Afteldagen

Ik weet niet of er een nationale behoefte is aan een naam voor de vier dagen tussen Kerst en Oudjaar? De Toptiendagen? De Lijstjesdagen? Desgevraagd zou het RaDa iets met ‘tellen’ willen voorstellen: de Afteldagen of anders gewoon de Teldagen, waarin je loom op de bank ligt en de balans van het jaar opmaakt – successen wegstreept tegen zeperds, je zegeningen telt en verliezen afschrijft.

Wat dat laatste betreft, hoelang blijf je hopen? In januari kocht ik dure handschoenen. Na enig twijfelen, want ik ben een sloddervos. Het ging een paar weken goed, tot ik in het donker langs de Lodewijk van Deijssellaan fietste. Ik frommelde en rommelde wat in een jaszak en toen ontbrak ineens een van mijn handschoenen.

.

eenling

.

Het kon niet anders of hij lag op een strook van niet langer dan 200 meter vanaf het Mendelcollege. Ik speurde en tuurde, maar zag ‘m nergens. De volgende dag keerde ik terug, nu voor het invallen van de duisternis. Ik hoopte dat iemand de handschoen op een zichtbare plek zou hebben neergelegd. Elke keer als ik nadien langs kwam, hoopte ik ‘m uit de goot te kunnen redden, besmeurd en verfomfaaid. Het zat me niet lekker. Zijn chique, glanzende wederhelft (zie boven) weigerde ik weg te gooien. Want je weet maar nooit, dacht ik aanvankelijk.

Die ander ligt al maanden in een kast. Als eenling. Overbodig. Telkens als ik ‘m zie voel ik een stil verwijt. De kans op een hereniging van het stel is miniem. Dus ik geef ‘m nog tot 6 januari 2018, dan is het welletjes.

.

handschoen

.

Jammer dat ik op mijn 21ste niet een grote partij identieke handschoenen heb gekocht. Dan had ik een verloren linker- of rechterhandschoen telkens direct kunnen vervangen, zonder wroeging en zonder een gang naar de winkel.

.

verlorenhandschoen

.

Gisteren in Zandvoort zag ik diverse vondelingen.


Nou, tel ze, allemaal en tot 2018!


Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Sporen

Mijn huidige huis kocht ik bijna twintig jaar geleden van een goede vriend van me; hij vertrok naar Frankrijk, waar hij in 2007 aan een hartaanval overleed.

Af en toe komt er nog post voor hem; geen handgeschreven brieven maar brochures van een deftige herenmodezaak, waarop zijn achternaam verhaspeld is. Opzeggen zou een kleine moeite zijn, maar dat doe ik niet. Elke keer dat ze een Winter Sale aankondigen zal ik even aan mijn vriend denken.

Ik nam bij de verhuizing ook een aanzienlijk deel van de inboedel over. Twee kachels staan er nog steeds; het meubilair verdwijnt stuksgewijs naar Rataplan: een eettafel, een bureau, de kapstok, lampen. De boekenkast is een blijvertje, die voelt inmiddels als ‘van mij’. Van het interieur is door de jaren heen het nodige vervangen of overgeschilderd – steeds meer ‘sporen’ van zijn bestaan worden gewist. Het laminaat beneden lag er al, maar is niet heilig – dat zal er op een dag aan moeten geloven.

Het meest ‘van hem’ is het glas-in-loodraam op de benedenverdieping, dat hij zelf ontwierp. Natuurlijk niet als monument voor zichzelf, maar dat is het voor mij mettertijd wel geworden. Als de zon er door schijnt, maak ik hem een postuum complimentje. Daarna komen herinneringen vanzelf.

.

ronsglas

.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Kerstboodschap

Slagroom, yoghurt, tuttifrutti, handperen, vanillestokjes, gember, roomboter, schapenkaas – mijn eigen Kerstboodschappenlijstje viel te overzien.

Het was niet buitensporig druk in de Dekamarkt zaterdagmiddag. Voor het schappenvullend personeel was het wel aanpoten en er waren veel onwennige shoppers. Alsof ze het nog moesten leren of door hun vrouw op pad waren gestuurd. “Hier, als jij dit nou haalt, alles staat op het briefje, want ik moet nog voor 12 personen roséaardappels in staartstervorm snijden en voor de pasteivulling moet ik al die duiven nog plukken.”

Bij de stellage met kaas stond een gebrilde man in een groene boswachtersoutfit te kijken of hij zojuist zijn kompas in een snelstromend beekje had laten vallen. Behoedzaam sprak hij een winkelmeisje aan. “Ik zoek de lijkgies, weet u die te staan?” Toen ze bedenkelijk keek, varieerde hij met ‘lieggees’. Terwijl zij ook deze nieuwe fonetische poging probeerde te koppelen aan een kaassoort uit het assortiment, bracht hij uit: “Het is een Chinese vrucht…”

Nu kon ik uitkomst bieden, al schatte ik de kans meer dan 80% dat hij met verse lychees thuiskwam in plaats van het gewenste blikje, of andersom. En dan moet zo’n man van zo’n vrouw weer terug, onder protest, nadat ze eerst samen nog even hebben geoefend op de uitspraak.

************

Bij de rij voor de kassa stond ik voor een echtpaar zonder karretje; hun enige aanschaf was een zakje bakpoeder. “Wilt u vóór?” vroeg ik. Dat wilden ze graag. “Ja, ík wacht wel…” bromde verongelijkt een besnorde veertiger met een zwarte hoed. Rekenkundig maakte het niet uit in welke volgorde de klanten voor hem werden geholpen, leek mij, maar als ik niet in functie ben leg ik niet graag dingen uit.

De hoeddrager had wel een karretje, met daarin alleen een pak met vier Page wc-rollen. “Wilt u óók voor?” vroeg ik gemaakt hoffelijk. Nee, dat wilde hij niet. Hij wilde gewoon verongelijkt zijn (al zei hij dat laatste er niet bij).

.

merel

,

Boom zonder Kerstlichies bij het Ripperda-complex, waarin vanmiddag een merel uit volle borst zat te zingen. Alsof het al mei was.

Santa-kleurig P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Kerstplanning

Een man van de wereld worden, is daar een een spoedcursus voor? Of desnoods alleen een Kerstman van de wereld? Zo was het fenomeen ‘foute Kersttrui’ finaal aan mij voorbij gegaan (de afgelopen veertig/dertig/tien/drie jaar).

Deze week hadden leerlingen van klas 6 het idee opgevat voor een vrijdagse Kerstbrunch met dresscode ‘foute Kersttrui’. Daar kon ik me best iets bij voorstellen, maar in mijn naïviteit denk ik dan: op weg naar school even door de Cronjéstraat om iets wolligs & lolligs uit een goedgevulde bak te graaien. Prijsstickertje eraf pulken en laat de Kerstjolijt maar komen! Alleen was de Wibra uitverkocht. Zeeman? Nee, kennelijk had ik ergens rond Pasen toe moeten slaan en niet op 22 december. Bij de Hema vond ik nog een grote, olijke Kerstmuts – als ik daar nou een gat in knipte en armpjes aan breide…

Met verbazing zag ik vervolgens met welke accessoires anderen (leerlingen en collega’s met een strakkere jaarplanning en een superieur inkoopbeleid) allemaal aan kwamen zetten. Hulstkleurige kostuums en meer geweien dan in de Waterleidingduinen bij Vogelenzang. Mijn favoriet waren deze knipperschoenen.

.

kerstschoenen4

.

Die muts heb ik vervolgens niet meer opgezet. Nou ja, thuis even. En wie weet komt er nog een kans de komende dagen.

.

kerstjas

De voltallige eenpersoons RaDa-reda in vol Kerst-ornaat

Hulstkleurig P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Schotermist

Ik had er 12 jaar geleden mee moeten beginnen: dagelijks een foto van de Schotersingel (maar ja, met hoeveel dingen had je twaalf jaar geleden moeten beginnen / stoppen? With hindsight…)

.

schotersingelmist

.

Vanochtend was het mistig. Een aangename, kalmerende mist – een dagje zonder horizon is misschien wel goed voor een mens.

.

schotersingel

.

Of dier. Deze drie duiven op de Noorderbrug leken besloten te hebben dat het een goede dag was om zich op hun gemak op te tutten en te genieten van het ontbrekende uitzicht.

.

mistduiven

.

mistduiven2

.

Zelfs deze koeten, de haviken onder de watervogels, pikten tam in het gras in plaats van in hun soortgenoten, eenden, zwanen, aangemeerde roeiboten, passerende waterskiërs en overvliegende zilvermeeuwen.

meerkoetem

.

Elke week een dagje mist, kunnen we dat niet organiseren? Het zou bevorderlijk zijn voor de geestelijke volksgezondheid.

Grijs P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Integriteit

Ken(de) ik ook eens een Kamerlid… Weliswaar van de VVD en weliswaar nr. 41 op de kandidatenlijst en Wybren van Haga werd minder dan twee maanden geleden beëdigd, op 31 oktober, maar toch, ik ken(de) een Kamerlid.

En nu al heeft Van Haga een integriteitsonderzoek aan zijn broek, aangezwengeld door partijgenoot Dijkhoff. De Haarlemse politicus, die op zijn website verkondigt te willen kappen in het ‘oerwoud van regels’ waarmee ondernemers te maken hebben, heeft enkele van zulke regels aan zijn laars gelapt als verhuurder van de ongeveer honderd appartementen die hij bezit. En toen bleek dat de gemeente Amsterdam de regels naleefde, zegde Van Haga (in paniek?) een aantal huurcontracten op, zonder zich veel gelegen te laten liggen aan de huurbescherming. Daarmee lijkt hij aan te sluiten bij de polonaise van in opspraak geraakte VVD-ers die menen dat regels boven een bepaalde inkomensgrens niet meer gelden.

Ik ben niet dik met Van Haga – niet zo obees dik als ex-Muggenmeester Bernt Schneiders, die zich (als PvdA-lid) liet verleiden tot een paginagrote advertentie waarin hij de kiezer opwekte op zijn achterbuurman te stemmen (Schneiders’ achterbuurman, voor het goede begrip).

.

Wybren

.

Mijn eigen contacten gaan niet verder dan een paar vriendelijke woorden, bij twee of drie gelegenheden. Maar ik weet dat hij een trouw afnemer is van de poëzie van de huisdichteres en ja, hij kent het RaDa. En bij dit soort gevallen merk ik wat een doetje ik ben, een kool- en geitspaarder en de wolf hoeft van mij ook niet eens altijd dood. Het hoofd van een vreemde op het hakblok leggen, ach, als het zo uitkomt doe ik het misschien, maar bij bekenden is het ineens een heel ander verhaal. En zelfs vreemden kunnen gaan voelen als bekenden. Toen Ton Hooijmaijers RaDa’s eigen knuffelgedeputeerde was, zette ik hem met plezier te kakken. Nadien, toen zijn imperium instortte en justitie hem hard aanpakte, betrapte ik mezelf af en toe op medelijden met die gestoorde schurk.

Wat van Haga betreft, laat ik eerst dat onderzoek maar eens afwachten – al vrees ik dat het er niet goed uitziet.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Opbouw

Deze week keek ik met een eerste klas de film Paddington, over het schattige beertje, en daarin is een bijrol voor Mr Curry, de glurende en zurende buurman – zo iemand als ik zelf soms vrees te worden.

Zo was daar donderdag ineens de opbouw. Vanaf de tweede etage kijken wij uit over de Bomenbuurt, de Planetenbuurt en dan immer geradeaus. Tot donderdag, toen stak daar ineens een houten staketsel boven de andere daken uit. Het was het begin van iets, de buurt mocht weten wat. Het zinde mij niet.

.

opbouw2

.

Toen ik later naar buiten moest, hield ik stil om een foto te maken. Onder het houten geraamte stond een man met een baard.

.

opbouwer

.

“Moet ik even glimlachen?” riep hij, niet overdreven vriendelijk.
“Nee maar als u die baard afscheert komt het de foto beslist ten goede” zei ik niet. [Ik liet voorzichtig doorschemeren dat zijn project voor mij als een verrassing kwam]
“Ik doe dit in opdracht,” riep de man.
“Gelukkig maar,” antwoordde ik niet. “Want anders zouden die mensen raar opkijken als ze thuiskwamen en hun huis ineens een opbouw had.”
[De bewoners van het pand ken ik overigens niet]
De bouwman vroeg waar ik woonde (d.w.z. vroeg zich af waar ik me mee bemoeide) en voegde er ongevraagd aan toe dat de tekeningen op het gemeentehuis lagen, met alle benodigde stempels.
“Wat onhandig nou,” zei ik niet. “Je zou denken dat uw opdrachtgevers zelf ook nog wel ergens een kopietje hadden. Overigens, het scheelt mij zo’n 5m x 2m x 7km = 70.000 m³ uitzicht.”

Voor die laatste som sta ik niet helemaal in. Niettemin, het zit me niet lekker. Later vroeg ik aan de Buurvrouw die mijn voornaamste bron is voor het ultralokale nieuws of zij weet had gehad van de bouwplannen. Die opbouw komt namelijk schuin boven haar tuin. Nee, Lieke?/Stientje?/Liedewijn? had niemand gekend in haar voornemen. Ze had stiekempjes de bouwvergunning aangevraagd en ineens stond die baard op het dak.

Ik vraag mij ondertussen af hoeveel Curry / Kerrie er in mij zit (en of het vroeger minder was).

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Bits and bobs

Oftewel ditjes en datjes. Zo werd ik heel attent geattendeerd op een stukje in Trouw over ‘internetsensatie’ Co de Roodt. Verantwoordelijk voor de ontregeling van het openbare leven begin deze week.

.

Coderoodt

.

Co de Roodt bestaat echt, staat er. Dit in tegenstelling tot mijn geesteskind Ko de Roo, door mij opgevoerd als aanstichter van al het sneeuwverwant onheil maandag. Nul reacties van de Verzamelde Raarlemmers, dus nah… Zeker een beetje flauw stukje, concludeerde ik (de lezer heeft altijd gelijk). Maar nu mijn Ko een zus blijkt te hebben, heb ik toch nog plezier van hem.

De humor ligt op straat, en schoonheid soms ook. In zo’n bussleuf tussen de perrons op station Haarlem zag ik een uitgewalst aluminium bakje voor afhaalvoer [even vergroten s.v.p.] Leve de pletterij!

,

afhaalkunst3

.

Het was een soort chip geworden, dankzij de banden van de superbussen. Zou het trouwens kunnen dat de chauffeurs hun rijstijl hebben aangepast aan de gestegen status? Of hebben ze nieuwe instructies? In IJmuiden waren drie ernstige ongevallen in korte tijd. Onze bestuurder van lijn 81 claxonneerde er driftig op los in de stad en toen hij de Zeeweg had bereikt, leek hij een poging te doen de geluidsbarrière te breken.

In het Kraansvlak verrichtten de elementen wonderen. Het mos fluoresceerde en de duinmeertjes hadden nieuw blauwsel. We zagen een regenboog en ik verblijdde de huisdichteres door een halve haiku van haar te citeren toen ik deze restsneeuw zag:

.

ijstijdhaiku

. 

Een klein stukje ijs
verscholen in het helmgras
liefs uit de ijstijd

Zagen we wisenten? Ja, in de verte, dankzij een tip van twee boswachters op een duintop. We maakten een praatje, loofden het gebied. Alleen die herrie van het circuit… Hadden wij nou domweg pech dat onze komst vaak samenviel met lawaaidagen? Lawaaidagen? Dit waren geen Lawaaidagen. Dit was alleen lawaai, zoals dagelijks te horen. (Voor mijn opvattingen over het circuit zie Tarzanbocht)

.

zonblauwgrijs

.

Toen barstte er een fikse regenbui los en gingen we verder richting Zandvoort. De wolken woelden herinneringen aan Orkney bij ons los (zie Regenschijn). Het strand was maar een meter of dertig breed en de branding zag er hongerig uit. Thalassa had verrukkelijke vissoep en… Voor een mini-vakantie van 3 uur hadden we ons niks beters kunnen wensen.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Gecryft!

Alle bezwaren van erkende über-Haarlemmers en klinkerknuffelaars tegen het asfalteren van de Dreef zijn verpulverd. Gecryft!

Ze mogen weliswaar nog even doorsikkemaren – de verantwoordelijk wethouder wil zo nodig nog wel ‘in gesprek’ met Haverkorn cum suis, maar daar zal toch meer een vorm van nazorg zijn dan een laatste kans om haar van mening te doen veranderen.

Heeft Cryfkes onverzettelijkheid te maken met de plotselinge verschijning van de superbus in het straatbeeld? We waren er misschien geestelijk beter op voorbereid geweest als we de Connexxion-posters (hier nog zonder Fred Teeven) serieus hadden genomen.

.

futureconnexxion2

.

‘Loop niet onder een bus was altijd al een behartenswaardig advies, maar de gevaartes van R-Net die sinds gisteren door de stad trekken nopen tot extra voorzichtigheid. Kijk dit is er een.

,

halvebus

.

Herstel, dit is een halve. De hele ziet er zo uit – let op het geknakte dak.

.

langconnexxion

.

Hoe de chauffeurs die in de enge uitsparing tussen de perrons manoeuvreren is een mirakel. De nieuwe bussen (die met een hoge frequentie naar de Bijlmer rijden zijn 21 meter. De voorste passagiers arriveren bij het Verwulft als de achterste nog op het vertrek wachten bij het station!

En omdat het uit de lengte of de hoogte moet komen, zijn er ineens ook dubbeldekkers. Strak, glimmend en waag het niet daar nog even voorlangs te glippen met een Twingo of een Fiat Panda. Je wordt verfrommeld als een kartonnen eierdoosje.

.

R-Netdubbeldekker

.

RNet

.

Het einde van de boemelbus lijkt nabij. Bij Connexxion mag je sinds 10 december niet meer contant betalen: ‘Dat is sneller, makkelijker en veiliger’, roepen ze om de vijf minuten behaagziek om. Geen teutende oude dametjes meer in de future! Overigens moet ik bekennen dat ik de afgelopen week dankbaar gebruik heb gemaakt van lijn 385, die mij zonder mankeren en glibberen naar mijn werk bracht. Ja, ik heb gemopperd over dat nieuwe traject (en daar heb ik geen spijt van), maar nu het er eenmaal ligt maak ik er dankbaar gebruik van.

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.

Tarzanbocht

Straatjournaal december ‘17

Werd Max met de helm geboren? Het gerucht gaat, maar zeker is dat vader Jos de eerste kinderwagen van zijn zoon al voor de geboorte had uitgerust met regenbanden en een knalpijp. Zijn eerste knuffel was een pluchen pitpoes en de Bambix werd al vroeg aangelengd met Red Bull. Max’ eerste woordje? TAR-ZAN-BOCHT! En daarna is het hard gegaan – letterlijk en figuurlijk.

Aanvankelijk waren er diverse tegenslagen en teleurstellingen. In zijn geboorteplaats Maaseik (België) maakte Max als 3-jarige zijn racedebuut in een trapauto van Bart Smit, waarbij hij in de laatste bocht door een onbesuisde inhaalmanoeuvre in de strobalen belandde. Karakteristieke overmoed? Onervarenheid? Max keek met betraand gezicht toe hoe zijn grootste rivaal, Rogier de Gasgever het podium triomfantelijk met een magnum Jip en Janneke-champagne besproeide. “Hij moet leren tot de finish het koppie erbij te houden” grauwde vader Jos. “Hopelijk kan hij hiermee dealen. En vanavond geen Sesamstraat natuurlijk.”

Drie weken later, in het naburige Gapenhoven, ging het wederom mis met Max, ditmaal door materiaalpech. De crankspie van de linker trapper begaf het en de bejaarde mecanicien Ludo de Sleutelaere was door opspelende jicht niet snel genoeg ter plekke om het euvel te verhelpen. Verstappen père destijds, net niet overstemd door een onbedaarlijk snikkende Max (die Bert & Ernie wederom aan zich voorbij zag gaan): “We hebben ons team nog niet rond – kwestie van sponsorgeld. Kijk naar Max zijn kruippakje en je ziet plekken zonder reclame. Dat zegt genoeg…” Later dat seizoen vielen alle stukjes van de puzzel alsnog op hun plek. Grote concurrent Wannes Rousdou werd in de chicane brutaal voorbijgestoken, waarna Max de eerste positie niet meer uit handen gaf.

Karten was een logische volgende stap. “Max is er als zevenjarige rijp voor,” sprak Jos. Bij zijn eerste wedstrijd werd het knulletje door de jury nog gediskwalificeerd wegens duimzuigen. De volgende 356 kartraces won hij.

Waarna geschiedde wat de kenners al hadden zien aankomen: ook in de Formule 1 staat er geen maat op Max. Inmiddels heeft de 20-jarige drie Grand Prix-overwinningen op zak en elke Nederlander die weleens in de file heeft gestaan, volgt iedere wielomwenteling. Want is het niet prachtig om, als je zelf net een uur hebt staan kniezen bij knooppunt Rottepolderplein, via de boordcamera mee te beleven hoe onze nationale coureur in Brazilië in een soort onderwaterrace tussen zijn rivalen door slalomt en bij die waanzinnige inhaalrace niet wordt geflitst? Bij de fandagen in Zandvoort kwamen vorig jaar 100.000 Max-maniakken opdagen om hun idool toe te juichen. Wir leben Max!

Onlangs verscheen Bernhard van Oranje in het journaal, zoon van prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, ons nationale geweten als het gaat om risicomanagement en verkeersveiligheid. En die Bernhard (zelf snelheidsduivel) presenteerde glunderend een haalbaarheidsonderzoek naar de terugkeer van het Formule 1-circus naar Zandvoort. En jawel! Het kon!! Binnen een paar jaar!!! Mits er een slordige 30 miljoen wordt opgehoest door overheid en bedrijfsleven, staat het licht op groen. En gelukkig, burgemeester Nick Meijer kent in zijn dorp maar ‘vijf of tien mensen’ die tegen zijn.

Lees: zuurpruimen en azijnpissers. Vreugdeloze types als ik, die anderen het licht in de ogen niet gunnen en de teringherrie in hun oren. Die miepen als ze op ‘geluidsdagen’ door Middenduin of het Kraansvlak lopen en er kilometers verderop iemand met een zwart-wit geblokte vlag zwaait, waarna motorengebulder en -geknetter urenlang de stilte verdrijven. Die dan tegen elkaar zeggen, kan er niet eens een haalbaarheidsonderzoek komen? Wat zijn de kosten en de baten als we dat helse circuit teruggeven aan de natuur?

,

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Paars P.S. : in de zijbalk kun je je abonneren op het RaDa – je krijgt dan een emailbericht zodra er een nieuw stukje is verschenen.