Vriendinnen

We lopen langs de Wagenweg. Vijf schoolmeisjes rijden ons langzaam tegemoet over het fietspad. Zonder dat wij zien hoe het gebeurt, maakt de achterste een smak en landt half op de rijweg. Het is een lelijke val. Ze ligt met haar knieën boven haar stuur. Als wij op gelijke hoogte komen, is ze nog bezig tas, stuur en rok te ontwarren.

De vier anderen zijn gestopt en staan erbij; ze kijken roerloos toe. Schijnbaar onaangedaan, uitdrukkingsloos als etalagepoppen. Niemand zegt een woord, niemand steekt een hand uit, hoewel de fiets gedeeltelijk op de drukke rijweg ligt. De lange stilte is onwerkelijk.

De huisdichteres en ik kijken verbluft toe. Het zwijgen houdt aan tot de stoet zich eindelijk weer in beweging zet. We kijken elkaar aan. Hebben we het goed gezien? We kunnen het niet plaatsen.

***** 

Dat was gisteren. Vanochtend ging ik naar het Oude Zuivelhuis voor mijn boodschappen. Op de stoep bij de winkel staan zes meiden van een jaar of vijftien met fietsen. Middelpunt is een negermeisje in blauw spijkerjack, dat uitvaart tegen een van de anderen. Met snerpende, luide stem. “Jij moet het geweest zijn! Jij hebt me verraden! De politie had het van iemand gehoord. Door jou moet ik nou een maand zitten. Hoor je me, ze moeten het van jou hebben…”

Ze krijgt weerwoord noch bijval. Iedereen zwijgt. Aan de gezichten valt niks af te lezen. Ik ga de winkel in, de monoloog is binnen nog hoorbaar. Als ik even terugloop voor de macaroni zie ik dat de constellatie van de groep ongewijzigd is; de toehoorders kijken nog even ondoorgrondelijk. Als ik een paar minuten later naar buiten kom, heeft de spreekster haar aanklacht blijkbaar afgerond. Ze kijkt uitdagend rond. “Zo, en nou wil ik een peuk!”

Zelf heeft ze geen peuk. De anderen frummelen wat in tassen en zakken. Het blijft stil.

Ik blijf niet staan voor een praatje, ondanks alle vragen waar ik mee zit.

.

4 gedachten over “Vriendinnen

  • 18/10/2008 om 11:47
    Permalink

    Ja, dat jong zijn is een eenzaam bedrijf.

  • 18/10/2008 om 14:32
    Permalink

    Een paar maanden geleden op de Wagenweg ter hoogte van Terstal; Een groepje 10 tot 12 jarige staat uitgebreid te kletsen op het fietspad. Ik stop en wacht geduldig, niemand maakt aanstalten. Dan vraag ik het beleefd, “dag jongelui”, zou ik er even langs mogen” Als reactie begint een meisje omstandig uit te leggen dat men in gesprek is en dat ik mij desnoods wel door het resterende gaatje tussen de groep en winkel kan persen.

    Net op tijd realiseer ik mij dat ik van doen heb een stelletje rasrepresentanten van de onderhandelgeneratie. Ik wijzig mijn benadering en vloek “als jullie nu niet heel snel opsodemieteren dan etc…” Daar waren de tere kinderzieltjes niet tegen bestand, vooral het jongetje keek mij verbijsterd met angstogen zo groot als theeschoteltjes aan.

    In het voorbijgaan – er was inmiddels plaats gemaakt – kwam de dapperste van de Olylly generatie op mij af en scandeerde;… óngewenste intimiteiten, óngewenste intimiteiten!!!

  • 18/10/2008 om 19:33
    Permalink

    Van zo’n verhaal word ik even stil. Mooi beschreven, goed verhaal. Actueel. Clash van groepsculturen, generatieverschillen? Ik ken veel schoolmeisjes die anders in elkaar zitten dan Marius beschrijft. Ik zie juist allerlei betrokkenheid en inleving.

    De meisjes en het ongelukje: misschien is het dat ze alleen maar verbouwereerd zijn: de achterbankertjes zijn niet gewend aan moeilijkheden, en als die zich dan voordoen, het echte leven zeg maar, dan vallen ze stil. Wat deden Marius en de huisdichteres trouwens? Ook die zetten niet het verkeer af. Kanttekeningetje.

    En die andere meiden: dat klinkt meer als de hiphopcultuur. Daar hoort randcriminaliteit er een beetje bij, dat is subcultuur. Opmerkelijk hoopvol is het: “en nou wil ik een peuk”, gevolgd door het collectieve zoeken naar peuken in jaszakken.

    Er zijn flinke cultuurveranderingen gaande, maar de mens blijft zichzelf: de jeugd lijkt hard; maar kijk nou eens goed. Is het ook zo?

    Quintillianus merkte reeds op dat het onderwijs niets meer voorstelde in zijn dagen. Tegen dat licht zie ik de huidige ontwikkelingen.

  • 19/10/2008 om 17:11
    Permalink

    Natuurlijk was het in de dagen van Quintillianus (wie leest hem nog?) geen haar beter, maar je had nog geen fietsen en peuken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *