D.A.M.

‘Die andere mensen…’ is een privé-uitdrukking waarvan de huisdichteres en ik ons graag bedienen op vakantie. Ergens in Engeland sloeberden wij ooit over een half door brandnetels overwoekerd prutpaadje, terwijl parallel – over een goed gemarkeerd long distance path – een ander stel liep. Zij, en niet wij, volgden de officiële route; ik had me wel gerealiseerd dat wij het niet helemaal goed deden, maar met een weids armgebaar en mijn gebruikelijke insouciance had ik gebluft dat het ‘als we daarginds ergens doorstaken’ ook wel goed zou komen.

In mijn herinnering regende het waar wij liepen, terwijl ‘die andere mensen’, slechts 200 meter verderop, werden vergezeld door de zon. ‘s Avonds zagen we ze terug in de pub, zich monter voorbereidend op de volgende dagmars. Hun kaarten onkreukbaar, hun uitrusting praktischer, hun eten smakelijker. Die andere mensen deden, op een vanzelfsprekende manier, alles beter dan wij. Dat zag je. Ze wisten het zelf ook, natuurlijk zonder van enig triomfalisme blijk te geven.

Ook in steden komen we ‘die andere mensen’ altijd tegen. Andere ‘andere mensen’, die voorafgaand aan hun trip de voornaamste bezienswaardigheden hebben gerangschikt en verbonden tot een efficiënte rondgang. Zeker in Gent waren D.A.M. weer goed en gedisciplineerd bezig, anders dan wij – alle richtingen op wapperend, verdreven/gedreven door de stuwende drums van de vele podia van de ‘Feesten’. Nota bene, dit is zelfbeklag noch zelfspot. Ik zal nooit ‘een ander mens’ worden, zoveel is zeker. Want, wees gerust, als planloze doolaard kom ik heus wel aan mijn trekken. Bijvoorbeeld langs de Leie, waar we onder een door roest aangevreten brug door moesten.

.

Sintjoriskaai1

.

Je verwacht de lucht van oude en jonge urine, maar nee, Gent is een plasvriendelijke stad.

.

Gentstjoriskaai3

.

De klinknagels en de groentint doen je denken aan de spoortunnel bij Haarlem die als filmlocatie diende bij ‘Het meisje met het rode haar’ (verzetsstrijder is trouwens ‘weerstander’ in het Vlaams).

.

Gentstjoriskaai2

.

D.A.M. (we hadden ze gelukkig net even afgeschud) hebben ook betere en schonere lenzen dan ik en ze doen langer over hun foto’s, maar hé, dit op goed geluk geschoten plaatje heeft toch een zekere schoonheid. Dus nog maar een.

.

Gentstjoriskaai4

.

Als ik het wel heb is dit trouwens aan de St. Joriskaai, maar als een ander mens het beter weet, rectificeer ik het direct. En trouwe bezoekers weten het, als de RaDa-reda verguld is met een foto, drukken we op de Midas-toets (zie ook Lapwerk en Dubbeliconisch). Daar gaat ie:

.

Gentgold

‘.

En als we toch leuk aan het spelen zijn (doen D.A.M. dat ook wel eens?)  je kan er ook een draaibrug van maken:

.

draaibrug


Tot morgen, mensen (al dan niet anders), dan nog eenmaal de andere Bavo-stad.

Book abuse

Mijn e-reader is in onbruik geraakt. Hij mag nog wel mee op vakantie, maar hier thuis op de bank lees ik (uitzonderingen daargelaten) liever van papier.

Met een vakkundig vervaardigd boek is dat een groot genoegen. Maar vooral met moderne paperbacks heb je af en toe veel te stellen. Sommige vlijen zich behaaglijk op je schoot en beginnen te spinnen, zoals het hoort. Andere verzetten zich of prikken scherp door je broek heen, tot welke houding je ze ook dwingt. Op allerlei ongewenste manieren vestigen ze de aandacht op zichzelf.

Mijn leesstapel van deze week is uitzonderlijk weerspannig.  Het exemplaar van Churchills My Early Life heeft inhoudelijk veel te bieden, maar het vereist een krachtsinspanning van beide handen om het boek zo open te houden dat je ook het gedeelte kunt lezen waar twee pagina’s elkaar raken. Met alle respect, uitgeverij Eland, ik verlang naar het moment dat ik ver genoeg gevorderd ben in het boek om het ruggetje te kunnen breken.

Verder deed ik deze week aan koppelaankoop. Van Anne Brontë een door mij tot nu toe versmade klassieker, The Tenant of Wildfell Hall en een thriller van Sam Baker, die geënt is op dat 19e eeuwse gruwelverhaal. Ik lees The Woman who Ran op zich met plezier, maar onder mijn handen voelde ik het veranderen in een pulkboek (niet te verwarren met Bulkboek): van de voorkant maakte zich een randje dun plasticachtig materiaal los. En zo’n randje, Harper Collins Publishers!, kan ik vervolgens niet meer met rust laten.

pulkboek

Het boek is niet alleen ‘wildly gripping and unputdownable’, maar ook unleavealoneable & mustfrettable. Ook hier zal ik binnenkort de kritieke grens bereiken waarop ik mij niet langer beheers en…

Voor book abuse bestaan verzachtende omstandigheden.

 

P.S. zojuist ontdekte ik dat aan mijn rechterwijsvinger een strookje ‘leeseelt’ heb. Dat kan niet alleen van dat boek van Churchill komen.

Aureool

Een vreemde lichtspeling deed zich gisteren voor in de huiskamer, waar ineens een sikkeltje opkwam. Buiten was de zon gaan schijnen en het sikkeltje werd geprojecteerd op de muur via een CD die op een stapel boeken lag.

sikkel-cd

De kleuren waren in werkelijkheid anders (die muur is pistache), maar you get the picture. Toen er nog wat meer van de wolk werd weggeblazen, veranderde het CD-sikkeltje in een volle maan.

UFO

Het beeld was verbazend scherp – ‘CD-R’ en ‘700 Mb’ stond er in spiegelbeeld te lezen. Als een nieuwsgierige UFO hing het daar een halve minuut boven The Kinks, Greatest Hits en toen loste het op in het niets.

(En zo hadden The Kinks hun aureool weer even terug – zie Mr Unpleasant)

Deurwaarts

Eerst maar even de mislukte foto.

cafékoops

Is er desondanks een scherpzinnige stamgast die het uitzicht herkent? Het is moeilijk, ik geef het toe, ook doordat het meestal donker is als je zo’n bruin café verlaat, al dan niet in kennelijke staat. En zonder tegenlicht valt zo’n slijtplek amper op. Maar bij de volgende foto verwacht ik het juiste antwoord, zonder ook maar één uggeltje aarzeling gebruld uit honderden door Rolf & co gesmeerde überhaarlemse kelen.

koopsgordijn

En met Erkens’ Erker ernaast mag het voor erkende bavocentristen helemaal geen probleem opleveren.

grootkoops

Hoeveel intieme aanrakingen zijn er nodig geweest om de dikke, fluwelen stof tot deze staat van doorschijnendheid te brengen? Hoeveel onbehouwen rukken, weifelachtige betastingen, kordate zwiepen, wanhopige aanklampingen? Stel dat ik nu zo’n lap kreeg, in puike conditie, en ik moest er met mijn blote handen net zo lang over wrijven tot hij de textuur had van vitrage, hoe lang zou ik dan bezig zijn?

Een coproductie van de volhoudendste Haarlemse Koopsklanten, zo kan je zo’n plek zien. Als een symbool. Allemaal mensen die er zo goed en zo kwaad als het gaat het beste van proberen te maken. Op weg naar huis, of gewoon op weg. Waggelend, wankelend, zwenkend, struikelend, met afwijkingen naar links en rechts en die onbewust met hun gezamenlijke gestumper en geploeter een heel behoorlijke ovaal scheppen. Een gulden midden?

koopspaint

Of moet de wereld het juist hebben van de excentriekelingen, de spikkeltjes rond het ei? Op Twitter zag ik drie minuten geleden dit fotootje passeren. Ik plak het er maar onder, als een soort voetnoot:

CCGLbmtXIAEAmO9

Bonnetje

Ivo Opstelten is gestruikeld over een bonnetje en met grote gretigheid valt iedereen over ‘m heen behalve Mark Rutte en ik.

Rutte heeft zo zijn eigen redenen en ik heb net mijn bureauladen uitgemest. En dan weet je wat ze bedoelen met ‘een niet meer actief systeem’ en ‘specialistische kennis’ die nodig is om data weer zichtbaar te maken.

floppy's

Uit de tijd van Windows 98 en Word Perfect 7. In de volksmond ‘floppy disks’ genoemd, hoewel er niks slaps en flubberigs aan was (wel aan hun voorgangers, de oerfloppy’s, in mijn herinnering zo groot als tapijttegels).

Weggooien of bewaren, die dingen? Ik heb geen A-schijf meer op mijn computer (was er ooit een B-schijf?), dus hoe zou ik moeten achterhalen wat erop staat? De krabbels op de etiketten zijn zeer globaal. Kan ik er later over struikelen als ik ze weggooi? Kan ik erover struikelen als ik ze bewaar?

Ik heb er een stuk of tien; als tien miljoen Nederlanders er tien bewaard hebben, kom je op een stapel zo hoog als de Keutenberg. Of anders Kraantje Lek? 300 containers, uitgaande van 10 kuub per container? Eén forse huiskamer vol? Als er nog iemand wil oefenen voor de rekentoets is dit de kans!

Stalactieten

Had ik vlogger moeten worden? Kan ik me nog ergens laten bijscholen of heb ik de vlogboat voorgoed gemist?

Deze week moest video-blogger Enzo Knol bij een ‘fan meeting’ op het Jaarbeursplein door de politie worden ontzet. “Ik voel me kut omdat ik aardig wat fans teleur heb gesteld,” luidde het commentaar van de ontgoochelde Knol, recht op de cam af.

Hysterische meutes, kom daar bij het RaDa eens om… Bij vijftien unieke wekelijkse bezoekers klap ik al in mijn handen tegenwoordig. Vind je het gek, ook? Zet die twee woorden eens naast elkaar, BLOGGER en VLOGGER. Wat ben je liever? Een VLogger, VLot, fideel, fris van de lever, die overal op af VLiegt, wiens ideeën een grote VLucht nemen, VLinderachtig, VLiegerachtig… Het kwikzilverige leven VLiedt gretig je camera in en komt er VLuks fluks VLijmscherp geredigeerd weer uit.

De blogger daarentegen is traag, broeierig, ongewassen, solitair; een taalpuristische tobber wiens meningen zich ontwikkelen met de spontaniteit van een stalagmiet. Enfin, berusting lijkt me het enige. Als je als blogger geboren bent, wordt je nooit een vlogger, zoals het gezegde luidt.

Trouwens, stalagmieten, nu we het daar toch over hebben… Gisteren zag ik een gekke stoeptegel. Het was bij een viaduct over de Westelijke Randweg, bij de Julianalaan – geen plek waar je doorgaans lang verwijlt.

tegelbreuk

Het zag eruit of iemand daar HEMA-reparatiepasta had gemorst; er drupte water op, als uit een lekkende kraan. Toen ik opkeek zag ik onder een afvoerbuis mijn eerste Westelijkerandwegstalactietjes.

afvoergat

Ah… en er waren er nog veel meer. Sommige wel tien centimeter.

randwegstatalctiet

stalagtieten

Volgens Wikipedia duurt het soms duizend jaar voor zich een centimeter stalactiet gevormd heeft. Dat zal dan wel voor de drupstenen in de grotten van Han gelden en niet voor deze snelwegpegels. Een nieuwe toeristische attractie zou ik ze nog niet durven noemen, maar op zich ben ik wel benieuwd of er elders in Haarlem nog grotere exemplaren te zien zijn.

Pfff… dit is nou eens zo’n onderwerp waar de Vlogger de Blogger niet bij voorbaat overVLeugelt. Lekker statisch, grijs en onactueel. Voor de zekerheid toch even uit het raam gekeken of er niet toevallig RaDamania is uitgebroken…? Nee, ik kan veilig over straat.

Containercraquelé

De Torrentiusstraat is bij ons om de hoek, en we waren benieuwd naar de nieuwe gevelsteen, die gisteren werd onthuld. Voilà:

torrentius

Met dank aan Eric Coolen en Michaëla Bijlsma!

We Deo-Neoden nog wat rond op het terrein en ja, met het nabeeld van penselen en palet nog op het netvlies, zie je ineens van alles om in te lijsten. Oude containers bijvoorbeeld.

zeecontainer(aanklikbaar)

Deze had een prachtig craquelé. Even inzoomen:

containerart

Kijk eerst zelf maar even of je er iets in ziet. Mondriaan, op weg van figuratief naar abstract? Zoiets als hieronder?

boom-42.large

De zijkant had ook wel wat. Degene die er ooit de lak op spoot kon nimmer vermoeden dat zijn werk zo mooi oud zou worden.

containerchagall

Door de opkrullende lakrandjes kreeg het geheel iets van een linoleumguts. Ik kon de container niet kantelen om met de compositie te experimenteren, maar thuis help Irfan-view me daarbij:

containervloed

Of anders zo? Laat de associaties maar stromen!

containervlucht

Misschien dat Ann Demeester deze week eens met de bouwopzichter kan gaan praten?

Roest rust

Juist door de ongereptheid van de stranden en het platteland van de Orkney-eilanden trokken wezensvreemde elementen er de aandacht.

orknrytrio

Een rubber afwashandschoen, een verschoten plastic boei, kreeftenkorven, een tractorband langs de vloedlijn; flarden van een vuilniszak, gevangen aan het prikkeldraad. Een… ????

raadselvis

Op een gegeven moment jutte mijn oog vooral naar roest in allerlei verschijningsvormen – al dan niet identificeerbaar.

vogelroest

Moderne kunst? (Even aanklikken, dan zie je wat ik bedoel)

Soms was er een verhaal.

bellarust

Afkomstig van de Bellavista, een vrachtschip dat in 1948 verging voor de kust van Papa Westray (zie Wrecksite). De bemanning werd gered – voor veel eilandbewoners de eerste keer dat ze kleurlingen zagen.

En verder waren er gestrande machines, vaak uiterst decoratief in het weiland. “Put it in your rucksack if you want!” riep een boer me toe toen toen ik weer eens zo’n landbouwkadaver bestudeerde. Niet dat ik er doorgaans veel wijzer van werd.

keukenmachineroest

Ooit state of the art ongetwijfeld, waaraan de boerenknechten zich vergaapten. In sommige gevallen was wel duidelijk dat de boer opzag tegen de verwijderingsbijdrage.

walsroest

 

Aveling&porter

Deze weeswals gaat terug naar de Victoriaanse tijd, afgaand op het wiel. Aveling & Porter uit Rochester was een gerenommeerde fabrikant van landbouwmachines en als je de merknaam intikt bij ‘Google afbeeldingen’ zie je tientallen liefdevol opgepoetste  stoomklassiekers.

Ook deze stone crusher lijkt tevreden met zijn laatste rustplaats – en een duurzamere oplossing kan je toch niet bedenken?

stonecrusher

En vanuit de verte is hij nog mooier.

roestcrusher

Grastapijt

Vandaag bij de post een soort stafkaart van de Kleverpark- en Frans Halsbuurt. Handig voor wie later stadsguerrilla wil worden! Afzender is de Manager Operations van Spaarnlanden, M.M. van Duijn, die ons in een begeleidend schrijven verwittigt van de op handen zijnde ‘milieuvriendelijke onkruidveegactie’.

BVD

Dit is maar een uitsnede (zie hier voor de hele kaart) maar geloof mij, beste Raarlemmers, alle goten waar je in terecht kunt komen staan erop. De rode goten worden op 15 mei geveegd (dus dan bij blauw parkeren) en de blauwe op 16 mei. ‘Vervuilde goten zijn een belangrijke broeihaard voor onkruid’, zo maaien ze de anti’s het gras voor de voeten weg. Want onkruidbroei, dat wil immers niemand!

[Lexicaal intermezzo: Uh… wat is een broeiplaats eigenlijk? Letterlijk, bedoel ik. Kan je ze op Marktplaats kopen? Via Google kom ik alleen op voorbeelden van broeiplaatsen: mascara, toetsenborden, tandenborstels, de stethoscoop en de groentela zijn broeihaarden van bacteriën en Bangladesj is er een voor terroristen. Mijn bejaarde Van Dale kent ‘broeihaard’ helemaal niet – wel ‘broedplaats’ natuurlijk en ‘haard (van onrust)’. Een mooie klus voor Ewoud Sanders (een stadgenoot, stadgenoten!)]

Hoe dan ook, laat Spaarnelande die goten nog maar één keer goed uitmesten want volgens het nieuwe coalitieprogramma van D66, PvdA, GL en CDA gaan we toe naar ‘een lager kwaliteitsniveau van het onderhoud openbare ruimte’ ( besparing € 1 miljoen over vier jaar).

Misschien heb ik nog een ideetje voor de nieuwe wethouder. Bij station Abcoude werd ik getroffen door een onwaarschijnlijk glad en groen plantsoentje. Onnatuurlijk groen…

kunstplantsoen

Ah… kunst!

plantsoenbreed

Zo zouden we het in het Staten Bolwerk ook  kunnen doen. Of langs de Jan Gijzenkade. En na Bevrijdingspop zo’n tapijtje leggen kost waarschijnlijk geen drol vergeleken met de herstelwerkzaamheden van nu. Hé, die bomen daar in Abcoude, zouden dat ook neppers geweest zijn? Of is dat de volgend stap?

Verkanting

‘Werkzaamheden aan het spoor’ is bij de meeste reizigers goed voor een pavlovvloek: ‘geen treinverkeer mogelijk tussen A en B…’, ‘houdt u rekening met een langere reistijd’, ‘busvervoer’, enz. Een noodzakelijk kwaad.

De meeste werkzaamheden aan het spoor blijven een abstractie. Ze worden verricht achter afzettingen, vaak ‘s nachts, ongezien. Zo niet tussen Overveen en Zandvoort. Bij een wandeling naar Middenduin lagen achter een openstaand hek verse bielzen, keurig gerangschikt als de eerste asperges van het seizoen bij een goede groenteboer.

verkanting

Het hek stond wijd open. Er was niemand van Volker Stevin of Prorail te bekennen. Dus mijn wandelvriend en ik konden onze verwondering alleen met elkaar delen. Beiden hadden wij altijd gedacht dat een biels een biels was. Onze generieke biels was rechthoekig – als je één biels gezien hebt, heb je ze allemaal gezien. Maar deze liepen scheef. Klaarblijkelijk was het aanleggen van een spoorweg een precisiewerkje, te vergelijken met het maken van een goedpassend kunstgebit.

nieuwbiels

Elke biels had een nummer en je kon ze niet zomaar de grond in stampen, linksom of rechtsom. En dat heeft weer te maken met ‘verkanting’. Dat leerde ik een week later, toen het terrein wel bemand was. De mannen waren maar al te graag bereid het aan de huisdichteres en mij uit te leggen. Verkanting gaat de middelpuntvliedende kracht tegen in een bocht (zie hier). Bielzen worden vervaardigd uit azobéhout, en van kraagschroeven en klembouten weten we nu ook dat ze bestaan.

Eigenlijk zouden er in de bij ‘geplande werkzaamheden’ ingezette bussen video’s moeten worden vertoond waarin dit soort zaken wordt uitgelegd. Met een korte berekening van het aantal kraagschroeven in het baanvak Zandvoort – Overveen, bijvoorbeeld. Of de levensgeschiedenis van een biels. Het imago van de NS oppoetsen, dat laat je toch zeker niet alléén aan Nick en Simon over?

zondernickensimon