze gepaste eer te betonen.

,

Polen

.

Het was niet zo dat ik er vooraf geen enkel benul van had. Het was meer dat ik, terwijl dat lege, drassige landschap zich ontrolde, steeds dieper ingewreven kreeg hoe onbevattelijk die trauma’s zijn. Van mijn eigen onwetendheid kreeg ik pas een paar dagen later echt last, in Liptovský Mikuláš.

Dat eerder genoemde Zakopane, een wintersportoord waar mijn moeder folkloristische dans hoopte te zien, ligt in het Tatragebergte. We boekten impulsief een bustocht door het gebied, die grotendeels door Slowakije voerde. Met een bezoek aan kasteel Oravsky hrad, grotten en andere toeristica.

.

Oravsky hrad

.

[Kan iedereen ondertussen even bedenken wat hij allemaal van Slowakije weet – hoofdstad zal nog wel gaan, buurlanden (5), inwonertal, religie, deelname Songfestival, componisten & schrijvers, culinaire specialiteiten, andere rivieren dan de Donau, topsporters, munteenheid, regeringsleider, voornaamste exportproduct?]

Onze Poolse gids besproeide de Poolse passagiers onophoudelijk met voor mij onverstaanbare informatie – die lui weten nu alles van de Slovaken terwijl ik me nog steeds een complete Karpatenkop voel. Het was een gekke gewaarwording om door een land vervoerd te worden waarvan je niets weet. Dat er schilderachtig bij ligt, waar de mensen (zonder dat jij er ooit bij hebt stilgestaan) bouwen, sjouwen, werken, tuinieren, trouwen, vissen, feesten en er al eeuwenlang het beste van maken. En waar Liptovský Mikuláš ligt.

Een vriendelijk stadje waar we werden gelucht en een uur hadden om iets te eten. Na een rondje om de kerk vonden we Restart Burger, mijn eerste Slowaakse horecatent.

.

photo0jpg

.

Hij was literair opgetuigd, met antieke schrijfmachines, volle boekenkasten en aan de muur foto’s en manuscripten. Verzorgde, hippige Liptovský Mikulášiërs hadden het er goed en dronken bier uit serieuze pullen. De serveerster sprak Engels en mijn Cayane burger overtrof qua peperigheid en smaak alles wat ik (in Slowakije of elders) aan burgers heb verorberd. Terwijl mijn moeder braaf van haar broodje peuzelde, werd ik doorstroomd door een loom, maar intens behagen. Ach wat, het was geluk! Dat kan je kennelijk zomaar  overkomen in een land waar je niets van weet en niemand kent. Ik overwoog naturalisatie aan te vragen. Een nieuw leven als Slowaak – een beetje rondkeutelen daar, de taal leren en ‘s middags bij Restart (what’s in a name?) van het bier leuten en tevreden uit het raam staren? In Liptovský Mikuláš…

PS Angst voor Nederlanders hebben ze er niet, zag ik later. Ze doen aan jumelage met Dinkelland.

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Grote Duinbeesten (2)

Goed, het Kraansvlak was nog maar tot 1 maart open en met een beetje geluk… En aan geluk had het ons niet ontbroken tot dusver (zie Grote Duinbeesten 1).

We praatten mijn nicht bij over de wisenten en vertelden over onze schaarse ontmoetingen met deze schuwe Poolse oerrunderen (zie hier). Bij de omheining nam de huisdichteres zoals altijd de instructies nog even door. ‘Bewaar minstens 50 meter afstand…’ Als wisenten je naderen met ogenschijnlijk onvriendelijke bedoelingen, gelieve zachtjes tegen ze te praten. Ik bespeurde een aarzeling. Een tekst improviseren, dat kon vies tegenvallen… Wat zeg je tegen een wisent? Uiteindelijk beklommen we toch het trapje over het hek.

Het kwam haast als een anti-climax toen we al na 200 meter een man met een fotostatief in de weer zagen. Een loeder van een wisent was niet ver weg. Ah, er liepen er meerdere. Behoedzaam trippelden we naderbij. Toen ik oogcontact zocht met de fotograaf, zei hij: “They don’t mind. They don’t care about you.”

En zo was het. Ze hadden maling aan ons. Ze deden hun wisentdingen. En wij vergaapten ons aan de kolossen. En maakten foto’s. En foto’s…

.

wisent1

.

wisent2

.

wisent3

.

wisent4

.

wisent5

.

Verderop stond nog een fotografe. Het bleek een Duitse, de vrouw van die man. Ze hadden er drie dagen voor uitgetrokken om de wisenten te fotograferen en hadden ze al de hele dag gevolgd. Tijgers op Shri Lanka hadden ze ook al gedaan en over drie weken gingen ze naar Finland om… Big game was hun ding. En afgezien van deze reizigers kwamen we tot het Visserspad bij Zandvoort geen sterveling tegen.

PS We hadden veel grote dieren gezien die middag, maar nog niet alle. In het plantsoen vlakbij de Kostverlorenstraat doken twee knoeperds van herten op. Wij schrokken meer van hen dan omgekeerd. Tussen de verkeersweg en een flatgebouw graasden ze rustig verder. Je weet dat het zo is (zie Hangherten), maar het blijft een mal gezicht.

PPS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Grote duinbeesten (1)

In de RaDa-categorie Van A naar B (omzwervingen en trektochten) gaat het vaak over onze achtertuin, de Kennemerduinen. Ook gisteren waren we er weer, in gezelschap van Sylvia’s 19-jarige nicht, ex-paardenmeisje, nu studente.

“Met een beetje geluk…” zei ik tegen haar. En ik had het nog niet gezegd of… Er stonden er drie te grazen. Het bleek de voorhoede van een langgerekte kudde, die langzaam naderde via het fietspad. De konikspaarden lieten zich niets aan ons gelegen liggen. Een enkeling bleef vlak bij ons staan, maar niet om te schooien of zich te laten aaien. Deze paarden hoefden zich op geen enkele manier te bewijzen en hadden ons niet nodig.

.

konikspaard

.

Het was ze niet aan te zien dat ze de hele winter buiten hadden doorgebracht; ze zagen eruit of ze dagelijks werden vertroeteld en geroskamd. En er ging een wonderbaarlijke kalmte van ze uit.

.

konikspaard2

.

Ik vertelde van de vreemde hanger on die de paarden hadden: een zwarte pony, die hun gezelschap verkoos boven dat van zijn soortgenoten. Ik had het koud gezegd of… (nee, oom Marius vertelt niet zomaar wat!)

.

konikspony

.

Ook in puike conditie, aan de glanzende vacht te zien. Bij de strandafgang sloegen we af naar Zandvoort. We zagen hypere strandpluviertjes langs de vloedlijn, die afgebiesd was met/ontsierd werd door schuimvlokken.

.

vlokkenstrand

.

Het was best aangenaam, maar bij Bloemendaal gingen we weer naar boven. Het Kraansvlak is nog maar tot 1 maart open. En wie weet… Maar dat lezen jullie in Grote Duinbeesten 2.

Rijp zonder rot

Een klassieker voor ons, deze wandeling van station Overveen naar Zandvoort, door de Kennemerduinen met tussenstop bij Parnassia.

Parnassia is altijd anders, maar op de een of andere manier nooit goed. De keuken heb ik in de loop der jaren het hele pand door zien reizen,  haardvuren verrijzen op ogenschijnlijk willekeurige plekken, de zelfbediening maakte plaats voor piepjonge obers en oobsters. Alles moet een moderne, dynamische bedrijfsvoering suggereren, maar vier seizoenen per jaar heerst er desoriëntatie bij zowel personeel als clientèle. Als volière voldoet Parnassia wel uitstekend, want de huismus (passer domesticus) laat zich er kennelijk niet verdrijven; vandaag scheet er eentje vanaf veilige hoogte op de huisdichteres.

.

parnassiamus

.

Het was het enige smetje op deze dag gelukkig. Verder was alles prachtig, vooral dankzij de rijp. Een anders onopvallende beukenhaag (Fagus sylvatica) kreeg door de bepoedering net dat beetje extra glamour.

.

beukenrijp2

.

In het Engels heet ‘rijp’ trouwens hoarfrost : alles wordt er net een beetje hoarier = ruiger door.

.

takkenrijp

.

Als je tegenwoordig door de duinen loopt, heb je recht op een paar ontmoetingen met dieren (ik zou ze missen als ze er niet meer waren, door gewijzigd natuurbeleid, of wat dan ook). Stiekem hoopte ik vandaag op de Konikspaarden – die zouden het mooist uitkomen op de gewitte ondergrond, maar deze hooglander misstond evenmin.

.

koeienrijp

.

gloeienrijp

.

We besloten de wandeling bij strandpaviljoen Thalassa, met alcoholica en friturica. In de verte verfde de zon de golven rood en verder hadden we even helemaal niks nodig. Toen we tegen zessen weggingen, zagen we bij tafeltje 20 dat je rijp ook nog eens kunt gebruiken als postillon d’amour.

.

rijphart .

Goed spul, hoar hoor!

Herfstsluiers

Ter nagedachtenis aan mijn Tante Annemarie verbreid ik in het voorjaar graag haar vondst ‘lentesluiers’, zoals zij de zweem van groen placht te noemen die uitbottende blaadjes dan over het landschap leggen. Gisteren, wandelend in de Kennemerduinen, zag ik overal een rooodpaarse bessengloed – zullen we die dan maar herfstsluiers noemen?

.

bessengloed3

.

bessengloed

.

Een paar van die bessensoorten kan ik nog wel thuisbrengen. Meidoorn, egelantier en kardinaalsmuts, maar er zijn er meer.

.

bespoets

.

Gisteren was zo’n dag dat het leek of al die besjes afzonderlijk waren geboend en opgepoetst, om ze extra te laten blinken in de zon. De duinen doen mee aan de publieksverkiezing van het mooiste natuurgebied, zou het daarmee te maken hebben? Want ook verder leek het qua presentatie wel een Open Dag:

.

herfstkleuren

.

De dieren kwamen bij toerbeurt naar onze stem dingen. De Hooglanders poseerden stoer. We ontmoetten een kudde verdacht schone schapen, van wie sommige uitzonderlijk aanminnig,

.

duinschapen

.

en op een bospaadje kwam (in opdracht van de boswachter?) een peloton zwarte pony’s langs, op een sukkeldrafje.

.

pony's

.

Alleen de konikspaarden lieten zich niet voor dat PR-karretje spannen, die vertoonden zich niet. Die zal het een biet wezen of de Drentsche AA wint of de Weerribben, of Saba of de Biesbosch. Ze hebben gelijk!

Nou, nog een paar paarse bessen als toetje. Bij het betreden van onze eigen straat zagen we (laag bij de grond, tegen een gevel) deze nogal synthetisch uitziende soort.

.

paarsebessen

,

Callicarpa, oorspronkelijk uit China. En mochten jullie meer bessen willen in het RaDa, laat het gerust weten. De Redactie houdt zich altijd aanbevolen voor leuke ideeën en nieuwe suggesties.

Cowwash

PAS OP! LANGZAAM RIJDEN – KLOOTSCHIETERS OP DE WEG

De huisdichteres moest beroepshalve een avond in Borne zijn (waar zij met veel succes optrad voor de culturele elite) en we plakten er een paar Twentse dagen aan vast. Met alle folkloristische en agrarische verrassingen van dien.

 

Klootschieters (2)

 

Zo verkeerde ik in de foutieve veronderstelling dat klootschieten iets was met buksen en hoog door de mestlucht suizende projectielen, aangezien ze in die contreien te beroerd zijn om behoorlijke kleiduiven te boetseren, met als slap excuus dat ze het te druk hebben met het aanleggen van brandstapels zo groot als congrescentra, die ze dan op de Eerste de beste Paasdag in de hens steken.

Niet dus. Klootschieten zou zelfs de oudste sport van Nederland zijn. Nota bene: Google draagt met zijn gebruikelijke ziekelijke gedienstigheid direct een groepsuitje aan in Tubbergen, Saasveld, Gammelkerbeek, Tusveld Zandvoort. Wij zagen in de buurt van Oldenzaal een paar van die gasten bezig en het moet gezegd, wat die presteerden was niet kinderachtig.

Zaterdag wandelden we het vrije veld in, op de bonnefooi – je kan ook zeggen dat we te lamlendig waren geweest om een fatsoenlijke wandelkaart te zoeken in onze collectie/grote kartonnen doos. Het pakte goed uit, want we stuitten op de rood-witte markeringen van wat later het Marskramerpad bleek te zijn. De route voerde langs vriendelijke beekjes en over ‘essen’ zoals de opgehoogde akkers daar heten. Onderweg geen ijsvogeltjes helaas, wel ouderwetse herten, die nog gewoon bang voor de mens/ons waren, omdat ze maar nooit weten of ze anders opgezet en met glazen ogen zullen eindigen boven de open haard van Hotel Jachtlust of Taveerne Pafgraag.

De voortuintjes in Twente zijn niet bepaald ruig. De meeste bewoners hebben een voorkeur voor grindvlaktes met een paar struikjes die uit de 3D-printer lijken te komen. Die planten moeten zich niet verbeelden dat ze lukraak een eind heen kunnen groeien!

 

kleinversailles

 

Wij stadsmensen zagen voor ons hoe de tuiniers de struiken met eindeloos geduld blaadje voor blaadje terugsnoeiden naar perfecte geometrische vormen. Of misschien hadden ze een coniferencoiffeur? Maar een paar kilometer buiten Klein Versailles stuitten we op deze bollenkweker:

 

bollenkwekerij

 

Op het platteland heb je ook boeren, zoveel wist ik. Voor kaas en melk. Maar de moderne boer is ook part-time missionaris – hij heeft een roeping en maakt anderen daar graag deelgenoot van. Een koe maakt 20.000 tot 40.000 kauwbewegingen per etmaal, drinkt 100-150 liter, poept 30-40 kilo en slaapt slechts 20 minuten, leerde ik bij de Belevingsboulevard van Landgoed Kaamps. In de stal waar we rondkijken is het schoon en rustig: de koeien zeggen boe noch bah; is dat eruit gefokt? Hoe dan ook, ze werken kalm hun dagprogramma af, volgens een vast parcours.

Hun enige verzetje is de cow-wash, een vrijwillige boenbeurt bij een carwash-achtige borstel.

 

cowwash

 

Toen we onze weg vervolgden (in de rugzak een vers kaasje uit de goed gesorteerde winkel, ook ons hadden ze geprogrammeerd) kon ik het niet laten uiting te geven aan zinloze nostalgie. “Het zou wel aardig zijn als ze voor de toeristen een paar koeien uitzetten in die weilanden hier”, gewoontemopperde ik. “Puur voor de PR. Het is maar een ideetje.”

Maar ik had weer eens voor mijn beurt gepraat. Want aan alles is gedacht. Op 16 april om 13.30 is het zover. En het publiek mag erbij zijn, lees ik op de website: De dames staan nu nog geduldig in de stal op u te wachten, maar wanneer ze het gras onder hun hoeven voelen zullen ze de leukste en gekste sprongen maken! Zij zullen een glimlach op uw gezicht toveren en heerlijk gaan genieten van het buitenseizoen!

Blauwsel

Wat was er veel licht vandaag! Van de hoogste kwaliteit! We merkten het gelijk al toen we op weg naar de duinen onder een viaduct door kwamen. Grijze betonplaten, je weet wel…

 

drupjes

 

Het had zo een reclame voor grijs bier kunnen zijn. En op de tegels pal eronder dit dwerglandschap van (bloeiend?/groeiend?) mos. Zo groen als dat grijs grijs was (even vergroten).

 

dwerglandschap

 

En zo ging het maar door, het was of Hans Anders ‘s nachts stiekem iets had uitgevogeld met mijn ooglenzen of dat er biljoenen pixels waren toegevoegd aan de lucht boven de Kennemerduinen. We konden vanaf het uitkijkpunt bij ‘t Wed de staalovens van Tata duidelijk zien liggen. En voor wie nog weet wat blauwsel is, zouden ze een restpartij in dit meertje hebben gekieperd?

 

blauwselmeer

 

Dat het aan het strand schitterend was, kwam daarna niet meer als een verrassing. Er trippelden strandpluviertjes langs de vloedlijn en de bewolking die langzaam het blauw opat was er allerminst op uit de dag te verpesten.

 

avondlucht

 

Nog geen rood, hoor ik daar een kniesoor? Dat rood kwam pas toen we weer thuis waren. Foto onder lastige omstandigheden gemaakt vanuit het bovenraam; niet helemaal scherp, maar… you get the picture.

 

avondrood

Monnikenpad

Ik weet niet wat precies de doorslag gaf bij onze plotselinge beslissing er een paar dagen uit te vliegen. Misschien de verflucht in huis . Of anders wel het item bij Een Vandaag (?) over de nieuwe rage onder volwassenen: kleuren met kleurpotloden of kleurkrijtjes. Keurig binnen de lijntjes van het voorgedrukte kleurplaatje blijven. Zoals je vroeger deed op de fröbelschool, onder schot gehouden door de juf.

Op zich een vrij onschuldige bezigheid, maar de kleurende volwassenen mochten de heilzame werking ervan ook nog breed uitmeten in publieke zendtijd en de nodige deskundigen trachtten het fenomeen in een bredere maatschappelijke of psychologische context te plaatsen.

Gruwel! Wegwezen! En dus liepen wij gisteren bij Egmond het Monnikenpad. Niet als penitentie. Fijn uitwaaien, alles weer op een rijtje (en binnen de lijntjes) krijgen in een afwisselend, lieflijk landschap. Al sloeg nieuwe verwarring direct bij het betreden van het duingebied toe.

melden

 

Deze kaartautomaat is tijdelijk buiten gebruik. Meld deze storing op telefoonnummer 0900-4050700. Onze excuses voor het ongemak.’ Denk daar maar eens even over na.

De route was prachtig, we ontslommerden in hoog tempo. Af en toe was er een onwelkome herinnering aan de moderne wereld. Dit gemaal zorgt voor droge voeten, meldde een bord met logo overbodig in de Sammerspolder, alsof ze bang waren dat de mensen in het land het anders niet zouden pikken. Aan een reling bewoog minutenlang een grijper heen en weer (zoals bij sommige kermisattracties) die in het water werd ondergedompeld. Voor mij nieuw. Alleen de vangst viel  tegen. Keer op keer kwam hij leeg weer boven.

dregger

 

poldergemaal

 

Ach, het was heerlijk daar bij Egmond, al was de wandeling net niet lang genoeg om alles helemaal te doen vergeten.

 

herfstkleuren

 

Vraag me niet wat daar stond te verpieteren en verwelken op die akkers, maar het effect was dat van een bollenveld. “Ga daar maar eens aan staan met je Bruynzeel-potloden en je Caran d’Ache,” zuurde ik toen ik het zag. Maar het klonk al een stuk minder grimmig dan de eerdere keren dat ik het zei die dag.