Spraying spree

Voor jongere nog beïnvloedbare spuitertjes: de voltallige eenpersoons RaDa-reda staat als één man achter levenslange taakstraffen voor iedereen die los gaat op andermans ondergrond, zoals daar zijn blanco blinde muren en glimmende nieuwe NS-sprinters.

En buiten de lijntjes kleuren zoals hier in treinstel 2715 is helemaal uit den boze.

.

fiti1

.

Maar afijn, ik zat daar nou eenmaal achter dat bekladde glas, tussen Leiden en Haarlem, en de avondlucht zorgde samen met het rood, geel en groen van de verf voor schier psychedelische effecten. Zonde om ze niet te vereeuwigen.

.

fiti3

.

fiti5

.

fiti6

.

fiti8

.

En eigenlijk ben ik jullie nu de voorkant ook verschuldigd. Strak, anders kan ik het niet noemen. Mijn enige frustratie is dat ik niet kan lezen wat er staat. Maar het kan aan mij liggen.

.

fitibuiten

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (in ieder geval de komende maanden) op Facebook.

Spanningsboog

De tas wordt leger, steeds meer mailtjes mag ik ongelezen dielieten en vanochtend bleek ik ineens geen vergaderingen te hebben. Een soort prepensioen.

Dan loop je toch anders door de stad. De nek – losser – staat het hoofd meer opwaartse vrijheid toe. Richting wolken, gevels en boomkruinen. Van een beetje Schotersingelporno ben ik nooit vies geweest – zullen we daar maar mee beginnen dan?

.

goedemorge2

.

Op weg naar de rijwielhersteller liep ik door de Duvenvoordestraat en lette op de verschillende muurankers en het metselwerk boven de voordeuren, ondertussen zoekend naar het woord voor zulke bogen.

.

boog2

.

boog3

.

boog5

.

boog6

.

Mmmwah… ontlastingsbogen? Dat viel een beetje tegen (qua associaties en mogelijke woordgrappen – de ontlastingsboog moet altijd gespannen zijn?). De ochtend werd er gelukkig niet minder mooi van.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen. EN ik zit (in ieder geval de komende maanden) op Facebook.

Kledders

Keelpijn, verstopte neus & hoofdpijn, snotteren, hoesten, schorheid… Ziedaar mijn vaste cyclus bij verkoudheid/griep.

Ik had er net een helemaal doorlopen – vorige week had ik mijzelf genezen verklaard – toen ik vanochtend wakker werd met keelpijn. Beetje koortsig ook. Zit ik in een loop? Hoe dan ook, ik kan het bijzonder slecht verkroppen, merk ik. Nijdig zijn op je eigen ziekige lichaam heeft weinig zin natuurlijk; je mag ervan uitgaan dat het zijn best voor je doet en echt niet beter kan. Maar toch… als er een meldpunt was voor onverdiende virus-aanvallen, zou ik briesend en niesend aansluiten bij de wachtrij, of misschien wel voordringen.

Is ook de speelsheid van geest aangetast? Ja. Gelukkig zijn er anderen die helpen de zintuigen te prikkelen en stimuleren. De huisdichteres had het eergisteren over iemand die verfvlekken spaarde en analyseerde. Ze vermoedde dat ik in het RaDa-archief wel het een en ander had. Vast wel, alleen kon ik de vlekken-galerij niet 1-2-3 aanklikken. Voor de dichtstbijzijnde vlek die ik zo gauw kon bedenken, ging ik naar de Van Ostadestraat, hier in het Kleverpark.

.

verfvlek

.

Ik ben inmiddels bijgepraat: de verfvlekkenverzamelaar is Hans Aarsman (onder meer bekend uit de Volkskrant) en ah, wacht… ik heb een heuse link (je kunt foto’s inzenden). Een deel van de pret bestaat er natuurlijk uit om je de klunzigheid of domme pech voor te stellen die tot deze unieke samenstelling van spetters, uitlopers en kledders leidde. Viel de pot uit de dakgoot? Stuitte hij op? Maakte een bijbehorende schilder nog een snoekduik om het onheil te voorkomen? Hierboven lijkt het trouwens alsof er nog een halfslachtige poging gedaan is tot deppen of dweilen.

Ten slotte een vraagje: als jullie ‘verfvlekken’ zeggen, klinkt het dan anders dan ‘verflekken’(‘verf-lekken’)?

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Ideetje?

Ik was vanmiddag bij iemand die een parkiet in een kooitje hield. Nou ja, hield? De deur stond altijd wijd open, zei ze, maar haar gevederde vriend had niets met de buitenwereld. 

Zijn stuurmanskunst was niet virtuoos genoeg voor haar huiskamer en na twee crashes had hij zijn vleugels aan de wilgen gehangen er de brui aan gegeven.

In diezelfde huiskamer lag een black box zwart doosje (niet van de vogel) met de opdruk ‘mislukte ideeën’.

.

ideeen

.

De vrouw had het cadeau gekregen van een kunstenaar. Ik heb er niet in gekeken, maar stelde me wel even voor hoe het zou zijn als iedereen verplicht zo’n zwart doosje had staan en gewetensvol een boekhouding bijhield van zijn mislukte ideeën en plannen, alle nooit verwezenlijkte dromen en onvoltooide projecten. En dan daarnaast een gele doos met ‘gelukte ideeën’: het schot in de roos en de spijker op de kop.

Hoe zou de verhouding gemiddeld zijn tussen slagen en falen? Zouden er ook mensen zijn die op jaarbasis maar vijf ideeën hadden? Hoeveel miskende geniale ideeën zouden er tussen de mislukkelingen zitten?

Het heeft iets arrogants om je mislukte ideeën in zo’n mooi vormgegeven doosje te doen, dacht ik eerst. Míjn fiasco’s zijn beter dan de jouwe!

Anderzijds, de meeste mensen hebben de neiging hun waanideeën en wanideeën weg te moffelen en te verdringen, maar come to think of it, het kan zo zijn voordelen hebben om ze plechtig bij te zetten. Om met Beckett te spreken: Ever tried. Ever failed. No matter. Try again. Fail again. Fail better.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Niet thuis

Zoals je warmmenselijke toetjes hebt (broodpudding met custard, rozijnen en rum), heb je ook warmmenselijke huizen. Dit weekend logeerden we drie dagen in Neauphle-le-Château, een dorp op 40 km van Parijs. Ooit werd de Grand Marnier er gemaakt. Het was het ouderlijk huis van de Franse vriend met wie we op stap waren; de vaste bewoonster is zijn 89-jarige moeder, nu weduwe, die tijdens ons verblijf op vakantie was.

Een ‘kast van een huis’ kan je het niet noemen, maar het is wel ruim genoeg om een etage te verhuren aan een gezin zonder er last van te hebben. Dikke muren, garage, erker, balkon. De achtertuin was diep – zo’n tachtig meter – en achterin stond een grappig, blauw woonwagentje waar Pipo de Clown en Ononono mee in hun nopjes zouden zijn geweest. De achtergevel was begroeid door een sierlijk uitwaaierende klimop, door de jaren heen ongetwijfeld luistervink en stille getuige van ontroerende, vrolijke en verdrietige familietafereeltjes.

.

klimop

.

Een forse grijze kater, Bizule (= mollig), patrouilleerde door de woonvertrekken als hij tenminste niet lag te soezen op een van de vele kussens. Het huis was comfortabel en leefbaar (leve de luiken, de volets!), maar zeker niet verwend door onderhoud. Het permitteerde zich kleine onvolmaaktheden: een klemmend raam, een roestig slot, een vermolmde sponning. De boiler had een lelijke hoest. De inrichting was sfeer- en smaakvol. Boeken waren er in alle maten en soorten en ook – op een onnadrukkelijke manier – beeldjes, curiosa en snuisterijen. Bric à brac. Een uitdragerij was het zeker niet; maar er was gewoon véél om je over te verwonderen. Sommige voorwerpen zagen eruit of ze sinds de tijd van Édith Piaf niet meer waren aangeraakt. Andere waren fonkelnieuw. Er kleefden verhalen aan die wij nooit zouden horen.

.

redhangman

.

Zelfs op de derde dag zag ik rond de eettafel waar we veel zaten nog steeds grappige of interessante zaken die tot dan onopgemerkt waren gebleven.; dat de vrouw des huizes kunstenares was droeg daar zeker aan bij. Ze had een atelier met een prachtige lichtval. Natuurlijk hing er ook eigen werk.

.

bomenweg

Zie ook mijn blog van gisteren over Versailles

.

Zoals gezegd, ze was er niet, maar onbewust probeer je aan de hand van al die bezittingen en scheppingen een persoonlijkheid te construeren. Dat is iets wat je bijna niet kunt helpen. Ik stelde me voor hoe die bejaarde vrouw daar tevreden aantuttelde – zonder haast, neuriënd of tegen Bizule pratend, al kan ik de plank volledig mis slaan natuurlijk.

.

raakkader

Bijna een schilderij – de achtertuin door een raam gezien.

Gisteren schreef Ellen Deckwitz in haar NRC-column over een lekkage en loodgieterswerkzaamheden die haar tijdelijk uit huis verdreven. Een goed huis, dacht ik, is een onzichtbaarheidsmantel van baksteen. Even kan je doen of er geen buitenwereld bestaat, kan je je wentelen in een omgeving waar je mag zijn en doen wat je wil.

Een goed huis… Dat had over Neauphle kunnen gaan.

P.S. Zie ook Gewoontedier over een verblijf in andermans huis.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen..

Hee, Google!

Onlangs bij de kerstdis vroeg mijn schoonzus Desirée met oogjes glinsterend van voorpret of wij ook al een ‘smart speaker’ hadden. Ze wees op een soort UFO’tje zo groot als een poederdoos, naast de fruitmand. Zij wél dus.

Wij zaten nog wat appelig te kijken toen de Google Assistant al de eerste demonstratie van zijn kunnen gaf. “Hee, Google!” riep Desirée. “Hoe is het weerbericht voor morgen?” Het bleef even stil – ik veronderstelde dat de werkweigering iets te maken had met haar slechte manieren. Hoezo ‘hee’? Wat is er mis met ‘als ik vragen mag’? Maar aan dit soort gevoeligheden lijdt Google allerminst: na een aantal seconden droeg hij (met mannenstem, dat kun je instellen) een begrijpelijke weersverwachting voor. Een nichtje dat filosofie studeert, liet hem uitleggen wie Aristoteles was.

Vervolgens begonnen allemaal nieuwe baasjes door elkaar heen commando’s te blaffen. Sommigen vonden het gadget interessant, anderen hoopten stiekem de speaker te ontregelen (wie is hier nou ‘smart’?). Onder de sceptici was, hoe kon het anders, mijn schoonmoeder van 87 jaar, die nog dagelijks terugverlangt naar de paardentram, de kolenstoof en 78-toerenplaatjes. “Je kan ook muziek aanvragen, doe maar!” maande Desirée haar. “Hij zit op Spotify.” Mijn schoonmoeder, die niet op Spotify zit, kauwde weerspannig op haar onderlip, maar zei ten slotte: “Hee Google! Albinoni. Adagio in G.” Er kwam niks. Tevreden wendde ze zich tot mij. “Hee Marius, mag ik stokbrood?” Alleen, dat adagio heeft even tijd nodig om aan te zwellen en zich hoorbaar te maken. “Wel verdomd!” zei mijn schoonmoeder toen de eerste klanken haar bereikten. “Wel verdomd!”

Zelf voelde ik een ongemak dat ik liever niet wilde voelen. Ik voelde me als de korzelige vader in Downton Abbey toen ze hem een telefoon wilde aansmeren. Het idee alleen al, dat hij dan zonder waarschuwing vooraf door jan en alleman lastig gevallen kon worden. Dat was in 1925. Zijn verzet was zinloos en zo zal het hiermee ook gaan.

De Google Assistant kost in de mini-versie maar €59 -. Thermostaat en lampen bedienen, boodschappenlijstjes dicteren, agenda bijhouden en wekker zetten kan al. Maar de mogelijkheden worden ongetwijfeld uitgebreid. Straks is zo’n ding onmisbaar. En voor je er erg in hebt, maakt de Assistent je tot zijn slaaf en moeten we ‘u’ tegen ‘m zeggen.

.

Naamloos

.RaDa-impressie van een smart speaker, met toegevoegde oortjes omdat het anders zo kaal was

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Oude Taart

Donderdag kreeg ik met terugwerkende kracht een verjaardagstaart waar ik erg blij mee was. Vraag me alleen niet hoe hij eruit ziet.

Dat zit zo. Ik kreeg ‘m doorgespeeld via mijn moeder, telefonisch, op samenzweerderstoon. Onder embargo, of net niet meer, doordat het voorval verjaard was. We moeten ervoor terug naar Bern, waar mijn broer viereneenhalf jaar geleden zijn 50ste verjaardag vierde. Hij vierde die met zijn Zwitsers/Oostenrijkse en zijn Nederlandse familie. Ik bewaar niets dan goede herinneringen aan het feest, het zijn spontane, hartelijke mensen.

Bij die gelegenheid kreeg hij een prachtige taart aangeboden met – hoe toepasselijk! – Fünfzig erop. Wat ik tot deze week niet wist, is dat die taart een ongelukkig zusje had. Mijn broer en ik schelen (op een paar weken na) tien jaar en mijn 60ste verjaardag was net geweest. En toen ze toch in de Konditorei waren, had het mijn schoonfamilie een leuke verrassing geleken om er voor mij ook een te bestellen, met 60 erop. Die werd veilig op een hoge kast gezet, alleen… (vanaf hier is alles speculatie) toen XXXX? (naam van de dader bij mij onbekend) ‘mijn’ taart oppakte, liet hij/zij die uit handen vallen. De Geburtstagstorte stortte op de plavuizen en bleek helaas niet shockproof. Zo ben je een taart, zo ben je een familiegeheim.

.

zestigers

.

[Lezer, laat in gedachten even alle voorwerpen passeren die je in je leven – nonchalant, joyeus, verstrooid – uit je tengels hebt laten vallen; maak je eigen schervenbiografie. En vergelijk die met andere schervenbiografieën: heb je ‘butterfingers’ of heb je krampachtig alles vastgehouden?]

Hoe dan ook, lieve schoonfamilie, ik ben jullie erg dankbaar voor dit ontroerende gebaar. Het is in mijn verbeelding de lekkerste taart die ik (n)ooit heb gegeten! En hopelijk krijgen jullie een herkansing.

.

70

.

Paars PS: In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

In de goot

De storm maakte een soort straatmuziek: er schraapte en klingelde het een en ander over de stoep. Toen ik even later naar buiten moest zag ik dat er een vuilniszak was opengescheurd. Her en der lag troep.

We hebben hier ondergrondse containers, dus wie waren die aso’s? Help, ze waren toch niet aan het Airbnb-en geslagen in de straat? vroeg de spitsburger in mij verontrust. Ja, zúlke types, dacht de spitsburger, terwijl hij het zwerfvuil aan een nadere inspectie onderwierp. Een verfrommeld blikje energiedrank, een lege rumfles, een doordrukstrip pillen en een aluminiumbakje van een afhaalmaaltijd.

Een buurvrouw ontfermde zich al over die halfvolle vuilniszak en ik moest door. De rommel voor mijn deur legde ik tijdelijk in een plantenbak. Toen ik na mijn boodschap terugkwam was er een leeg sigarettenpakje over komen waaien, van een obscuur Frans merk. Roken, drinken, pillen, junkfood… telde ik 1, 2, 3 en 4 bij elkaar op. Ik griste een papiertje van de grond; het bleek een bijsluiter van het bekendste merk condooms. 5: seks. Nu werd de collectie komisch, vond zelfs de humorloze, oppassende burger in mij.

Twee huizen verderop lag nog meer. Naast een van zijn partner gescheiden blauwe sok plakte een doorweekt tijdschrift aan de stenen. Ik werd niet teleurgesteld:

.

Snuifspecial

.

De Mainline Snuif Special. Alsof Amy Winehouse, Herman Brood, Charles Bukowski, Janis Joplin en Jack Kerouac postuum een gezellig avondje hadden gehad bij mijn buren. Maar dat was nog niet alles. Twee meter verderop (ik zal jullie het fotobewijs besparen, toezending op speciaal verzoek) lag – als een kersje op de taart – een natte, in de goot geraakte herenonderbroek.

Wat een stilleven! Toevallig ontstaan, daar ga ik vanuit. Maar een kunstenaar die passerende Kleverparkers had willen confronteren met hun verpletterende braafheid en gezapigheid had het niet beter kunnen doen.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Afteldagen

Ik weet niet of er een nationale behoefte is aan een naam voor de vier dagen tussen Kerst en Oudjaar? De Toptiendagen? De Lijstjesdagen? Desgevraagd zou het RaDa iets met ‘tellen’ willen voorstellen: de Afteldagen of anders gewoon de Teldagen, waarin je loom op de bank ligt en de balans van het jaar opmaakt – successen wegstreept tegen zeperds, je zegeningen telt en verliezen afschrijft.

Wat dat laatste betreft, hoelang blijf je hopen? In januari kocht ik dure handschoenen. Na enig twijfelen, want ik ben een sloddervos. Het ging een paar weken goed, tot ik in het donker langs de Lodewijk van Deijssellaan fietste. Ik frommelde en rommelde wat in een jaszak en toen ontbrak ineens een van mijn handschoenen.

.

eenling

.

Het kon niet anders of hij lag op een strook van niet langer dan 200 meter vanaf het Mendelcollege. Ik speurde en tuurde, maar zag ‘m nergens. De volgende dag keerde ik terug, nu voor het invallen van de duisternis. Ik hoopte dat iemand de handschoen op een zichtbare plek zou hebben neergelegd. Elke keer als ik nadien langs kwam, hoopte ik ‘m uit de goot te kunnen redden, besmeurd en verfomfaaid. Het zat me niet lekker. Zijn chique, glanzende wederhelft (zie boven) weigerde ik weg te gooien. Want je weet maar nooit, dacht ik aanvankelijk.

Die ander ligt al maanden in een kast. Als eenling. Overbodig. Telkens als ik ‘m zie voel ik een stil verwijt. De kans op een hereniging van het stel is miniem. Dus ik geef ‘m nog tot 6 januari 2018, dan is het welletjes.

.

handschoen

.

Jammer dat ik op mijn 21ste niet een grote partij identieke handschoenen heb gekocht. Dan had ik een verloren linker- of rechterhandschoen telkens direct kunnen vervangen, zonder wroeging en zonder een gang naar de winkel.

.

verlorenhandschoen

.

Gisteren in Zandvoort zag ik diverse vondelingen.


Nou, tel ze, allemaal en tot 2018!


Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Sporen

Mijn huidige huis kocht ik bijna twintig jaar geleden van een goede vriend van me; hij vertrok naar Frankrijk, waar hij in 2007 aan een hartaanval overleed.

Af en toe komt er nog post voor hem; geen handgeschreven brieven maar brochures van een deftige herenmodezaak, waarop zijn achternaam verhaspeld is. Opzeggen zou een kleine moeite zijn, maar dat doe ik niet. Elke keer dat ze een Winter Sale aankondigen zal ik even aan mijn vriend denken.

Ik nam bij de verhuizing ook een aanzienlijk deel van de inboedel over. Twee kachels staan er nog steeds; het meubilair verdwijnt stuksgewijs naar Rataplan: een eettafel, een bureau, de kapstok, lampen. De boekenkast is een blijvertje, die voelt inmiddels als ‘van mij’. Van het interieur is door de jaren heen het nodige vervangen of overgeschilderd – steeds meer ‘sporen’ van zijn bestaan worden gewist. Het laminaat beneden lag er al, maar is niet heilig – dat zal er op een dag aan moeten geloven.

Het meest ‘van hem’ is het glas-in-loodraam op de benedenverdieping, dat hij zelf ontwierp. Natuurlijk niet als monument voor zichzelf, maar dat is het voor mij mettertijd wel geworden. Als de zon er door schijnt, maak ik hem een postuum complimentje. Daarna komen herinneringen vanzelf.

.

ronsglas

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.