Meteen naar de inhoud

Balkenbrij

Mijn vrije associaties met balkenbrij? Dan kom je toch uit op het braaksel van een ezel dat door de (kans)armen van vroeger eeuwen 13 uur werd ingekookt. Op smaak gemaakt met geweekt karton en rommelkruid en dan tegen je twaalf uitgemergelde kinderen bluffen dat het een delicatesse is, met een lange traditie.

Nou wilde het geval dat wij de afgelopen dagen Vlaamse vrienden te gast hadden die wij voor levenskunstenaars houden. Die het zijn, ook, op een warmmenselijke, niet-snobistische manier. Ze brachten voor ons pralines mee van vooraanstaande Gentse chocolatiers en aan ‘slobberwijn’ doen ze niet: hun smaakpalet is veel breder dan het mijne en hun ogen lichten op en sluiten zich waarderend als ze in een speciaalbier een accent van fenegriek of kummel ontdekken.

Cultureel hadden we ze al onthaald op het beste dat de streek te bieden heeft (Kasteel het Nijenhuis) en culinair dachten we direct aan balkenbrij. Nee, niet. Maar gisteren, aan de andere kant van de rivier, kwamen we niet geheel toevallig door Oene, waar wij veinsden bij slager Ter Weele (ja, die van die sensuele biefstuk) een onsje ontbijtspek te willen kopen. We vergaapten ons aan het rijke assortiment, kochten worst en wild en souvenir-bier van Veluwse brouwers en toen lag daar die vacuüm verpakte balkenbrij, stukken zo groot als een halve baksteen.

‘Kan je dat eten?’ vroeg ik, op zo’n toon dat het nét niet beledigend was. ‘Je moet ervan houden’, kwam het van de andere kant van de toonbank. ‘Maar er zíjn mensen die ervan houden?’ drong ik aan.

Vrije associatie ‘balkenbrij’

Hierop ontstond spontaan een balkenbrijpraatgroepje (klanten én personeel, pro en anti). In dunne plakken snijden, en heet bakken, dat was de consensus. De doorslag gaf de jongen achter de toonbank die blozend én glunderend vertelde dat hij het het liefst at op een wit kadetje, met mayonaise. We kochten zo’n pakje. Na een wandeling bij Olst streken we thuis rozig neer en vergrepen ons… nee, we organiseerden een proeverij van Ter Weele-producten en Epe-bier. Uiteindelijk moest ook die balkenbrij eraan geloven. We zouden ‘m een eerlijke kans geven (vers brood, bakken in boter) en met goodwill benaderen.

Ik verdrong de herinnering aan die keer dat ik met een vriend uit nostalgie Smac had bereid (zie Smac-fest). Die balkenbrij had dus werkelijk alles mee: we nuttigden hem (in goed gezelschap, in puike stemming) met een frisse salade en augurken. Ik zal de spanning niet hoger opvoeren en hier alleen het unanieme vonnis van de smaakjury geven: vier stemmen vóór, nul tegen.

Op Smulweb staan 73 recepten met balkenbrij. Vroeger werd het gemaakt met slachtafval, ahum… En rommelkruid. Zelf maken is vermoedelijk een stap te ver, maar als we weer eens in de buurt van Oene komen, gaan we hun variant met wild in plaats van varkensvlees denk ik ook proberen.


 

2 reacties op “Balkenbrij”

  1. Jullie zijn echt al beter geïntegreerd dan wij. Aan balkenbrij durf ik me nog niet te wagen. Zie ‘t wel bij de Jumbo liggen.
    Misschien toch een poging wagen.

  2. Oma Hubers maakte vroeger zelf balkenbrij, met ? Ja, echt hoor, rommelkruid.
    Ik geloof dat haar kinderen het wel lekker vonden.
    Ze vertelden het tenminste smakelijk over.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *