Hij leeft

FILE-EXPLOSIE kopte de Telegraaf met letters die een andere krant zou bewaren voor de Apocalyps. Onwillekeurig hield ik stil bij het krantenrek.

Net toen ik had vastgesteld dat het artikel over niets sensationelers ging dan het dichtslibbende wegennet, kwam een gekromd, kalend mannetje achter me staan. Net iets dichterbij dan je zou verwachten als hij alleen een krant had willen pakken. De schittering in zijn ogen toen hij me aansprak, was verdacht intens.

“Meneer, staat er toevallig nog in ofgrottigdovennete?”

“Pardon?”

“Staat er toevallig nog in dat God is overleden?”

Zijn blik liet me geen ogenblik los, er leek veel van af te hangen.

“Niet op de voorpagina’s in ieder geval.”

Hij kwam nog dichter bij me staan, alsof hij me een ondraaglijk geheim wilde toevertrouwen.

“Nou ja, als het zo was, dan gaf dat niet. Weet u, dan zou Hij de volgende dag gelijk weer herrijzen.”

Als het een grappenmaker was, viel dat nergens aan af te lezen; voor een godsdienstfanaat sprong hij echter wel erg losjes met de theologie om.

“Snapt u? Snapt u?”

Ik knikte, zo neutraal mogelijk. De geheimzinnige profeet fixeerde me nog even, hief zijn hand en zonder een woord vervolgde hij zijn weg door het Kleverpark.

 

.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *