Meteen naar de inhoud

HIHIhaHAhahi

Geschreven voor Straatjournaal (juli ’22)

Er zijn van die dingen waar je zelden bij stilstaat, juist omdat ze onlosmakelijk deel uitmaken van je persoonlijkheid. Zo neem ik aan dat jullie weleens uitbundig lachen. (Roep nu eerst even op hoe je dat doet.) Want net als met lopen, praten, je neus snuiten of je handen wassen heb je daarin je eigen stijl. Ontwikkeld, veronderstel ik, zonder dat iemand je daar ooit bij geholpen heeft of bijgestuurd.

Van je naasten en vrienden weet je hoe ze lachen, iemands lach is tamelijk karakteristiek. Maar hoe kómen mensen aan hun unieke sound? Ik ken iemand met een akelige tweetrapslach: een onschuldig, gorgelend introotje, gevolgd door een explosie van geluid ( een theepot die aan gruzelementen knalt op een stenen vloer). Mijn andere humortjes houd ik wel voor me, denk ik altijd na zo’n uitbarsting. Dit is niet leuk meer, Guus.

Guus lacht al zijn hele leven zo, tot verdriet van anderen, en kan zich niet meer bijscholen. Er bestaan weliswaar lachcoaches, maar als ik het goed begrijp bemoeien die zich, anders dan zangcoaches, niet met ritme, volume en klank. Hun pupillen moeten juist alle schroom afwerpen en zich laten gaan (hihihi, hahaha!) om zo te ervaren ‘wie ze zijn’.

Mijn eigen lach krijgt goede recensies. Luid, losjes rollend en spontaan – aanstekelijk genoeg om een stroef publiek bij een theatervoorstelling mee te krijgen. Ik heb weleens overwogen me te verhuren aan cabaretiers en anderen die moeten leven van de lach. Zo’n gulle lach is geen eigen verdienste, er is niet aan gewerkt; ineens had ik ‘m en toen is ie wegens succes geprolongeerd.

Ik dacht daarom dat het iedereen van nature was gegeven om smakelijk te lachen als dat zo uitkomt, tot ik op een internetforum deze hartekreet van Nora tegenkwam: Ik kan dus echt niet lachen. Als mijn vriendinnen in een deuk liggen, is het voor mij vaak ‘een simpel grapje’. Ik snap niet waar ze zo’n lol om hebben! Ik glimlach een beetje, maar meer niet. Vooral lachen met geluid is voor mij moeilijk. Het lukt me gewoon niet. Ik vind het wel jammer, hierdoor kom ik vaak serieus en onzeker over. Ik zou graag willen ‘leren’ lachen, heeft iemand tips? Zijn er eigenlijk meer mensen die niet goed kunnen lachen? Ik kan wel een lachje ‘opzetten’, maar dat klinkt heel dom en nep.

Rianne reageert dat zij het bij het minste of geringste al bescheurt – weer het andere uiterste. Zij zou graag wat van haar lachkriebels aan Nora afstaan. Thomas Piketty zei het al, het is oneerlijk verdeeld in de wereld.

Vorige week reisden wij ‘s ochtends met de trein naar Haarlem. Vanaf Zwolle hoorden we uit een coupé verderop een niet te negeren schaterlachestafette. Het ene salvo na het andere. Gieren, gillen, geiten, proesten, janken. Aan giecheltjes, gniffeltjes en binnenpretjes deden ze niet. Zes uitgelaten vrouwen van een jaar of 35. Zitten Herman Finkers en Jochem Myjer erbij als gangmaker, vroeg ik me af. Tot Almere (= een half uur) varieerden ze op hun thema’s, deden lachcanons en lachduetten. Als het drie tellen ophield, was dat slechts de stilte voor de volgende lachstorm.

In Almere stapten wij over voor CS en zij ook. Oei, ze kwamen vlakbij ons zitten en gingen zoals ik vreesde verder op hun melige schoolreisjetoer. Eenvoudige humor, laat ik het eufemistisch zeggen. Mijn hoofdstuk zou ik niet meer uitkrijgen, wist ik toen het schuddebuiken en dijenkletsen onverminderd doorging. Om me heen zag ik hoe reizigers die graag hadden volhard in hun dagelijkse stuursheid en ernst langzaam ontdooiden. Ook degenen die misschien in de vorige eeuw voor het laatst echt hadden gelachen, moesten zich net als ik gewonnen geven bij zoveel onstuitbare vrolijkheid. Lachtherapie voor de hele coupé!

.

Hij moet nog groeien, maar er is weer een kikker in de vijver


 

1 reactie op “HIHIhaHAhahi”

  1. Na de vliegschaamte en de vleeseetschaamte heeft de lachschaamte zich van mij meester gemaakt. Het lachen is mij vergaan zou ik kunnen zeggen. Sinds Rusland ….., en dagelijks een woonblok wegbomb…rd met vaak tientallen…… en gewonden tot gevolg vraag ik mij af of de gulle lach nog wel gepast is. Soms grinnik nog wel eens….stiekem.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.