Meteen naar de inhoud

Literaria

Quirina of niet?

‘Ik ben ook nog schrijver. Het is zo, ik kan het bewijzen.’ Ik had besloten Lodewijk Wiener te eren (een stadgenoot, stadgenoten!), of hij nou vanavond bij Nova die begeerde Libris Prijs wint of niet. Ik hoop dat ik het mis heb, maar op de een of andere manier lijkt hij me toch een schrijver met een hoog AZ-gehalte. Prijzen pakken is iets anders dan prachtig schrijven… En dus kocht ik… Lees verder »Quirina of niet?

De Tuinkamer

‘Maar ik heb haar helemaal niet gezoend. Sterker nog,’ hij wees op zijn verkreukelde overhemd, ‘ik ben met kleren en al in bed gedonderd. Bovendien, adel zoent niet, dat weet je toch?’(p.107) Aldus Louis Ferron, wanneer hij ‘s ochtends in zijn huis wordt betrapt met een vreemde vrouw. Het citaat staat opgetekend in ‘De tuinkamer’, het boek waarmee zijn vrouw Lilian Blom hem ruim een jaar na zijn dood herdenkt. ‘Rouw is… Lees verder »De Tuinkamer

Centraal Boekhuis

We beginnen met de feiten (feiten! Niemand ooit iets misdaan, altijd gewoon zichzelf!). Een hier ten huize goed bekend staande dichteres brengt een tweede bundel uit (laten we hem ‘Terug naar de Apotheker’ noemen). Haar uitgever (flamboyant, royaal, bevlogen, eigengereid) let te weinig op de reçuutjes en de reçu’s en ja… 439 ‘Apothekers’ liggen nog opgeslagen bij het Centraal Boekhuis (waar 95% van alle Nederlandse en Vlaamse boeken wordt bewaard).… Lees verder »Centraal Boekhuis

Winnaarstype

“Schat, zijn de haiku’s al gaar?”jutte ik de huisdichteres de afgelopen dagen regelmatig op – de inzendtermijn was haast verstreken en de portemonnee moet hier thuis ook roken. Naamsbekendheid is alles in de 21e eeuw. “Er zijn al 1600 inzendingen vóór je!” Ze snoof dan hooghartig en keek me aan met haar gevreesde ‘waren-die-zeventig-half-vergane-4Mavo-boekverslagen-die-ik-gisteren-onder-de-bank-vond-toevallig-van-jou-en-zo-ja-zou-je-die-dan-niet-eens-als-de-wiedeweerga-gaan-nakijken?’-blik. En ze had gelijk. Waar bemoei ik me ook mee!??? Zie de voorpagina van het HD… Lees verder »Winnaarstype

Tepelmoeheid

Kennen jullie die van de man die alle 205 pagina’s van het dagboek van Mensje van Keulen wou lezen? Hij trok het niet!!! Dat zit zo. Op bladzijde 200 van Alle dagen laat botste de man (ík was het niet) op deze zinnen: Zo maar pardoes begonnen ze te giechelen. Miss Gillians rug en benen ontspanden zich, haar tepels stelden vragen. Hier kon de man niet verder. Het boek had… Lees verder »Tepelmoeheid

Torrentius

‘Hij zuipt als een ketter, verheerlijkt harde porno en drijft bovendien de spot met God.’ Vreest niet, beste Raarlemmers, het gaat niet wéér over de Gedeputeerden van Noord-Holland! Carlo Nijveen schrijft vandaag in Grote Broer het HD over een Haarlemse huisarts, Haiko Jonkhoff (zelf van onbesproken gedrag), die lobbyt om in de schildersbuurt een straat of liever nog, een plein vernoemd te krijgen naar Johannes Torrentius – en díe wilde… Lees verder »Torrentius

Losers en Loners

‘Zijn wereld stortte in toen Gerard Reve, met wie hij bij Van Hattum regelmatig had zitten scrabbelen, in een tijdschrift een van zijn verhalen negatief besprak. Membrecht: ‘Toen ik hem tegenkwam zei ik : maar, Gerard, waarom heb je dat nou gedaan? Zo slecht is het toch niet? Dat weet ik wel, zei Reve, maar ik had een rothumeur.” (p.103) Membrecht is Steven Membrecht, één van de mislukte romanciers in… Lees verder »Losers en Loners

Na de Sociale Dienst

Een dakloze, paranormaal begaafde hermafrodiet die een manke topcrimineel wegrukt voor de wielen van een wegrijdende trein en na die innige omstrengeling bij hem intrekt – waar kom je dat nog tegen? In En knielde voor hem neer, de nieuwe ‘roman’ van Nicolien Mizee, bijvoorbeeld, gisteren gepresenteerd in boekhandel De Vries en vandaag in Grote Broer het HD brommerig besproken door Wim Vogel: (…) geen interessante mensen die wijs, geestig,… Lees verder »Na de Sociale Dienst

Eenzaam oeuvre

‘Ik ben geboren als schrijver, de geboren schrijver van een eenzaam oeuvre, dat ik tegen de klippen op heb uitgehouwen uit de rotswand van mijn twijfels.’ (L.H. Wiener, ‘De Verering van Quirina T.’, pag. 7) In mijn vrijdagse café, gezeten aan een van de tweepersoonstafeltjes waar iedere binnenkomer langs moet, zit een al wat oudere stamgast. Met cappuccino en appeltaart. Zijn gezicht is grof geschramd en gebutst, lelijke auberginekleurige zwellingen… Lees verder »Eenzaam oeuvre

Stadsgedichten

‘Rotte plekken in de stad leiden niet vaak tot poëzie’, schrijft de jury van de Trouw schrijfwedstrijd vandaag lichtelijk verongelijkt. 150 gedichten over 65 verschillende plaatsen kregen ze binnen – voorwaar geen slechte oogst, maar er was kennelijk gehoopt op een fikse dosis binnensteedse Angst. Het hele Leefbare A-Z van Afrekeningen (crimineel) tot Zwerfvuil hadden ze in toxische ‘vers libre’ gegoten willen zien en in plaats daarvan zwijmelen die zijige… Lees verder »Stadsgedichten