Verzamelde Werken

Een worst bookcase scenario: ik moet in quarantaine, de boekwinkels sluiten, ik moet het uitzingen met wat nu thuis aan lectuur op de plank staat. Hoe erg is dat?

Ik kom er zo op omdat ik me de laatste tijd steeds meer erger aan mijn eigen onsystematische, wispelturige, slonzige leesgedrag. Of is het koopgedrag?

Ik laat kartonnen dozen en losse stapels ramsj en mufriekende pulp her en der in huis even buiten beschouwing en beperk me tot de grote boekenkast in de woonkamer. Zo’n 500 boeken, schat ik (wie denkt dat het veel is, moet eerst zijn eigen bibliotheek even tellen).

Alvorens ik gedwongen word tot herlezen (op zich geen ramp, in tijden van een worst case scenario) of tegen beter weten in begin aan boeken die altijd te moeilijk voor me zullen blijven (Finnegans Wake, en hoe kom ik aan Rorty’s Philosophy and the Mirror of Nature?) of aan de aperte miskopen (drie deeltjes vertaalde erotische Arabische literatuur?!?), lees ik eerst alle meesterwerken uit die ik ooit terzijde heb gelegd omdat andere boeken voordrongen, actueler, urgenter of prikkelender waren, of omdat ik aan variatie toe was na een paar honderd pagina’s – hoe doorwrocht of onderhoudend ook.

Nu wordt het echt genant; want het is véél, zo véél!

Imponeercassettes, waarvan je bij de aanschaf al op je vingers kon natellen dat je het na hoogstens anderhalf van de vijf deeltjes voor gezien zou houden. Biografieën die al na de eerste verloofde of de eerste jeugdpuistjes van de hoofdpersoon uit de gunst raakten (al nam ik me destijds heilig voor ze t.z.t. – altijd t.z.t.! – t/m het grafschrift te bestuderen). Gargantua en Pantagruel heb ik nooit helemaal verstouwd – daar zou ik nog wel even zoet mee zijn – en ook bij The Life & Opinions of Tristam Shandy trad na deel IV (=p. 333) verzadiging op. De Wereld van Plinius was mij te veel ineens en The Concise Pepys had nóg wel wat beknopter gemogen, met 918 pagina’s. De antholologie met Klassieke Chinese poëzie kijkt mij smekend aan, want aan de Song- de Jin- en de Yuan-dynastieën kwam ik nimmer toe. Van de door mij de afgelopen decennia verzamelde Verzamelde Werken heb ik maar een minderheid van kaft tot kaft gelezen.

Wat resteert is genoeg voor een welbesteed mensenleven. Als ik een rationeel wezen was, zouden Athenaeum en de Kennemer Boekhandel mij de eerste jaren niet meer terugzien.

Soms voel ik de verwijten van al die Groten en Onsterfelijken en neem ik mij voor een streng leesregime te volgen, maar langer dan twee of drie achtereenvolgende AKO-boekentoptiens duurt dat nooit.

.

5 gedachten over “Verzamelde Werken

  • 10/08/2009 om 10:25
    Permalink

    Haha, ik kan me hier volledig in vinden; ik heb eenzelfde abominabel leesgedrag! (en Rorty’s boek is overigens overal te krijgen hoor, zie bijv. eurobuch.com)

  • 10/08/2009 om 10:43
    Permalink

    Ik heb het één-in-één-uit-principe: de kasten zijn vol, en losse stapeltjes worden niet toegestaan. Op den duur condenseert je boekenkast tot een gestroomlijnde weergave van je smaak. Alle zijsprongen en onzuiverheden zijn afgevoerd, en wat er in je kast staat, hoort daar ook.

  • 10/08/2009 om 11:12
    Permalink

    De oplossing is: woon in het buitenalnd. Als je enkel 20 kg mag vervoeren, word je keuze van boeken al snel tot het meest lekkere en noodzakelijke teruggedrongen.

  • 10/08/2009 om 20:48
    Permalink

    Wat te doen. Ik zelf heb ooit mijn bibliotheekpas twee jaar lang niet geactiveerd, dus in die twee jaar kon ik mij richten op het achterstallig leeswerk. Dat scheelde al wat. Dikke pillen, Leven & Lot, bijvoorbeeld, 900 blz. lees ik nog wel steeds uit. Ik kies dus voor een niche: de Russische klassieken, (en nog enkele overzichtelijke gebieden) dat scheelt een boel tijd. Meesterwerken die mij worden aangeraden, die koop ik zelden:je weet niet wat andermans criteria zijn tenslotte. Ik ben een sterveling, dat is mijn worst kaas scenario. En het zou oneerlijk zijn als een Onsterflijke een sterflijke iets gaat verwijten. Ik heb me er bij neergelegd dat ik in de mij toegemeten tijdspanne niet alles kan wat ik wil. En dat geldt voor vele gebieden. Een mens wil tenslotte ook nog in de kroeg hangen, hardlopen, VN lezen, bootje varen, poeziefestival in Elswout op 22 augustus bezoeken et ceters. De renaissancemens bestaat niet meer. Kop op.

  • 17/08/2009 om 10:54
    Permalink

    De een heeft een boekenkast, de ander een bootje, zo moet je het zien. Met zo’n bootje vaar je twee drie keer per maand. Groot voordeel, een boekenkast staat binnen en ook bij slecht weer is het onderhoudende levensgezel.

    Trouwens, Rorty heb je van mij gekregen, heb je dat @#&* nou nog niet gelezen…?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *