Sporen

Mijn huidige huis kocht ik bijna twintig jaar geleden van een goede vriend van me; hij vertrok naar Frankrijk, waar hij in 2007 aan een hartaanval overleed.

Af en toe komt er nog post voor hem; geen handgeschreven brieven maar brochures van een deftige herenmodezaak, waarop zijn achternaam verhaspeld is. Opzeggen zou een kleine moeite zijn, maar dat doe ik niet. Elke keer dat ze een Winter Sale aankondigen zal ik even aan mijn vriend denken.

Ik nam bij de verhuizing ook een aanzienlijk deel van de inboedel over. Twee kachels staan er nog steeds; het meubilair verdwijnt stuksgewijs naar Rataplan: een eettafel, een bureau, de kapstok, lampen. De boekenkast is een blijvertje, die voelt inmiddels als ‘van mij’. Van het interieur is door de jaren heen het nodige vervangen of overgeschilderd – steeds meer ‘sporen’ van zijn bestaan worden gewist. Het laminaat beneden lag er al, maar is niet heilig – dat zal er op een dag aan moeten geloven.

Het meest ‘van hem’ is het glas-in-loodraam op de benedenverdieping, dat hij zelf ontwierp. Natuurlijk niet als monument voor zichzelf, maar dat is het voor mij mettertijd wel geworden. Als de zon er door schijnt, maak ik hem een postuum complimentje. Daarna komen herinneringen vanzelf.

.

ronsglas

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Bits and bobs

Oftewel ditjes en datjes. Zo werd ik heel attent geattendeerd op een stukje in Trouw over ‘internetsensatie’ Co de Roodt. Verantwoordelijk voor de ontregeling van het openbare leven begin deze week.

.

Coderoodt

.

Co de Roodt bestaat echt, staat er. Dit in tegenstelling tot mijn geesteskind Ko de Roo, door mij opgevoerd als aanstichter van al het sneeuwverwant onheil maandag. Nul reacties van de Verzamelde Raarlemmers, dus nah… Zeker een beetje flauw stukje, concludeerde ik (de lezer heeft altijd gelijk). Maar nu mijn Ko een zus blijkt te hebben, heb ik toch nog plezier van hem.

De humor ligt op straat, en schoonheid soms ook. In zo’n bussleuf tussen de perrons op station Haarlem zag ik een uitgewalst aluminium bakje voor afhaalvoer [even vergroten s.v.p.] Leve de pletterij!

,

afhaalkunst3

.

Het was een soort chip geworden, dankzij de banden van de superbussen. Zou het trouwens kunnen dat de chauffeurs hun rijstijl hebben aangepast aan de gestegen status? Of hebben ze nieuwe instructies? In IJmuiden waren drie ernstige ongevallen in korte tijd. Onze bestuurder van lijn 81 claxonneerde er driftig op los in de stad en toen hij de Zeeweg had bereikt, leek hij een poging te doen de geluidsbarrière te breken.

In het Kraansvlak verrichtten de elementen wonderen. Het mos fluoresceerde en de duinmeertjes hadden nieuw blauwsel. We zagen een regenboog en ik verblijdde de huisdichteres door een halve haiku van haar te citeren toen ik deze restsneeuw zag:

.

ijstijdhaiku

. 

Een klein stukje ijs
verscholen in het helmgras
liefs uit de ijstijd

Zagen we wisenten? Ja, in de verte, dankzij een tip van twee boswachters op een duintop. We maakten een praatje, loofden het gebied. Alleen die herrie van het circuit… Hadden wij nou domweg pech dat onze komst vaak samenviel met lawaaidagen? Lawaaidagen? Dit waren geen Lawaaidagen. Dit was alleen lawaai, zoals dagelijks te horen. (Voor mijn opvattingen over het circuit zie Tarzanbocht)

.

zonblauwgrijs

.

Toen barstte er een fikse regenbui los en gingen we verder richting Zandvoort. De wolken woelden herinneringen aan Orkney bij ons los (zie Regenschijn). Het strand was maar een meter of dertig breed en de branding zag er hongerig uit. Thalassa had verrukkelijke vissoep en… Voor een mini-vakantie van 3 uur hadden we ons niks beters kunnen wensen.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Stop the rot

De dag was weleens beter begonnen (ook weleens nóg slechter, maar toch). Beetje klam en katterig ontwaakt. De weergoden weerduivels bewerkten de slaapkamerramen met hogedrukspuiten. De brom van de buren bromde door. Een bits mailtje pingpongde ik nog bitser terug. ‘s Middags lag een bezoek aan de tandarts in het verschiet.

Ach, het werd droog, dat was tenminste iets. Ik haalde bij De Vries een bestelling op (verhalen van Nguyen – The Sympathizer smaakte naar meer). In de etalage van galerie Année fotografeerde ik een geinig beeldje van Jan Verschueren, een Segway, met weerspiegelde gevels als bijvangst.

.

sedgescare

.

Mijn humeur draaide bij (trouwe RaDa-lezers voelen de euforie al naderen) en voor ik het Verwulft bereikte zag ik zelfs schoonheid in de houtrotreparaties in de kozijnen. Epoxyhars, wat zou dit land zonder moeten?

.

houtrot3

.

houtrot8

.

houtrot10

.

houtrot11

.

Jaap Pop (ex-Muggenmeester) heeft een nieuwe pacemaker en geeft eindelijk weer de juiste tijd aan. Dat het tot het volgende millennium zo moge blijven!

.

poploopt

.

En er waren ontmoetingen. Goede morgen, meneer Aynan! Moussa had een bakfiets met inhoud bij zich. Een nogal stuurs kindje. Nee, de Beweging had nog geen naam. We namen wat suggesties door. Ja, moeilijk… Het kindje probeerde een glimlach op mij uit. Ik lachte terug. Na een praatje over de gemeenteraad, namen Moussa en ik afscheid. Het kindje wuifde me hartstochtelijk na, alsof we elkaar al jaren kenden.

En zo liep de humeurbarometer steeds verder op.

.

afplakbandboeket

..

Ik zag onder een steiger een boeketje afplakband. Schitterend, toch? Thuis bleek de brom weg! Oh nee, toch niet. De huisdichteres had koekjes gebakken. Zo ging het maar door. Wie een feelgood/geen gaatjes-RaDaatje nodig heeft, moet nu stoppen met lezen. De tandarts trok mijn kies niet direct, maar zal proberen ‘m te redden met een wortelkanaalbehandeling en een opbouw of kroon. Volgende week een nieuwe afspraak.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Connaisseur?

De groenteboer waar je de lekkerste radijsjes kunt kopen, de allerbeste uitvoering van de 4e van Mahler, een geweldig adresje voor handgeweven handdoeken, de highste hifi of de smartste smartphone, een ‘verborgen’ én ‘vergeten’ kerkje van Hawksmoor in Londen, de laatste Nederlandse schrijnwerker die zulke ouderwetse schuifdeuren nog maakt…

Mij een biet. Ik ben geen fijnproever, geen connaisseur of estheet. Ik misgun niemand zijn uitgesproken voorkeuren voor dit of dat, maar in de praktijk haal ik vaak mijn schouders op als er door anderen wordt gegeurd met nieuwe aanwinsten en onovertroffen genotservaringen. Ik laat me niet voorstaan op die onverschilligheid mijnerzijds, soms zie ik daarin eerder een tekortkoming.

Neem pennen. Al decennia zet ik beroepshalve rode strepen door fouten. Je zou verwachten dat ik in de loop der tijden verknocht was geraakt aan één bepaald merk rode pen. Een pen waar ik op kan vertrouwen, die zich voegt naar mijn handschrift, die autoriteit en rechtvaardigheid uitstraalt, enz. In de praktijk slof ik binnen bij Muijs, de HEMA of Bruna (ook daarin ben ik promiscue) en grabbel vier of vijf prestigeloze pennen mee – oh ja, ik vind het wel prettig als ze een goede rubber greep hebben.

.

penhouder

.

Nou las ik onlangs A Spool of Blue Thread van Anne Tyler en achterin die roman stond niet alleen een vragenlijstje ten behoeve van leesclubs (dat kom je tegenwoordig vaker tegen), maar ook een interview met de schrijfster. Ze laat weten dat haar bureau bij het raam staat; als het weer het toelaat gaat dat raam open, zodat ze de geluiden van het dagelijks leven hoort. ‘As soon as I’ve finished my morning walk I settle there, whether or not I feel I have anything to say. If nothing comes to mind, I might putter around with notes and such but I don’t push it, and I give up after an hour or so. If something does come, I write it down on unruled white paper with a Pilot P-500 black gel pen – that part is unnegotiable. I don’t even want to admit how many dozens of those pens I keep in stock in case they’re discontinued someday.’

Tylers ontboezeming intrigeerde me. Ik moest ook zo’n pen. Alleen via Ali Baba kon ik ze krijgen en na een week arriveerde de postzending. En ja, ze doen het. Schrijven dun en zwart. Op gelinieerd en ongelinieerd papier. Dus ik gebruik ze. Niks te klagen.

Verder kan ik er weinig over melden en dat valt me toch een beetje tegen van mezelf.

P.S. Stukje toegevoegd aan de RaDa-categorie Van die dingen

Paars PS In de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Stilleven

De geest laat zich momenteel gewillig over de ganse aardbol voeren aan de ferme hand van Peter Frankopan. Ik lees De zijderoutes, een wereldgeschiedenis met als uitgangspunt de verspreiding van handelswaar, goud, ziektes, slaven, religies, olie en geld, met Centraal Azië als drukste kruispunt. Woelingen, revoltes en slachtpartijen te kust en te keur.

Mijn fysieke actieradius reikt op deze donkere dagen voor Kerst niet verder dan enkele meters van het bankstel – tot de keuken, om thee te zetten. Het woord Hygge kan ik niet meer horen, maar ik moet toegeven dat de verkneutering hier thuis Deense proporties aanneemt. Zo ontbijt ik tegenwoordig (over omwentelingen gesproken). En al als ik opsta verhyg verheug ik me op de havermoutpap die ik ga maken. Ik beken het hier maar liever dan dat ik de rest van mijn leven met dit vreselijke geheim moet rondlopen.

En de hyggedichteres heeft er ook een handje van. Die heeft een kefirboerderijtje. De kefirkorrels worden gevoerd met water, citroen en tutti frutti en ze pruttelen en bubbelen daarna dankbaar, terwijl ze zich vermenigvuldigen. Kefir (waterkefir in dit geval) schijnt goed te zijn voor de spijsvertering, de bloedsomloop, de libido, de weerstand, het geheugen, de spiertonus, het gezichtsvermogen en nog zo wat. En het is nog gezond ook!!!

En lekker. En fotogeniek. Laatst maakte ik deze foto van onze kefirpot, want er  was geen Hollandsche meester in de buurt, anders had die er een stilleven van kunnen maken.

.

kefir2

.

Let vooral ook op het gehaakte onderzettertje, huis- of schoolvlijt van Sylvia’s overgrootmoeder. Nou, dat was het dan weer. Het bankstel roept!

Hardware

Ik lees momenteel The Humans van Matt Haig. De verteller is een buitenaards wezen van superieure intelligentie, dat ons reilen en zeilen hier op het ondermaanse aanvankelijk niet alleen met onbegrip maar ook met geringschatting beziet. (Veel wijzer wil deze alien ons ook niet hebben trouwens – zijn missie is om te voorkomen dat het net ontdekte bewijs van de Riemann-hypothese wordt verspreid.)

Onze techniek doet hij af als primitief, want (ontkennen baat niet) telekinese, telepathie en teleportatie staan hier nog in de kinderschoenen. Wij hebben hardware nodig waar hij en zijn soort het draadloos afkunnen. Enerzijds sputter je tijdens het lezen onwillekeurig tegen (nou nou, zo achterlijk zijn we nou ook weer niet, toch? Vergelijk het eens met de achttiende eeuw!) en anderzijds zie je om je heen voortdurend bevestigingen van het gedoe en geklungel waar de ruimtereiziger zich zo aan ergert.

Misschien kwam het wel door The Humans dat ik me de afgelopen week extra verwonderde over de kabelkluwens in de tunnelschachten van de Londense ondergrondse. Dit was (als ik het wel heb) bij South Kensington. 

.

kabelkluwen 

Slijtage, lekkage, een knibbelende rat of een knippende koperdief – met zo veel kabels tussen zo veel stations kan er licht iets mis gaan. En, zo vraag ik mij af, wordt er dan echt een mannetje in overall opgetrommeld? Peuk in de mondhoek mag waarschijnlijk niet meer, maar bedenkelijk kijken wel en dan binnensmonds mopperen (’kijk, deze hier – niet vervangen sinds 1956… Mijn grootvader was ook monteur, kan zijn dat die dat kreng nog heeft aangelegd. Wat heb ik hier? Moet je zien, die gummie kan ik er zo met mijn blote jatten afpulken als ik wil… Maar dat is niet de boosdoener. ’ Enzovoort.

.

draadloos

.T.

Toch (leg dat maar eens uit aan een rationalistische alien) zou deze human ze wel degelijk missen als ze werden ondergebracht in één strakke buis of kabel.

D.A.M.

‘Die andere mensen…’ is een privé-uitdrukking waarvan de huisdichteres en ik ons graag bedienen op vakantie. Ergens in Engeland sloeberden wij ooit over een half door brandnetels overwoekerd prutpaadje, terwijl parallel – over een goed gemarkeerd long distance path – een ander stel liep. Zij, en niet wij, volgden de officiële route; ik had me wel gerealiseerd dat wij het niet helemaal goed deden, maar met een weids armgebaar en mijn gebruikelijke insouciance had ik gebluft dat het ‘als we daarginds ergens doorstaken’ ook wel goed zou komen.

In mijn herinnering regende het waar wij liepen, terwijl ‘die andere mensen’, slechts 200 meter verderop, werden vergezeld door de zon. ‘s Avonds zagen we ze terug in de pub, zich monter voorbereidend op de volgende dagmars. Hun kaarten onkreukbaar, hun uitrusting praktischer, hun eten smakelijker. Die andere mensen deden, op een vanzelfsprekende manier, alles beter dan wij. Dat zag je. Ze wisten het zelf ook, natuurlijk zonder van enig triomfalisme blijk te geven.

Ook in steden komen we ‘die andere mensen’ altijd tegen. Andere ‘andere mensen’, die voorafgaand aan hun trip de voornaamste bezienswaardigheden hebben gerangschikt en verbonden tot een efficiënte rondgang. Zeker in Gent waren D.A.M. weer goed en gedisciplineerd bezig, anders dan wij – alle richtingen op wapperend, verdreven/gedreven door de stuwende drums van de vele podia van de ‘Feesten’. Nota bene, dit is zelfbeklag noch zelfspot. Ik zal nooit ‘een ander mens’ worden, zoveel is zeker. Want, wees gerust, als planloze doolaard kom ik heus wel aan mijn trekken. Bijvoorbeeld langs de Leie, waar we onder een door roest aangevreten brug door moesten.

.

Sintjoriskaai1

.

Je verwacht de lucht van oude en jonge urine, maar nee, Gent is een plasvriendelijke stad.

.

Gentstjoriskaai3

.

De klinknagels en de groentint doen je denken aan de spoortunnel bij Haarlem die als filmlocatie diende bij ‘Het meisje met het rode haar’ (verzetsstrijder is trouwens ‘weerstander’ in het Vlaams).

.

Gentstjoriskaai2

.

D.A.M. (we hadden ze gelukkig net even afgeschud) hebben ook betere en schonere lenzen dan ik en ze doen langer over hun foto’s, maar hé, dit op goed geluk geschoten plaatje heeft toch een zekere schoonheid. Dus nog maar een.

.

Gentstjoriskaai4

.

Als ik het wel heb is dit trouwens aan de St. Joriskaai, maar als een ander mens het beter weet, rectificeer ik het direct. En trouwe bezoekers weten het, als de RaDa-reda verguld is met een foto, drukken we op de Midas-toets (zie ook Lapwerk en Dubbeliconisch). Daar gaat ie:

.

Gentgold

‘.

En als we toch leuk aan het spelen zijn (doen D.A.M. dat ook wel eens?)  je kan er ook een draaibrug van maken:

.

draaibrug


Tot morgen, mensen (al dan niet anders), dan nog eenmaal de andere Bavo-stad.

Book abuse

Mijn e-reader is in onbruik geraakt. Hij mag nog wel mee op vakantie, maar hier thuis op de bank lees ik (uitzonderingen daargelaten) liever van papier.

Met een vakkundig vervaardigd boek is dat een groot genoegen. Maar vooral met moderne paperbacks heb je af en toe veel te stellen. Sommige vlijen zich behaaglijk op je schoot en beginnen te spinnen, zoals het hoort. Andere verzetten zich of prikken scherp door je broek heen, tot welke houding je ze ook dwingt. Op allerlei ongewenste manieren vestigen ze de aandacht op zichzelf.

Mijn leesstapel van deze week is uitzonderlijk weerspannig.  Het exemplaar van Churchills My Early Life heeft inhoudelijk veel te bieden, maar het vereist een krachtsinspanning van beide handen om het boek zo open te houden dat je ook het gedeelte kunt lezen waar twee pagina’s elkaar raken. Met alle respect, uitgeverij Eland, ik verlang naar het moment dat ik ver genoeg gevorderd ben in het boek om het ruggetje te kunnen breken.

Verder deed ik deze week aan koppelaankoop. Van Anne Brontë een door mij tot nu toe versmade klassieker, The Tenant of Wildfell Hall en een thriller van Sam Baker, die geënt is op dat 19e eeuwse gruwelverhaal. Ik lees The Woman who Ran op zich met plezier, maar onder mijn handen voelde ik het veranderen in een pulkboek (niet te verwarren met Bulkboek): van de voorkant maakte zich een randje dun plasticachtig materiaal los. En zo’n randje, Harper Collins Publishers!, kan ik vervolgens niet meer met rust laten.

pulkboek

Het boek is niet alleen ‘wildly gripping and unputdownable’, maar ook unleavealoneable & mustfrettable. Ook hier zal ik binnenkort de kritieke grens bereiken waarop ik mij niet langer beheers en…

Voor book abuse bestaan verzachtende omstandigheden.

 

P.S. zojuist ontdekte ik dat aan mijn rechterwijsvinger een strookje ‘leeseelt’ heb. Dat kan niet alleen van dat boek van Churchill komen.

Aureool

Een vreemde lichtspeling deed zich gisteren voor in de huiskamer, waar ineens een sikkeltje opkwam. Buiten was de zon gaan schijnen en het sikkeltje werd geprojecteerd op de muur via een CD die op een stapel boeken lag.

sikkel-cd

De kleuren waren in werkelijkheid anders (die muur is pistache), maar you get the picture. Toen er nog wat meer van de wolk werd weggeblazen, veranderde het CD-sikkeltje in een volle maan.

UFO

Het beeld was verbazend scherp – ‘CD-R’ en ‘700 Mb’ stond er in spiegelbeeld te lezen. Als een nieuwsgierige UFO hing het daar een halve minuut boven The Kinks, Greatest Hits en toen loste het op in het niets.

(En zo hadden The Kinks hun aureool weer even terug – zie Mr Unpleasant)

Deurwaarts

Eerst maar even de mislukte foto.

cafékoops

Is er desondanks een scherpzinnige stamgast die het uitzicht herkent? Het is moeilijk, ik geef het toe, ook doordat het meestal donker is als je zo’n bruin café verlaat, al dan niet in kennelijke staat. En zonder tegenlicht valt zo’n slijtplek amper op. Maar bij de volgende foto verwacht ik het juiste antwoord, zonder ook maar één uggeltje aarzeling gebruld uit honderden door Rolf & co gesmeerde überhaarlemse kelen.

koopsgordijn

En met Erkens’ Erker ernaast mag het voor erkende bavocentristen helemaal geen probleem opleveren.

grootkoops

Hoeveel intieme aanrakingen zijn er nodig geweest om de dikke, fluwelen stof tot deze staat van doorschijnendheid te brengen? Hoeveel onbehouwen rukken, weifelachtige betastingen, kordate zwiepen, wanhopige aanklampingen? Stel dat ik nu zo’n lap kreeg, in puike conditie, en ik moest er met mijn blote handen net zo lang over wrijven tot hij de textuur had van vitrage, hoe lang zou ik dan bezig zijn?

Een coproductie van de volhoudendste Haarlemse Koopsklanten, zo kan je zo’n plek zien. Als een symbool. Allemaal mensen die er zo goed en zo kwaad als het gaat het beste van proberen te maken. Op weg naar huis, of gewoon op weg. Waggelend, wankelend, zwenkend, struikelend, met afwijkingen naar links en rechts en die onbewust met hun gezamenlijke gestumper en geploeter een heel behoorlijke ovaal scheppen. Een gulden midden?

koopspaint

Of moet de wereld het juist hebben van de excentriekelingen, de spikkeltjes rond het ei? Op Twitter zag ik drie minuten geleden dit fotootje passeren. Ik plak het er maar onder, als een soort voetnoot:

CCGLbmtXIAEAmO9